‘We zijn hier om te vechten. Uber heeft ons in hooligans veranderd’

Taxi-oorlog

De oorlog tussen Ubers en de ouderwetse taxi’s verspreidt zich als een veenbrand over Zuid-Afrika.

Twee uitgebrande taxi’s in Sandton City, Johannesburg. Foto Kim Ludbrook / EPA

Onele haalt onder geen beding meer passagiers op in Sandton, de zakenwijk ten noorden van Johannesburg. Afgelopen donderdag ontsnapte hij ternauwernood aan een meute woedende taxichauffeurs. „Ik heb voor mijn leven gerend”, zegt hij in de witte Honda Civic die hij toen ook namens Uber reed. Een collega had minder geluk, zijn auto werd in brand gestoken.

Zo gaat het al weken. De oorlog tussen Uber-chauffeurs en hun collega’s van de ouderwetse taxibranche verspreidt zich als een veenbrand over Zuid-Afrika. De politie telde 300 gewelddadige incidenten, alleen al in Gauteng, de provincie waarin Johannesburg ligt. Met incidenten bedoelt de politie: moord, doodslag, vandalisme en gijzelingen van chauffeurs.

Het is een territoriale oorlog. Op het vliegveld van Johannesburg, OR Tambo International, is alles pais en vree. „Daar helpen de collega’s me zelfs bij het inladen van de koffers als ze te zwaar zijn”, vertelt Onele als hij de N1 richting Sandton neemt.

Passagiers droppen durft hij nog wel. Maar passagiers oppikken in de buurt van het Gautrain-station is zelfmoord. Ook bij het eindstation in de hoofdstad Tshwane (Pretoria) is het levensgevaarlijk.

Vechtersoutfit

Aan de voet van de trappen van het luxe zakencentrum Sandton City klonteren taxichauffeurs samen. Ze willen pas praten als ze horen dat hun woede tegen Uber ook in Nederland en andere landen door collega’s wordt gedeeld. „Uber heeft ons in hooligans veranderd”, zegt een chauffeur die alleen zijn voornaam wil geven: Abraham. „We zijn hier om te vechten’’, zegt hij onomwonden. Hij wijst naar zijn gymschoenen en spijkerbroek. „Normaal ga ik in pak en stropdas naar mijn werk. Maar nu kom ik om te knokken. We staan hier 24 uur per dag om Uber weg te slaan. Net zo lang tot ze ons land verlaten.”

Er is een historische reden voor de woede. De taxi-industrie was de eerste zwarte industrie in Zuid-Afrika. Voor alle andere banen werden zwarte Zuid-Afrikanen uitgesloten. Of ze mochten alleen het vuile werk opknappen, als kompel in de mijnen of knechten op de wijnboerderijen.

In Zuid-Afrika heb je taxi’s voor de rijken en taxi’s voor de armen. Ruim 60 procent van de Zuid-Afrikanen gaat naar zijn werk in minibusjes. Ook in die branche woedt al sinds de jaren tachtig oorlog, nadat het apartheidsregime in 1987 de industrie dereguleerde en iedere man boven de achttien jaar taxi kon gaan rijden.

De Uber-oorlog gaat vooral om de rijkere klanten. De chauffeurs klagen dat de regering ook nu de regels niet handhaaft. „Ze rijden zonder vergunningen, de staat doet niks. Dus moeten we zelf ingrijpen”, zegt chauffeur Abraham.

Deze maandag doet de politie zijn best om dat beeld bij te stellen. Op de parkeerplaats voor het MichelAngelo Hotel worden Uber-taxi’s in beslag genomen van chauffeurs die geen vergunning hebben. Een agent ontkent dat het hem alleen om de Ubers te doen is. „Kijk we nemen ook minibusjes in beslag”, zegt hij als een chauffeur uit zijn minibus wordt getrokken.

Uber-chauffeur Onele heeft ook geen vergunning. „Zo proberen ze ons nu klein te maken. Maar er rijden zoveel minibusjes op de weg met chauffeurs die niet eens een rijbewijs hebben. En daar doen ze niks aan.”

2.300 aanvragen

Toen hij begon met rijden voor Uber, twee jaar geleden, was het nog een lucratieve baan. Het bedrijf pakte een commissie van 20 procent. Die commissie is recentelijk verhoogd tot 25 procent, terwijl de gevaren zijn toegenomen. „Het is niet meer te doen, dit”, zegt Onele, een migrant uit de verpauperde Oost-Kaap. In de maand mei ontving het ministerie van Transport liefst 2.300 aanvragen voor vergunningen van Uber-chauffeurs. Slechts 624 werden gehonoreerd.

In een land met 27 procent werkeloosheid, het hoogst in 13 jaar, leek Uber de uitweg voor Zuid-Afrikanen als Onele. Nu prijst hij zich gelukkig als hij zijn auto, en zijn leven, aan het eind van de dag nog heeft.