Even tot jezelf komen in het stokstaartjescafé

Intussen in Seoul

In Seoul zag Casper van der Veen hoe Zuid-Koreanen zich in cafés terugtrekken met poezen en wasberen.

Bezoekers in een schapencafé in Seoul. Foto’s Casper de Veen

‘Wilt u een schaap knuffelen bij uw drankje?” Terwijl ze ooi Anna aait, vertelt de Britse Kate waarom ze het naar haar zin heeft in het ‘schapencafé’ in trendy uitgaanswijk Hongdae in de Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoul. „Kijk nou hoe kalm en aaibaar ze is”, zegt ze met een big smile, haar Zuid-Koreaanse echtgenoot glimlachend naast haar. „Ik word er helemaal rustig van.”

Huisdieren zie je vrijwel niet in Seoul. De huizen zijn piepklein, de bewoners werken te veel om de zorg voor een dier ernaast te kunnen doen. Van alle inwoners van OESO-landen maken Zuid-Koreanen de op een na meeste werkuren. Misschien dat de tien miljoen zielen tellende stad daarom bulkt van de dierencafés, waar gasten kunnen knuffelen met honden, katten, stokstaartjes, wasberen en zelfs met een wallaby.

Veruit het merkwaardigste dierencafé in de stad is het begin 2017 geopende Meerkat Café, waar gasten in hokken stokstaartjes over zich heen kunnen laten klimmen. Buiten de hokken dolen een poolvos, wallaby en genetkat.

Een stel geniet van de dieren die hen als klimwand gebruiken. „Het is een beetje vreemd, maar dat is wel meer in deze stad”, zegt een van hen.

Verzet is er ook. „Dit soort plekken zou verboden moeten worden”, zegt Janet Minhee van dierenrechtenorganisatie CARE. „De dieren zijn niet in de omgeving waar zij thuishoren. Ze moeten enorme stress ervaren.”

Dat laatste is duidelijk te zien bij de schrikachtige stokstaartjes in het Meerkat Café en bij de futloze wasberen in café Blind Alley. „Wel zien we de aandacht in [Zuid-]Korea voor dierenwelzijn de laatste tijd toenemen”, zegt Minhee.

Bij de schapen en katten is te merken dat de managers daarover hebben nagedacht en de beesten plekken hebben gegeven om tot rust te komen. De twee schapen Anna en Sam uit het Thanks Nature Café hebben een privéhok waarin ze zich kunnen terugtrekken. Het neemt niet weg dat ze nog altijd bovengemiddeld veel aandacht en prikkels moeten verwerken op een dag.

Katten- en hondencafés, die je in heel Azië hebt en die ook het Westen – waaronder Nederland – aan het veroveren zijn, zijn nog steeds populair maar in Seoul zijn ze al jaren mainstream. Ondernemers zoeken daarom vaak naar een creatieve invalshoek, zoals in het Sangsang Puppy Café (de naam zegt het al) of in het ondergronds gevestigde Café de Comics, waar je het knuffelen van poezen kunt combineren met een duik in duizenden stripboeken. Gasten aaien een van de vijf aanwezige katten of nemen er een op schoot, waarna zij naar een van de vele potjes desinfecterende zeep grijpen.

In laatstgenoemde etablissement zijn echter ook cabines met gordijntjes, waarin je rustig op een kussen kunt gaan liggen en lezen. Wanneer twee stelletjes in de hokken kruipen en de gordijnen sluiten, rijst het vermoeden dat het café voor nog meer doeleinden wordt gebruikt.