Baasje van doodzieke hond of kat staat er alleen voor

Diergeneeskunde

Eigenaars van ernstig zieke honden of katten hebben vaak stress van hun ‘mantelzorg’. Daar hebben ook dierenartsen last van.

Golden retriever op operatietafel Foto Getty Images/iStockphoto

Zorgen voor een chronisch of terminaal zieke hond of kat gaat een mens niet in de koude kleren zitten. Eigenaars hebben bovengemiddeld last van stress, angst en depressieve gevoelens. Bij vergelijkbare scores in de ‘humane mantelzorg’ zouden ze in aanmerking komen voor professionele hulp. Maar als huisdierbaasje staan ze er alleen voor. Dat schreven Amerikaanse wetenschappers begin deze maand in Veterinary Record, een tijdschrift uitgegeven door het British Medical Journal.

De Amerikanen wilden de werksituatie van dierenartsen onderzoeken. Veel dierenartsen ervaren stress door bijvoorbeeld hun werkdruk, maar ook door dierenleed als verwaarlozing en het moeten euthanaseren van dieren. Daar is steeds meer aandacht voor, schrijven de Amerikanen, maar de oplossing wordt altijd gezocht bij de werkplek of de dierenarts zelf. De rol van het baasje was nog nooit onderzocht.

De onderzoekers vergeleken 119 eigenaren van een terminaal zieke hond of kat met 119 eigenaren van gezonde hond of kat. Ze gebruikten standaardtests om stress, angst, depressie, kwaliteit van leven en psychosociaal functioneren te meten. Op al die punten scoorden de zorgende baasjes opvallend slechter dan de baasjes van gezonde dieren.

„Maar weinig mensen zorgen 24 uur per dag voor een zieke medemens zonder professionele hulp”, schrijft Katherine Goldberg van de Universiteit van Tennessee in een commentaar bij het artikel. Ze is gespecialiseerd in de sociale kant van diergeneeskunde en deed zelf niet mee aan het onderzoek. „Toch is dat wat we van onszelf verwachten als ons huisdier ziek is, en we voelen ons schuldig als het ons zwaar valt.”

Het resultaat, aldus de onderzoekers: dierenartsen krijgen te maken met overspannen baasjes. Die kunnen vaak slecht beslissingen nemen over de behandeling, ze kunnen de behandeling van hun dier niet volhouden, of ze zijn agressief of depressief in de behandelkamer. Dat alles beïnvloedt het werk én het welzijn van de dierenarts. „Hoog tijd dus voor een nieuw onderdeel in de opleiding tot dierenarts: hoe om te gaan met de mantelzorger?”, schrijft Goldberg.

Ze geeft alvast een stappenplan: praat met de eigenaars over het doel van de behandeling en over hun voorkeuren, verwachtingen en beperkingen. Vraag bij elk consult hoe het met het baasje gaat. Slecht? Schakel dan professionele hulp in. En vraag als dierenarts zelf ook op tijd om hulp.