Zwanger? Meteen beslissen: wel of geen test

Zorg

Meer dan eenderde van de zwangeren laat de NIP-test uitvoeren. ‘Ik geef geen adviezen, alleen informatie’, zegt de verloskundige.

Verloskundige Mary-Elliz Sheridan van Geboortecentrum Amsterdam bij een intakegesprek over onder meer de NIP-test. Foto Olivier Middendorp

Mary-Elliz Sheridan (54) is verloskundige, zelf zegt ze liever vroedvrouw. „Ik verlos niemand, ik sta erbij, zo vroed mogelijk te zijn.” Vroed betekent wijs. Ze doet het werk al 27 jaar, bij nacht en ontij, maar geen grijze haar of rimpel te zien. „En als ik ze had”, zegt ze, „zou ik er niets tegen doen”.

Het Geboortecentrum Amsterdam, waar ze met zeven andere verloskundigen praktijk houdt, zit in een voor auto’s afgesloten straatje in Oud-West. Er is ook een consultatiebureau en een geboorte- en kraamhotel. De vrouwen die hier komen hebben allerlei achtergronden, ook wel Turks en Marokkaans, de meesten zijn hoogopgeleid. De vrouw die Mary-Elliz vanmiddag ontvangt, werkt als verkoopster in een bakkerij. Ze is 30, ruim acht weken zwanger en komt, samen met haar vriend, voor de intake. Medische voorgeschiedenis, sociale omstandigheden. „Geen echo?”, vraagt ze. Nee, vandaag niet. „O, jammer.”

Na twintig minuten begint Mary-Elliz Sheridan over de prenatale screening, een belangrijk doel van deze bijeenkomst. De vrouw en vooral haar vriend gaan nog wat rechter zitten en hun blik, eerst vrolijk, wordt ernstig. „Lastig”, zegt zij. „We hebben er van alles over gelezen en we willen zeker een test doen, maar welke? Wat adviseer jij?”

„Ik geef geen adviezen”, zegt Mary-Elliz Sheridan. „Alleen informatie. Het is jullie keuze. Willen jullie informatie?” Ze vertelt volgens protocol over de NIPT, de niet-invasieve prenatale test, en dat daarmee met grote procent zekerheid het down-, patau- en edwardssyndroom kan worden opgespoord. Vooral die laatste twee syndromen leiden tot zeer ernstige lichamelijke en geestelijke gebreken, de kinderen overlijden vaak voor de geboorte, anders kort daarna. Ze vertelt over de voorheen gangbare combinatietest, die minder zekerheid geeft, maar waarbij ook een echo wordt gemaakt, voor een nekplooimeting, en die kan structurele afwijkingen bij het kind aan het licht brengen. Ontbrekende organen of ledematen.

„Kunnen we ze ook allebei laten doen?”, vraagt de man. Kan. Maar dat kost wel geld en de overheid geeft maar één keer subsidie. „Ik vind dat niet nodig”, zegt de vrouw. „Als er wat uit die NIPT komt, krijgen we vanzelf een vervolgtest, toch?” Ze kijkt naar de verloskundige. Die knikt. „Dan kun je een vlokkentest of een vruchtwaterpunctie krijgen.” En die worden vergoed door de verzekeraar.

Op de valreep

In het Geboortecentrum Amsterdam laten ongeveer negen van de tien vrouwen zich testen, ver boven het landelijk gemiddelde. En van die negen, zegt Mary-Elliz Sheridan, kiest de meerderheid voor de NIPT. Wat doen vrouwen als de uitslag niet goed is? „Sinds april hebben we dat vier keer meegemaakt. En in alle gevallen besloten de vrouwen tot een abortus.”

Mary-Elliz Sheridan heeft zelf drie kinderen: van 22, 20 en 18. Bij de laatste zwangerschap was ze 36 en kwam ze in aanmerking voor een vruchtwaterpunctie. Heeft ze die laten doen? „Op de valreep”, zegt ze. „Een collega raadde het me aan. Als de uitslag goed is, zei ze, hoef je er niet meer over na te denken.” Maar het idee dat ze mogelijk voor een moeilijke keuze kwam te staan, vond ze verschrikkelijk. Wat had zij gedaan als de uitslag niet goed was geweest? „Heel eerlijk, dat weet ik niet.” Ze vindt het jammer dat het eerste gesprek met zwangeren meteen zo beladen is.

Hilda Krol (23) en Marije Feenstra (26), twee van de vier verloskundigen in Gezondheidscentrum Bonnehûs in Leeuwarden, betwijfelen ook of ze zelf een test zullen laten doen als ze zwanger worden en dat heeft te maken met hun geloofsovertuiging, PKN-gereformeerd. „Ik zou de zwangerschap toch niet laten afbreken”, zegt Hilda Krol. „Ik ook niet”, zegt Marije Feenstra. „Al denk ik wel: als je weet dat je een kind met downsyndroom krijgt, kun je je beter voorbereiden.” Haar vriend denkt er anders over. „Die neigt meer naar wel screenen.” Ook meer naar afbreken als de uitslag niet goed is? „Dat denk ik niet.” Maar ze zien vaak dat mannen voor een test zijn en vrouwen aarzelen.

Eritrese vluchtelingen

Het Bonnehûs staat op de grens van nieuwe laagbouw en oude flats, er komen Friezinnen, vrouwen met een Turkse of Marokkaanse achtergrond en ook wel Eritrese vluchtelingen. Die krijgen geen test als de verloskundigen de boodschap niet kunnen overbrengen. De vrouwen met een Turkse of Marokkaanse achtergrond kiezen zelden voor een test, ze zullen de zwangerschap toch nooit laten afbreken. Van alle andere vrouwen kiest bijna de helft voor een test, net als het landelijk gemiddelde. En dan kiezen ze bijna altijd voor NIPT.

Hilda Krol en Marije Feenstra hebben sinds april niet meegemaakt dat de uitslag niet goed was. Speelt de 175 euro een rol? Soms, zeggen de verloskundigen in het Bonnehûs. Zou de test gratis moeten zijn? (Dat wordt-ie niet, dat plan heeft de Tweede Kamer net afgewezen.) „Als je ervoor moet betalen,” zegt Marije Feenstra, „denk je er misschien beter over na”. Ze vertelt dat ze bij de intake altijd zegt dat het niet hóéft, dat testen. En dan zijn sommige vrouwen verbaasd. „O, hoeft het niet? Ik dacht dat het moest.”