Column

Kennismaken met Mizee

Voor God en de Sociale Dienst heette de boeiende roman waarmee Nicolien Mizee in 2000 debuteerde. In drie faxen aan haar scenarioleraar Ger onderneemt hoofdpersoon Cilia een kritische zoektocht naar zichzelf in een haar nogal vijandig gezinde wereld. De mengeling van ernst en humor bevielen me zeer in dit boek, dat ook was opgedragen aan ene Ger.

Het boek werd destijds lovend besproken, maar toch raakte het op de achtergrond, zoals de meeste boeken overigens. Maar opeens is het in een andere gedaante weer opgedoken: het heet De kennismaking met als ondertitel ‘Faxen aan Ger’. Ger blijkt echt te bestaan, zijn achternaam is Beukenkamp en hij geniet bekendheid als scenarioschrijver van onder meer de tv-producties Emily, of het geheim van Huis ten Bosch, en Den Uyl en de affaire Lockheed.

Wat blijkt? Mizee stuurt al vanaf 1994 zeer persoonlijk getinte faxen naar Beukenkamp. Deze faxen waren ook het grondmateriaal voor haar debuut en zijn nu, sterk vermeerderd en uitgebreid, gebundeld onder de titel De kennismaking. Wat in haar debuut nog fictie leek, is nu autobiografische non-fictie geworden. Cilia werd Nicolien Mizee zelf, die tegelijk uitgever Nijgh & Van Ditmar verwisselde voor Van Oorschot.

Daar zal de stalgeur haar bekend voorkomen, want ze houden er van autobiografische literatuur. Hoe groot de verschillen ook zijn, ik zie duidelijke overeenkomsten met het door Van Oorschot uitgegeven werk van onder anderen J.J. Voskuil, Frida Vogels en Detlev van Heest. Voskuil vond de fantasieën van een schrijver niet interessant, de schrijver moest zo onversneden mogelijk rekenschap afleggen van hoe hij geleefd had, daar kwam het op aan.

Dat zie ik bij Mizee terug. Haar faxen aan Ger zijn een soort dagboeken waarin ze haar leven vastlegt en becommentarieert. Ze ontmoet Ger weleens, maar hij schrijft nooit terug; een dagboek schrijft ook niet terug, het laat zich schrijven. Ger is niet meer en niet minder dan de kapstok waaraan Mizee haar (schrijvers)leven ophangt.

Ze ontmoet Ger weleens, maar hij schrijft nooit terug; een dagboek schrijft ook niet terug, het laat zich schrijven

Dat doet ze ook in De kennismaking vaak op hilarische wijze. De bekende onderwerpen uit haar debuut komen voorbij: de worsteling met de Sociale Dienst (ze zit in de bijstand en weigert werk), het lesbische stijldansen, het fungeren als naaktmodel en daaruit voortvloeiende contacten.

Omdat haar debuut en De kennismaking elkaar gedeeltelijk overlappen, stuit de lezer soms op doublures. Een vreemde ervaring, maar de hoogtepunten – zoals het keuringsgesprek met een verbijsterde ambtenaar van de GGD – zijn er niet minder om.

„En mijn enige doel in het leven is om zo volmaakt mogelijk diegene te worden die ik voorbestemd ben te zijn”, zegt ze tegen hem. „En daarbij gehoorzaam ik aan iemand die aanzienlijk hoger is geplaatst dan u, de directeur van de Sociale Dienst of welke werkgever dan ook, en dat is God.” (Eerlijk gezegd had ik net zo goed: „En dat ben ik zelf’’ kunnen zeggen, maar ik vreesde dat een dergelijke hoogmoed hem te veel zou worden.)

In het tv-pogramma Boeken vertelde Mizee dat ze niet weet of ook de andere faxen – ze schrijft Beukenkamp nog steeds – zullen worden uitgegeven. „Dat hangt van de uitgever af.” Als de kwaliteit op het niveau van De kennismaking blijft, lijkt mij er geen enkel bezwaar tegen.