Nederlandse staat in cassatie tegen uitspraak Srebrenica

Eerder dit jaar werd Nederland gedeeltelijk aansprakelijk gesteld voor de dood van 350 moslimmannen en -jongens.

He herdenkingscentrum van de Srebrenica-genocide in Potocari. Foto Pierre Crom/ANP

De Nederlandse staat gaat in cassatie tegen de uitspraak van het gerechtshof in Den Haag over de val van Srebrenica. Nederland werd eerder dit jaar gedeeltelijk aansprakelijk gesteld voor de dood van ongeveer 350 moslimmannen en- jongens. De Hoge Raad moet zich nu gaan buigen over de zaak.

Een woordvoerder van het ministerie van Defensie zegt dat de staat “het oordeel niet deelt dat het Nederlandse VN-bataljon onrechtmatig heeft gehandeld”. Daarom gaat de zaak nu verder naar de hoogste rechtelijke instantie. De Hoge Raad zal alleen naar de rechtsgang van het proces kunnen kijken, en er zullen geen nieuwe feiten over de genocide in toenmalig Joegoslavië aangedragen kunnen worden.

Het gerechtshof stelde Nederland aansprakelijk voor de dood van de 350 moslims die zich op de Nederlandse militaire basis van het bataljon Dutchbat III zaten. Nederland zou onrechtmatig hebben gehandeld op 13 juli 1995 door “de afscheiding van de mannelijke vluchtelingen door de Bosnische Serven te vergemakkelijken”.

Vergoeding 30 procent

Dutchbat had moeten weten wat er met de moslimmannen zou gebeuren. De nabestaanden hebben volgens het gerechtshof recht op een schadevergoeding van 30 procent van de geleden schade. Nederland werd niet aansprakelijk gesteld voor de dood van nog eens 8.000 slachtoffers van de Srebrenica-genocide die zich niet op de basis bevonden.

De zaak was aangespannen door zo’n 6.000 nabestaanden bekend als de ‘moeders van Srebrenica’, die volledige aansprakelijkheid hadden geëist. Zij lieten na het laatste oordeel ook weten naar het Europees Hof te stappen.