Een nieuw huis, na jaren van spot

Nieuw stadion El Metropolitano

Volksclub Atlético Madrid speelt sinds zaterdag in een ultramodern stadion, op de plek waar ooit Olympische Spelen waren gepland.

Het nieuwe huis van Atlético Madrid zet de club in één klap middenin de 21ste eeuw. Maar wie zijn ogen dichtknijpt en naar het gezang van de fans luistert, waant zich in een moderne uitvoering van het oude, zo geliefde Vicente Calderón.

De boorden van de rivier Manzanares vormen niet langer het decor van de rojiblancos, nieuwe successen zullen in de buitenwijk San Blas worden gevierd in El Wanda Metropolitano. De Fransman Antoine Griezmann maakte er zaterdag bij de openingswedstrijd tegen Malaga onder luid gejuich het eerste doelpunt. „Ik heb nog nooit zoiets als dit stadion gezien”, zegt succescoach Diego Simeone met enig gevoel voor overdrijving.

El Metropolitano is een prachtig nieuw onderkomen dat plaats biedt aan 68.000 toeschouwers, maar het kan qua luxe en comfort niet wedijveren met andere moderne stadions als de Allianz Arena van Bayern München (uit 2005) of het Emirates Stadium van Arsenal (2006). Maar dat hoeft voor de Atlético-fans ook helemaal niet. „Het moet allemaal wel een beetje betaalbaar blijven”, zegt socio David Torrejon, die met drie anderen seizoenkaarten deelt. „Theaterpubliek past niet bij onze club.”

De weemoed naar El Calderón heeft de voorbije weken bij de aanhang van Atlético plaatsgemaakt voor het verlangen naar een splinternieuw onderkomen dat werd ontworpen door het architectenbureau Cruz en Ortiz. Op de plek waar in 1994 de deuren opengingen van een atletiek stadion, dat aanvankelijk was bedoeld voor een nooit gehouden WK, verrees dan toch een voetbalstadion. De eerste tocht vanuit de binnenstad voelt nog wat onwennig voor de supporters, maar de verwachtingen zijn hoog gespannen. „Er is altijd kritiek bij een verhuizing. Je laat toch veel herinneringen achter je. Maar ik zie dit als het begin van iets moois”, oordeelt voetbalfan Torrejon.

Er is altijd kritiek bij een verhuizing. Je laat toch veel herinneringen achter je. Maar ik zie dit als het begin van iets moois

Rood-wit gekleurde kroegjes

Zo denkt het overgrote deel van Los Colchoneros – de matrasverkopers – erover. Met metrolijn 7, stadsbussen of met de eigen auto strijkt het legioen neer in de straten nabij El Metropolitano. Vele rood-wit gekleurde kroegjes en barretjes zijn speciaal geopend in deze nieuwbouwwijk nabij het vliegveld Barajas. Ook hier is voetbal opeens business geworden. Bier en bocadillos worden in grote getale verkocht. Op de Avenida de Luis Aragonés klinkt het oude, vertrouwde clublied van Atlético Madrid. El Calderón is hierin nog niet vervangen door El Metropolitano.

Voor de vijfde keer in de clubgeschiedenis betrekt Atlético een nieuw stadion. Van het Campo del Retiro (1903-1913), Campo de O’Donnell (1913-1923), Stadium Metropolitano (1923-1966), Estadio del Manzanares - Vicente Calderón (1966-2017) naar El Wanda Metropolitano. Voor de nieuwe arena herinnert een walk of fame aan oude en nieuwe helden die honderd of meer wedstrijden speelden voor Atlético Madrid. Mannen op leeftijd blijven met eerbied staan bij plaquettes van Aragonés en Gárate. Op de naam van de Mexicaan Hugo Sánchez – later groot geworden bij Real Madrid – ligt een hoopje vuil. En bij Diego Simeone en Fernando Torres houdt vrijwel iedereen even stil.

De Argentijn Simeone was als speler in twee periodes (1994-1997 en 2003-2005) actief voor Atlético Madrid. Een typische voetballer van het volk. Hij trok nooit zijn voet terug bij een duel. Als trainer eist El Cholo (De Wildebras) sinds 2011 dezelfde instelling van zijn spelers. Met succes. Simeone heeft van Atlético een elftal gesmeed dat serieus meedoet om de prijzen. In 2014 en 2016 haalde de club zelfs de finale van de Champions League. Beide keren werd verloren van aartsrivaal Real Madrid. Zo blijven de fans van Atlético maar lijden. Zelfs al horen ze bij de Europese top.

Atlético krijgt van niets en niemand iets cadeau. De volksclub en zijn aanhang voelt zich altijd achtergesteld bij grote broer Real Madrid. Lang werd dan ook gedacht dat El Metropolitano niet meer zou zijn dan een luchtkasteel. Jaren achtereen bespotten vriend en vijand de bouwplek waarop niet meer stond dan een tribune in de vorm van een vlooienkam. Oftewel: La Peineta, zoals het stadion in de volksmond werd genoemd. Er leek een vloek op de plek te rusten. Want na de mislukte poging om het WK atletiek er te huisvesten, wilde Madrid er een Olympisch Stadion van maken. Maar ook de Spelen gingen aan de Spaanse hoofdstad voorbij.

Toen erin 2008 nog geloofd bestond in ‘het Spaanse wonder’ werd een nieuw prestigieus project bedacht voor een stadion van Atlético Madrid. Het was de bedoeling dat de club met het verlaten van de grond onder het Vicente Calderón het nieuwe sportcomplex zou financieren en nog zelfs geld over zou houden. Al snel viel de bouw stil toen de economische crisis toch toesloeg. Overal in het land staan nog altijd half afgebouwde gebouwen, zoals het beoogde stadion van FC Valencia, dat er waarschijnlijk nooit zal komen.

De handen ineen

In Madrid sloegen partijen alsnog op succesvolle wijze de handen ineen. Met hulp van de Chinese sponsor Wanda en de aangepaste plannen op de vrijgekomen grond aan de Manzanares kwam er een deal tot stand. De bouw ging gepaard met de economische opleving van Spanje en nieuwe sportieve successen van Atlético. Atlético betaalt 170 miljoen euro en de rest van de 311 miljoen euro wordt gefinancierd via de verkoop van de grond onder El Calderón.

En nu, in september 2017, lijkt het dure jasje Atlético prima te passen. De volksclub speelt in één van de modernste stadions ter wereld met LED-verlichting van Philips en veldverwarming van het Nederlandse VB Projects uit De Lier. De stenen trappen op de steile hoofdtribune, met aan beide uiteinden luchtgaten die de Madrileense hemel zichtbaar maken, roepen toch ook herinneringen aan El Calderón op.