Column

Wat zou Che vinden van Steenrijk, Straatarm?

Zap

Erik Dijkstra heeft een mooie serie gemaakt over de vijftig jaar geleden gedode Che Guevara. Een vraag die daarna opkwam bij onze tv-recensent: wat zou Che doen als hij woensdag naar SBS6 had gekeken?

Interview met een oude revolutionair in Che: Leven en erfenis van een revolutionair (BNNVARA)

Het is een mooie reeks geworden, Che: Leven en erfenis van een revolutionair, die Erik Dijkstra maakte in de voetsporen van de vijftig jaar geleden gedode Ernesto Che Guevara. Dat is niet zozeer vanwege de oud-strijders die giechelend zeggen dat Che ‘monovaginaal’ was en dat ze dus op last van zijn verloofde de meisjes bij hem uit de buurt moesten houden. Of vanwege de foto’s van de beeldschone man die in de jungle Goethe ligt te lezen.

Ook niet per se vanwege de mooi gefilmde beelden van de plaats waar Guevara met Fidel Castro aan land kwam in Cuba – om met een handvol strijders een opstand te ontketenen. En zelfs niet vanwege de manier waarop Dijkstra de mensen aan het woord laat die geen goed woord over hebben voor de ‘moordenaar’, zoals ballingen in Florida. „We hebben gefusilleerd en we zullen blijven fusilleren,” hebben we Che Guevara al een paar keer horen zeggen.

Het knappe van de reeks is vooral hoe Dijkstra het pad van Guevara volgt om het hedendaagse Latijns-Amerika te laten zien, een continent waar heel veel niet veranderd is sinds de jonge Argentijnse arts besloot dat gewelddadige actie noodzakelijk was om armoede en onrecht te bestrijden.

Dijkstra filmt in de sloppen van Buenos Aires, bij indianen in Chili, in Guatemala. Daar zien we een linkse activist van wie de jonge assistent bruut werd vermoord – de arm van het grootgrondbezit is er nog zeer lang.

In de derde aflevering, woensdag te zien op NPO 2, was Dijkstra op Cuba. Daar is de armoede niet het leed dat Che heeft bestreden, maar het leed dat hij heeft achtergelaten. Dijkstra neemt de ene na de andere lifter mee en zijn Spaans is net goed genoeg om mensen vrijuit te laten spreken. We horen een vrouw vertellen over haar karige loon, omgerekend 12 dollar per maand; haar gezin kan er alleen eten van kopen.

Wat zou Che Guevara doen als hij op SBS6 een aflevering van Steenrijk, Straatarm zou zien? Zou hij dadelijk de bossen van Baarn intrekken om daar gewapenderhand een einde te maken aan de schrijnende ongelijkheid? Want de verschillen zijn enorm. In Baarn woont de rijke familie die een week huis (en haard en zwembad en jacuzzi) verliet om te ruilen met een arm gezin uit Rosmalen. Leven van een weekbudget van 85 euro was even wennen.

De eerste excursie was naar de kringloopwinkel om daar twee wijnglazen te kopen voor vijftig cent per stuk. Een dag laterworden er twee flessen veel te goedkope chardonnay aangeschaft in de supermarkt. Voor in die glazen. „Normaal voor een dag, nu voor een week”, zegt de man op een toon waardoor je niet helemaal zeker weet of hij een grapje maakt. Géén chardonnay was natuurlijk goedkoper geweest.

Ongetwijfeld zou Che Guevara zich omdraaien in zijn Cubaanse mausoleum bij het zien van Steenrijk, Straatarm: sociale ongelijkheid is bij ons geen reden tot revolutie, maar amusement. Daartegenover staat dat het Baarnse gezin hoe dan ook dapperder is dan veel kijkers die zich vrolijk maken om hun onwennigheid tijdens zeven dagen armoede. En vooral dat je het de familie uit Rosmalen enorm gunt, dat weekje met duizend euro te besteden, de dochter die in de zevende hemel is met haar eerste pianoles. Eerst twintig jaar niet op vakantie (de man is afgekeurd, de vrouw is thuis voor hun dochter, die autistisch is) en nu „iets wat maar eens in je leven gebeurt”. Maar eens in je leven.

Daarom, precies daarom, moet er structureel iets veranderen in de wereld – horen wij een denkbeeldige Che brommen in het Baarnse groen.