Column

Bij gebrek aan schouwburg

Joyce Roodnat is in Luzern, Zwitserland. Zonder idee gaat ze op ontdekkingstocht.

Tanz Luzern Theater danst Tanz 25: Variationen des Seins Foto Gregory Batardon

Het zal suf zijn, maar ik wist niet dat Luzern zo’n sjieke stad was. Ja, de schrijver Niels Roelen vertelde me erover, maar voor hem is het de stad van de regatta, de roeikampioenschappen op het Vierwoudstedenmeer. Van doorslaggevend belang voor roeiers, maar niet voor mij. Ik rijd zonder veel idee de stad binnen. Jonathan Richman & The Modern Lovers zwerven door mijn auto, songs van veertig jaar oud en ik ben blij dat ik ze ken. Maf en melig en zachtmoedig, in kwasi-dagelijkse taal. De basis voor het moois wat Spinvis doet, vermoed ik (maar dat moet ik nog eens vragen).

Ik parkeer, stap uit en beland op een middeleeuwse loopbrug. In zijn bogen houdt hij de zondaar eeuwenoude schilderingen voor, ze bekoren en ze bekeren ons, er rollen koppen bij de vleet. De brug leidt naar de schouwburg van Luzern. Die is dicht, hij wordt gerenoveerd, maar ernaast zie ik een blankhouten keet. Achter de glazen wand aan de korte kant repeteren dansers. Ze zijn goed, ik blijf een hele tijd kleven en kijken. En dat doen meer mensen. Soms enthousiast. Soms argwanend, spottend ook. Maar die zie ik omgaan – dik kans dat ze een kaartje voor de voorstelling gaan kopen.

Hé, achterin staat een deur open. Ik loop erheen en schuif naar binnen alsof ik thuis ben. Verboden toegang, maar Kathleen McNurney, artistiek leider van het Tanz Luzern Theater, strijkt haar hand over haar hart. Kom dan maar. De houten keet is bedoeld als repetitieruimte, vertelt ze. Bij gebrek aan schouwburg maakt haar dansgezelschap er een voorstelling in. Op een dubbele rij stoelen rond het speelvlak past er een man of 150 publiek in. Ik val met mijn neus in de boter. Het stuk is nog niet af, choreograaf Georg Reischl is bezig.

Een ballet zien ontstaan is enerverend. Variationen des Seins zal het heten, ‘Variaties op het Zijn’. To be or not to be, zo is het. Reischl doet alsof hij maar wat doet. Intussen schept hij bewegingen en patronen die hoognodig moeten bestaan. En dat geven de dansers, zoals dansers doen, gestalte alsof hun lichaam voelt wat hij ziet.

Kathleen McNurney zingt intussen de lof van Hans van Manen. Ze was graag naar Amsterdam gegaan voor zijn 85ste-verjaardagsprogramma. „Hij studeerde met ons zijn 5 tango’s in. Stel je voor, hij kwam hier zomaar zelf. En hij is heerlijk informeel, dat was een genot. Zo los in de omgang zijn Zwitserse grootheden nooit.” Maar ze zal hem later feliciteren, want: „Ik heb hier de première. Kom je ook?” Ik kijk naar de ontluikende Variationen des Seins. Dertien dansers met dertien stoelen. De basis is uitzwermen, het doel is vliegen. Ik zou het graag compleet zien. Maar ik moet verder.