Recht & Onrecht

Prinsjesdag gaat ook over identiteit, warmte en eenheid

Prinsjesdag is dit jaar meer ceremonie dan inhoud. Tradities en rituelen hebben echter praktische en positieve effecten, schrijft Gert-Jan Lelieveld in de Gedragscolumn.

Koning Willem-Alexander en koningin Maxima verlaten in de Glazen Koets het Binnenhof op Prinsjesdag 2016. Foto Vincent Jannink/ANP

Vandaag is het weer de derde dinsdag van september en dus Prinsjesdag. Sinds 1814 openen de Eerste Kamer en de Tweede Kamer officieel het werkjaar op Prinsjesdag (lees hier meer over de geschiedenis van Prinsjesdag). Het koffertje komt weer tevoorschijn en de begroting wordt weer bekend gemaakt.

Normaal gesproken kondigt de regering met Prinsjesdag het beleid voor het volgende jaar aan. Maar omdat het kabinet demissionair is, is het gebruikelijk dat er geen ingrijpende beleidswijzigingen worden doorgevoerd. Beleidswijzigingen die geld gaan kosten moeten dus aan het volgende kabinet worden overgelaten. Nog meer dan voorgaande jaren heeft deze editie van Prinsjesdag dus een ceremonieel karakter. Met een demissionair kabinet dat slechts op de winkel past en zo min mogelijk aan de Rijksbegroting zal sleutelen, rijst de vraag waarom Prinsjesdag überhaupt nog doorgaat.

Positieve effecten

Eén simpel antwoord op deze vraag is dat het nu eenmaal in de Grondwet staat. In artikel 65 staat “Jaarlijks op de derde dinsdag van september of op een bij de wet te bepalen eerder tijdstip wordt door of namens de Koning in een verenigde vergadering van de Staten-Generaal een uiteenzetting van het door de regering te voeren beleid gegeven.” Dit is een legitieme reden om Prinsjesdag dit jaar toch door te laten gaan, maar er zijn nog meer redenen te verzinnen waarom het evenement toch door moet gaan.  Prinsjesdag is meer dan enkel het aanbieden van de Miljoenennota. Het is een traditie die deel uitmaakt van de Nederlandse democratie. Inzichten vanuit de economie, filosofie en sociale psychologie laten zien dat Prinsjesdag zoveel meer is dan een introductie van de begroting en dat dit soort ceremonies en feestdagen hele nuttige en positieve effecten hebben op het volk.

Vrije tijd

Economen geven een nogal rationele reden waarom feestdagen nuttig zijn. Economisch onderzoek laat zien dat dit soort feestdagen de coördinatie van vrije tijd faciliteren. Veel van je vrienden en kennissen hebben ook vrij op feestdagen en dat maakt het veel makkelijker om af te spreken met hen. Ze laten ook zien dat het op die dagen ook veel makkelijker is om nieuwe afspraken te plannen voor in de weekenden of andere vrije dagen dat geen feestdagen zijn.

Filosofen hebben minder rationele redenen waarom een traditie als Prinsjesdag zo goed is. Een traditie is iets wat is verworven over tijd. Prinsjesdag, waar de troonrede wordt uitgesproken door de koning, met de koninklijke stoet, het koffertje, de hoedjesparade en de sinds vorig jaar Glazen Koets, zorgt ervoor dat we verbonden zijn met het verleden. Het zorgt voor gevoelens van warmte en inclusie. Het versterkt de normen en waarden van mensen, zoals vrijheid, geloof en integriteit. Vaak is het bij tradities ook zo dat mensen diversiteit binnen de groep vergeten en zich meer verbonden voelen. Dit benadrukt het belang van tradities bij het doel van een regering om voor meer eenheid in het land te zorgen.

Prosociaal gedrag

Ten slotte laat sociaal psychologisch onderzoek ook zien dat tradities en rituelen, wat veel aspecten van Prinsjesdag ook eigenlijk zijn, prosociaal gedrag promoten. Ze verhogen de sociale cohesie en bevorderen cooperatief gedrag onder mensen. Eerder onderzoek liet zelfs zien dat door tradities en rituelen mensen meer geld doneren aan goede doelen.

Hoewel er dus geen belangrijke veranderingen zullen worden gepresenteerd, is het om verschillende economische, filosofische en psychologische redenen dus goed dat Prinsjesdag met als zijn tradities toch doorgaat. Dus ik zou zeggen, geniet van het evenement, van de hoedjes, de route van de koets, en natuurlijk niet te vergeten de compilatie van Lucky TV over onze Koning Willy en Koningin Max.

Gert-Jan Lelieveld is universitair docent bij de sectie Sociale en Organisatiepsychologie aan de Universiteit Leiden. De gedragscolumn verschijnt wekelijks en wordt geschreven door sociale wetenschappers.