Column

Terrorist blijft op de bank zitten

Zap

Het verslag van Prinsjesdag 2017 was iets om snel te vergeten. Toch leverde de tv-dag een gedenkwaardige scène op, dankzij een documentaire over een man die dolgraag een zelfmoordaanslag wil plegen.

Beeld uit de documentaire ‘Dugma – The Button’ (VPRO)

De Gouden Koets is een soort Noord-Zuidlijn. Twee jaar geleden hobbelde het rijtuig de garage in, waarschijnlijk rijdt het pas weer als prinses Amalia meerderjarig is, in 2022. En misschien ook dan wel niet, speculeerde Arendo Joustra dinsdagmiddag tijdens het traditionele Prinsjesdagverslag van de NOS. De hoofdredacteur van Elsevier signaleerde dat de koning weleens permanent voor de Glazen Koets zou kunnen kiezen, omdat dáár geen controversieel paneel ‘hulde der koloniën’ op zit.

Intussen was er wel een kleine reportage aan de demissionaire koets gewijd, waarbij instructief werd ingezoomd op de ooit onzichtbare, maar nu geel verkleurde druipsporen van het oude koetsvernis – wat vast een metafoor is voor Nederlands omgang met het koloniale verleden.

De nieuwtjes over de koets behoorden tot de aardigste momenten in de drie uur durende Prinsjesdaguitzending. Net als de jonge toeschouwer die vertelde dat ze een hockeywedstrijd tegen prinses Amalia had gespeeld, waarbij de koning scheidsrechter was geweest. Nu ja, één helft – daarna moest het staatshoofd de fluit overgeven (en verloor het team van de prinses). Verder kwamen de acht namen van de koetstrekkende paarden voorbij, maar dat ging zo snel dat mijn aantekenvel alleen ‘Jaco’ en ‘twee paarden met een Q’ bevat.

Bepaald onceremonieel was het royaal inzoomen op de paardenstront die de dieren op de heenweg naar de Ridderzaal hadden achtergelaten.

De koetsrit was al een beetje Corvee TV – de inhoudelijke verslaggeving van de laatste Troonrede van het scheidende kabinet was iets om snel te vergeten. „Het wordt wel een hele rare, toch” heette het in de voorbeschouwing. De gesprekken en analyses dwaalden vervolgens zo snel af naar de kabinetsformatie, dat niemand zich nog afvroeg hoe raar die Troonrede nu eigenlijk was. Het mengsel van uitgelekte beleidsvoornemens en stichtelijke woorden kwam mij eigenlijk nogal vertrouwd voor.

Toch leverde de derde dinsdag van september 2017 een televisiescène op die ik niet zal vergeten: de 32-jarige Abu Qaswara die demonstreert hoe hij als martelaar te werk zal gaan.

Eerst toont hij de enorme gasflessen achterop zijn truck. Dan legt hij, zittend in de cabine, stap voor stap uit wat hij gaat doen. Eerst de eerste veiligheidsklep los. Dan de tweede. En dan druk je op de knop en vliegt alles de lucht in. En als het niet lukt, legt hij uit, dan haal je deze veiligheidsklep los en druk je op de tweede knop. Of je trekt aan dit touw, waaraan een handgranaat zit. En als dat allemaal niet werkt, is er nog de afstandsbediening. Drie backups – die heb je volgens mij zelfs niet bij een parachute.

Abu Qaswara is een van de strijders van de (voormalige) Syrische tak van Al-Qaeda die wordt geportretteerd in de door de VPRO uitgezonden Noorse documentaire Dugma – The Button. Hij is een vreselijk enthousiaste jonge man. Hij zingt veel, kijkt vertederd naar filmpjes van zijn dreumesdochter in Saoedi-Arabië, schept net wat meer kip op dan verstandig is voor iemand met zijn postuur. En hij staat dus te popelen om een zelfmoordaanslag te plegen.

Dat komt er niet van. Eerst wordt ‘zijn’ truck aan een ‘Turkse medebroeder’ gegeven, dan is er een wegversperring en daarna een nieuwe personeelswisseling.

Uiteindelijk zien we hem ver van het front op een buurtfestival waar kinderen hun ouders zo snel mogelijk twee bananen moeten laten eten. Dat is wat Dugma ons laat zien: hoe dun de lijn is tussen een massamoord en een bananeneetwedstrijd.