Column

Wie mogen de troep opruimen? Vrouwen

Wat hebben de Nationale Politie en Uber gemeen? Het zijn mannenclubs waar permanente onrust heerst.

Mannen maken er een janboel van… en vrouwen mogen het opruimen. Het is weer zover. Onze Nationale Politie en taxidienst Uber uit Californië zijn totaal verschillend, maar ze hebben ook het nodige gemeen. Zij zijn beide in opspraak geraakt door mankerend leiderschap. Onderzoeken volgden. Met onfrisse uitkomsten.

Bij Uber ging het om seksuele intimidatie en de cultuur aan de top. Bij de Nationale Politie om wanbeheer van de centrale ondernemingsraad (COR), de controle door de toenmalige korpschef en mogelijke omkoping.

Wat hebben de Nationale Politie en Uber gemeen? Permanente onrust. De taxidienst is een schoolvoorbeeld van een jong (2010) bedrijf dat wetten en regels brak voor adembenemende groei. De Nationale Politie is een politiek geforceerd samengaan van 26 regionale korpsen. Schoolvoorbeeld van alles dat mis kan gaan bij fusies: duurder dan begroot, trager dan verwacht, complexer dan op de tekentafel bedacht.

Nog een overeenkomst: het zijn mannenorganisaties, met aan het hoofd een pater familias. Uber is als Silicon Valley-starter doordesemd van de oprichterscultuur, de founders culture, of cult, zo u wilt. Hij, ja meestal een hij, is de leider. U kent de namen. Jobs, Bezos, Page & Brin, Zuckerberg. Bij Uber: Travis Kalanick. De oprichter is visionair, vechtjas én Sinterklaas ineen. Als Uber naar de beurs gaat tegen de torenhoge waardering van de aandelen, maakt de pater familias een schare medewerkers (heel) rijk.

Voormalig korpschef Gerard Bouman, die tijdens het onderzoek overleed, blijkt ook de rol van pater familias te spelen. Hij leende de voorzitter van de COR 4.000 euro. Bouman motiveerde dat tegenover de onderzoekscommissie: dat zijn relatie met de COR-voorzitter „meer was dan zakelijk, zoals dat ook met andere personen het geval was. Het betrof collega’s die hij vertrouwde en in moeilijke omstandigheden – indien nodig – de helpende hand wilde bieden.”

Na de schandalen komen de schoonmakers. Vrouwen vooral

Na de schandalen komen de schoonmakers. Vrouwen vooral. De commissie die de COR van de Nationale Politie onderzocht bestond uit topambtenaar Maarten Ruys (voorzitter) en twee vrouwen. Maria Henneman, toezichthouder en strategisch adviseur, en Sylvie Bleker-Van Eyk, hoogleraar integriteitsmanagement (Vrije Universiteit Amsterdam). Eerder was zij ook de putjesschepper die grote ondernemingen (Stork, Ballast Nedam) te hulp riepen of móesten roepen om stinkende zaken op te lossen. Ze maakt het bedrijf schoon, zei ze in een interview drie jaar geleden in NRC. „Ik ben goed in vuilnisvrouwtje spelen.”

Bij Uber benoemde topman Kalanick een vrouw in het topkader met leiderschap en strategie als opdracht. De benoeming van Frances Frei was een van zijn laatste beslissingen voordat de commissarissen hem zijn congé gaven. Frei moet de ondernemingscultuur hervormen en teamwerk bevorderen. Uber „investeerde te weinig in mensen en te veel in groei” zei Frei vorige week in de Financial Times.

Nog een voorbeeld? De benoeming eind 2015 van Susi Zijderveld in de top van de NS, ook een echt mannenbedrijf, na de fraude rond een groot vervoerscontract. Haar opdracht: cultuurverandering en integriteit bevorderen.

Sommige mensen zetten vraagtekens achter diversiteitsbeleid in bedrijven (man-vrouwverhouding, jong-oud, meer/minder monocultuur). Daar zit wat in. Menselijk gedrag is altijd onvoorspelbaar. Maar diversiteitsbeleid heeft ook z’n nut, bijvoorbeeld om te voorkomen dat mannen de janboel blijven maken die vrouwen dan weer moeten opruimen.

Menno Tamminga schrijft op deze plaats elke dinsdag over ondernemingsbeleid en economie