EasyJet gaat omstreden gifstof filteren

Filters

EasyJet gaat filters testen die een giftige stof uit de cabine moeten weren. Over de schadelijkheid daarvan wordt al jaren getwist.

Met een nieuw filtersysteem in vliegtuigen gaat easyJet testen of giftige stoffen uit de cabine geweerd kunnen worden. Foto Simon Dawson/Bloomberg

Een doorbraak, of een nieuw hoofdstuk in een lang slepende kwestie? Dat is de vraag nu easyJet nieuwe filtersystemen gaat testen in zijn vliegtuigen. De Britse luchtvaartmaatschappij wil hiermee bekijken of de giftige stof tricresylfosfaat (TCP) uit de cabine kan worden geweerd. Over de schadelijkheid hiervan is al decennia lang een wetenschappelijke strijd gaande. De prijsvechter wacht niet op de uitkomst daarvan, blijkt nu.

TCP kan via lekkage uit motorolie in de luchtverversingssytemen van vliegtuigen komen. Er is nog altijd discussie of de concentratie ervan tijdens reguliere vluchten hoog genoeg kan worden om gezondheidsschade te veroorzaken bij bemanning of passagiers die vaak vliegen.

Neurologische schade kan „niet worden uitgesloten”, schreef de Inspectie Leefomgeving en Transport in 2015. Dat zou problemen met lichaamsbeweging of depressiviteit kunnen veroorzaken.

EasyJet zegt te handelen uit ‘zorgplicht’ tegenover zijn personeel en passagiers. De stoffen kunnen voor klachten zorgen zoals misselijkheid, slapeloosheid en hoofdpijn. Maar ook ernstige neurologische effecten zijn mogelijk zoals problemen bij lichaamsbeweging of depressiviteit.

„De stap van easyJet is een doorbraak”, zegt oud-piloot en arts Michel Mulder. Hij doet, samen met specialisten in binnen- en buitenland, intensief onderzoek naar het zogeheten aerotoxisch syndroom. Voor hem staat het verband tussen de aanwezigheid van de stoffen in het bloed en de klachten vast.

„Het besluit van easyJet is een erkenning van deze kwaal”, zegt Mulder. „Bij de luchtvaartmaatschappijen is nu één schaap over de dam. Er zullen er meer volgen.” Anderen reageren voorzichtiger, in de eerste plaats easyJet zelf. „Dit is vooralsnog een test met nieuwe filtersystemen”, zegt een woordvoerder. In de loop van 2018 moet duidelijk worden of ze het gewenste effect hebben.

EasyJet werkt bij de tests samen met het Canadese Pal Aerospace. Dit bedrijf experimenteert al langer in vrachtvliegtuigen van DHL met luchtfilters die TCP’s moeten weren. De systemen in de vrachtvliegtuigen vergen wel stevige aanpassingen voordat ze gebruikt kunnen worden voor de tests in passagiersvliegtuigen.

Ook aan het gebruik van andere motorolie door Pal Aerospace en easyJet zitten mogelijk nadelen: deeltjes daarvan die in de luchtverversing komen, kunnen de vruchtbaarheid van inzittenden nadelig beïnvloeden, vertelt arts Mulder. Toch zijn de gezondheidseffecten daarvan veel kleiner dan die van TCP, zegt hij.

Andere luchtvaartmaatschappijen zijn afwachtend. „Vooralsnog zien wij geen aanleiding om dergelijke filters te installeren”, laat KLM weten. Pilotenvakbond VNV zegt de test „met interesse” af te wachten.

De vraag is waarom easyJet juist nu deze stap zet. Volgens een woordvoerder zijn er vernieuwingen op de markt, zoals filters van Pal Aerospace, die „helpen de beste dienstverlening te bieden”. Belangenbehartiger voor Europese verkeersvliegers ECA pleitte in 2015 al voor invoering van vernieuwde filters en veiligere olie.

Mulder heeft nog een andere verklaring van de stap van easyJet. „In Frankrijk wordt in deze kwestie een grote rechtszaak voorbereid namens allerlei vliegers”, zegt hij. Daarbij is ook personeel van easyJet betrokken. „In die juridische procedure zal heel zwaar geschut tegen de luchtvaartmaatschappijen worden ingezet.”

Tot nu toe is het heel lastig gebleken juridische procedures tegen luchtvaartmaatschappijen op dit vlak te winnen.

Correctie (20 september 2017): In een eerdere versie van dit artikel stond dat de stap van EasyJet om met nieuwe filters te gaan experimenteren een reactie is „op de langdurige discussie” over het aerotoxisch syndroom, aldus een woordvoerder. Volgens de woordvoerder is hij op dit punt niet juist geciteerd. De stap is gezet om te bekijken of de schadelijke gevolgen van zogeheten fume events kunnen worden beperkt, zoals eerder in het stuk staat vermeld.