Zijn buitenlandse werknemers straks nog welkom in het VK?

Migratie na de Brexit

Soevereiniteit over de landsgrenzen moet leiden tot minder EU-migranten, redeneert de Britse premier May. Zonder duidelijk perspectief blijven Europeanen na de Brexit weg uit het Verenigd Koninkrijk, ook in sectoren waar personeelstekorten heersen.

Migranten snijden sla af in het Zuid-Engelse district Kent. Foto Neil Hall/Reuters

De Nederlandse boekhouder waar een Londense start-up naar smacht. De Italiaanse verpleegkundige die nodig is in het ziekenhuis van Nottingham. De Poolse econoom die kan promoveren in Edinburgh. Zijn deze EU-burgers na de Brexit nog wel welkom in het Verenigd Koninkrijk? Dat is een van de belangrijkste politieke noten die de Britse regering moet kraken. Terwijl in Brussel onderhandeld wordt over de scheiding, kijkt men in Londen al verder: het debat over het toekomstige migratiebeleid is de afgelopen weken in alle hevigheid opgelaaid.

Voor Theresa May is het helder. Soevereiniteit over de landsgrenzen moet leiden tot minder EU-migranten. In het Lagerhuis zei ze deze maand: „Migratie kan een serieuze impact hebben op mensen, hun toegang tot diensten, op infrastructuur.”

Ze gelooft dat een jaarlijkse totale instroom van minder dan 100.000 migranten een houdbaar duurzaam niveau is. In 2010 kwamen nog 217.000 migranten vanuit de rest van de wereld naar het VK, het afgelopen jaar daalde dat aantal tot 175.000.

Het VK wil na Brexit nieuwe laagopgeleide EU-burgers werkvisum voor maar 2 jaar geven.

Migratie beperken is een decennium een gekoesterde wens van de Tories, sinds Labour-premier Tony Blair na de Europese uitbreiding in 2004 als een van de weinige regeringsleiders de grenzen direct openstelde. In 2005 oordeelden de Tories in hun verkiezingsmanifest: „Deze regering is effectief de controle over de grenzen kwijtgeraakt.”

Het probleem voor de Tories is dat ze weliswaar actie beloven, maar al ruim een decennium verzuimen te vertellen wanneer ze gaan regelen dat er minder migranten komen. May beseft dat beloven zonder te leveren afbreuk doet aan de geloofwaardigheid van haar partij. Zonder de beperkingen van het Europees recht denkt zij na Brexit de verkiezingsbeloftes waar te kunnen maken en de klok twintig jaar terug te draaien.

Britse werkgevers zeggen dat EU-arbeidskrachten onontbeerlijk zijn.

Decennia was er nauwelijks sprake van een positief migratiesaldo in het Verenigd Koninkrijk. Het ene jaar kwamen er meer mensen bij, een ander jaar vertrokken er juist meer, afhankelijk van de economische situatie. Pas in 1998, gedreven door de Kosovo-oorlog en een economische opleving werd de politiek symbolische grens van honderdduizend migranten (140.000) overschreden. Sinds de jaren na de Europese uitbreiding van 2004 (Polen, Hongarije, Baltische staten) en 2007 (Bulgarije en Roemenië) is netto-migratie altijd meer dan 200.000 geweest, op 2012 na.

Op een Britse bevolking van 64 miljoen mensen komen inmiddels 3,4 miljoen uit de EU (5,3 procent), onder wie 1,6 miljoen migranten uit de landen die het laatst zijn toegetreden tot de EU. De Poolse (1 miljoen) en Roemeense (300.000) zijn de grootste Europese gemeenschappen.

Lees ook over de plannen voor migratie die May al in haar verkiezingsprogramma presenteerde: May wil beperking migratie en meer inmenging van de staat

Arbeidskrachten onontbeerlijk

Vergeleken met andere Europese economische grootmachten als Duitsland (4.75 procent), Spanje (4 procent) en Frankrijk (2 procent) is het percentage EU-migranten in het VK groter, blijkt uit cijfers van Eurostat uit 2015. In Nederland waren twee jaren geleden 458.705 migranten uit andere EU-landen, goed voor 2,7 procent van de totale bevolking.

Britse werkgevers zeggen dat EU-arbeidskrachten onontbeerlijk zijn, zeker omdat de regering het de afgelopen jaren moeilijker heeft gemaakt werknemers uit de rest van de wereld te laten overkomen. De Britse arbeidsmarkt draait op volle toeren. De werkloosheid is met 4,3 procent historisch laag, evenals het percentage van Britten dat economisch inactief is (dus mensen die niet eens een poging doen werk te vinden). Met andere woorden: als een Brit een baan wil vinden, is er werk.

Het chagrijn over het aantal EU-werknemers in het VK is dus niet dat zij banen inpikken. Wat de ambtenaren van Binnenlandse Zaken wel constateren is dat werkgevers ervoor kiezen liever buitenlands personeel aan te trekken dan werknemers die al in dienst zijn intern op te leiden. De ambtenaren: „Het niveau van investeringen in opleidingen daalt al twintig jaar.”

Ze citeren een OESO-onderzoek, de club van geïndustrialiseerde landen, waaruit blijkt dat het VK op plek 25 van de 35 OESO-landen staat als het gaat om beheersing en kwaliteit van middelgeschoolde arbeid. Tegen 2020 verliezen de Britten nog meer terrein en komen ze op plek 28 uit.

Het uithollen van het Britse beroepsonderwijs ziet ook auteur David Goodhart als een bron van onvrede die uitmondde in de Brexit-stem. Werkgevers investeren minder in opleidingen, onderwijsinstellingen richten zich liever op lucratieve academische studies om (buitenlandse) studenten mee aan te trekken en het stelsel van technisch onderwijs is verkwanseld, zowel door regeringen geleid door Labour als de Tories, schrijft Goodhart in zijn boek The Road to Somewhere. Goodhart: „In het VK geldt: naar de universiteit of mislukken.” Hij noemt dit fenomeen het verdwijnende midden van de arbeidsmarkt.

Het aantal arbeidsmigranten stijgt wereldwijd. Ondanks hun bijdrage aan groei komen er steeds meer regels.

Nephuwelijken

De ambtenaren van Binnenlandse Zaken denken dat zij na Brexit met hun voorgestelde maatregelen migratie vanuit de EU kunnen ontmoedigen: strengere regels (taaltest, aanpakken nephuwelijken) hebben de afgelopen jaren immers het aantal migranten van buiten de EU weten te drukken.

De landbouw, het bedrijfsleven en de horeca waarschuwen dat arbeidstekorten dreigen als de toestroom EU-migranten eveneens beperkt wordt. Dat kan lonen opdrijven en het dagelijks leven voor Britten nog duurder maken.

De gevolgen voor de gezondheidszorg kunnen nijpender zijn. Bij het National Health Service in Engeland is 10 procent van de artsen, 7 procent van de verpleegkundigen en 5 procent van de wetenschappelijke staf afkomstig uit de EU, aldus een rapport van House of Commons Library.

Dit voorjaar bleek dat in 2016, toen de onrust over de gevolgen van Brexit begon, meer EU-personeel vertrok bij de NHS dan in het jaar daarvoor (17.197 vergeleken met 13.321). Tevens trekt er minder nieuw EU-personeel naar de NHS. In plaats van 1.304 verpleegkundigen, kwamen er in april slechts 46 nieuwe verpleegkundigen uit de EU, terwijl er alleen in Engeland al een tekort is aan 30.000 verpleegkundigen, meldde de Nursing and Midwifery Council. Dus: zonder duidelijk toekomstperspectief blijven Europeanen weg, ook in sectoren waar personeelstekorten heersen.

Tony Blair

Juist gezien de gevolgen is er strijd, en niet alleen binnen de Tories over de ambtelijke plannen. Afgelopen week schreef Tony Blair in The Sunday Times dat het tijd is voor een restrictiever migratiebeleid. De man die in 2004 de Britse arbeidsmarkt open gooide vindt dat na de financiële crisis en jarenlange bezuinigingen het publieke sentiment gekanteld is. Blair: „Een intelligente politiek herkent die wijziging van sentiment en handelt ernaar.”

De maatregelen die Blair voorstelt lijken op Mays plannen. Blair gelooft echter dat de Britse zorgen over migratie terecht zijn, maar vindt dat Brexit geen antwoord biedt. Migratieregels aanscherpen, zoals een registratieplicht of een termijn van drie maanden om een baan of studieplek te vinden, is toegestaan onder Europees recht. Blair vindt dat May een aangescherpt migratiebeleid bij de EU moet onderhandelen om zo de Britten binnenboord te houden, zoals Cameron („migratienoodrem”) voor het referendum tevergeefs probeerde.

De ministers van May twijfelt eveneens. Amber Rudd vreest de economische schade. Minister Green denkt dat het voorstel de onderhandelingen met de EU bemoeilijken. EU-onderhandelaar Barnier noemde het voorstel „giftig”. Tegelijkertijd, tientallen Lagerhuisleden van de Tories schreven een brief op die May opriep een harde Brexit, inclusief restrictief migratiebeleid, onverdroten door te zetten.