Een cadeau voor Willem V: een zevenjarig Afrikaans kind

Slavernij

Schrijver Esther Schreuder bracht het leven in kaart van twee Afrikaanse kinderen die als slaaf cadeau werden gedaan aan het hof van Willem V.

Bediende, vermoedelijk Cupido, op werk van Isaac Lodewijk la Fargue van Nieuwland (1766). Prent Collectie Rijksmuseum

Het is 1766. Een Afrikaans jongetje, geboren in Guinea, is zeven jaar oud als slavenhandelaren hem scheiden van zijn ouders. Ze doen hem cadeau aan stadhouder en hoofd van de West-Indische Compagnie Willem V van Oranje-Nassau. Hij krijgt de naam Willem Frederik Cupido (slaafgemaakten mochten hun eigen naam niet houden), werkt veertig jaar als bediende en overlijdt rond zijn 46ste. Cupido is de voorvader van veel Nederlanders. Wie is deze man?

Over het leven van zogenoemde ‘hofmoren’ was nog weinig bekend. In Nederland was hun leven nog niet onderzocht, vertelt schrijfster en kunsthistorica Esther Schreuder. Haar woensdag uitgekomen boek Cupido en Sideron, twee moren aan het hof van Oranje, brengt daar verandering in, evenals de tentoonstelling Afrikaanse bedienden aan het Haagse Hof van het Haags Historisch Museum.

Schreuder onderzocht vier jaar het archief van het Koninklijk Huis. Over bedienden aan het hof bestaan veel aannames, zegt ze. Zo zouden ze zijn behandeld als huisdieren en zou een deel als volwassene zijn afgedankt. Schreuder besloot uit te zoeken wat hiervan klopt.

Slavenhandelaren brengen tijdens de trans-Atlantische slavenhandel honderden kinderen naar Nederland om als bediende te werken. Cupido en Sideron komen bij Willem V in Den Haag terecht.

Een uitsnede van het schilderij van het Buitenhof tijdens de Haagse kermis. In het midden van het schilderij is Willem V te zien, met in zijn gevolg Cupido en Sideron. Beeld collectie Haags Historisch Museum

Lees ook: François Pinas werd geboren als slaaf, over Dionne Rosendaal en de zoektocht naar haar betovergrootvader.

Hun leven is onvergelijkbaar met het leven van slaafgemaakten op plantages in de koloniën. De twee zogenoemde ‘moortjes’ krijgen taal-, schrijf- en dansles om hun werk goed te kunnen uitvoeren. Hun taak is aanvankelijk publiekelijk te verschijnen met Willem V, als ‘pronkstuk’, want dat vergroot zijn aanzien.

Cupido krijgt vanaf zijn zeventiende salaris, 156 gulden per jaar, meer dan vrouwen en lakeien aan het hof krijgen. Hij heeft ook recht op medische zorg, kost en inwoning en pensioen. Cupido mag later vertrekken, maar doet dat niet. Schreuder: „Ik weet niet hoe groot hun kansen buiten het hof waren.”

Het stadsarchief in Amsterdam heeft brieven in handen gekregen van een man die in slavernij leefde. Een unieke vondst.

In de jaren die volgen, wordt hij kamerdienaar, wat 500 gulden per jaar oplevert. Hij is verantwoordelijk voor het wel en wee in de privé-vertrekken van de familie. Hij moet onder meer gasten bedienen, kostbaarheden bewaken en Willem V helpen met aankleden.

In 1795 vlucht Willem V vanwege de Franse revolutie. Hij neemt Sideron en Cupido mee. Eerst naar Engeland, later naar Duitsland, waar Cupido trouwt. Daarvoor moest hij eerst toestemming vragen aan het hof, dat gold overigens voor alle bedienden. Hij krijgt een dochter, die naar Nederland verhuist, en vijf kleinkinderen.

Nakomelingen van Cupido. Van links naar rechts: Marinus, Mike en Wouter Molhoek. Foto AM Minnaard Fotografie

Veel Nederlanders, verspreid over heel het land, hebben Cupido als voorvader. Een van zijn nazaten is Jan van der Meer (72): het Haags Historisch Museum verraste hem met de verwantschap. Toevallig woonde hij 25 jaar op het Buitenhof in Den Haag, waar zijn voorvader vlakbij had gewoond.

Ook Marinus Molhoek (79) stamt van Cupido af. Hij is zijn oudvader – dat is vijf generaties terug. Molhoek zoekt al sinds 1985 zijn stamboom uit. Zijn tante heeft een Indisch uiterlijk, dus hij dacht Indisch bloed te hebben. Van zijn Afrikaanse roots had hij geen benul. „Alle puzzelstukjes vallen nu in elkaar. Dit maakt mijn stamboom compleet.”

Ook correspondent Nina Jurna ging op zoek naar haar wortels. Lees ook: Op zoek naar mijn Surinaamse roots: overgrootmoeder op de plantage