Cultuur

Interview

Interview

Foto Eppo König

‘Er was níémand die de avondklok controleerde die was ingesteld’

Interview premier Sint-Maarten Premier Marlin van Sint-Maarten staat na orkaan Irma voor de taak van zijn leven. Zijn regering krijgt veel kritiek op de trage noodhulp in de eerste dagen.

Wat hij de afgelopen week gedáán heeft? Premier William Marlin van Sint-Maarten lacht een beetje verontwaardigd om zo’n binnenkomer „,We hebben eindeloos vergaderd, ik kan niet omschrijven wat ik… ik sta niet in de berm zink en multiplex op te ruimen, maar ik coördineer de ramp.”

Onopvallend, in een klein kamertje naast het Nederlandse noodhulpteam USAR, zit Marlin vrijdagmiddag in zijn overhemd mailverzoeken te fiatteren. Buiten het nieuwe regeringsgebouw hangen sinds orkaan Irma al dagenlang Sint-Maartenaren rond die wat stroom en wifi, schaduw en hulp zoeken.

Op een prikbord in de hal hangt een A4’tje met een organogram van de nieuwe verhoudingen in Sint-Maarten. Centraal bovenaan staat de premier, daaronder de brandweercommandant en daaronder de coördinatoren van tien noodteams, van ‘water en energie’ tot ‘haven, vliegveld en hotelactiviteiten’. Naast de premier, op gelijke hoogte, lopen er twee stippellijntjes. Het linker loopt naar de openbaar aanklager, het rechter naar de ‘koninklijke Nederlandse mariniers’.

Sinds de onafhankelijkheid in 2010 is de regering van Sint-Maarten al vijf keer gevallen. Lees ook Eilandbestuur op wankele benen

William Marlin, leider van de National Alliance, premier sinds 19 november 2015, staat voor de taak van zijn leven. Maar we hebben er nog weinig van gemerkt, zeggen boze bewoners en toeristen op straat en op sociale media. Na de orkaan kwamen de plunderingen, honger en dorst in sommige wijken en wat vooral niet kwam was informatie van de overheid, zeggen ze. Negen dagen na de orkaan gaf Marlin zijn eerste formele verklaring, buiten zijn radio-optredens, schreef lokale krant The Daily Herald. „Ik begrijp dat velen van jullie boos zijn”, zei Marlin. „Ik hoor jullie geschreeuw om hulp.”

Tussendoor geeft Marlin een vraaggesprek. Hij heeft het druk gehad met bezoek, zegt hij. Na Irma kwam eerst orkaan José langs en daarna koning Willem-Alexander en demissionair minister Plasterk (PvdA, Binnenlandse Zaken). „Eigenlijk begint het herstel nu pas”, zegt hij.

In de eerste dagen werd er veel geplunderd. Mensen zeggen: we hadden eerder politie en militairen bij de winkels moeten hebben.

„Afspraken waren gemaakt, vóór de orkaan. Ik heb een persoonlijke ontmoeting gehad met de chef van de politie. En de commandovoerder van de mariniers. Er is iets misgegaan tussen hen, in de hele communicatie.”

Wat ging er verkeerd?

„Dat weet ik niet, dus je moet die vraag stellen aan de mariniers.”

De Nederlandse mariniers?

„Ja, er zijn geen andere mariniers hier. En niemand kwam opdagen. Er was níémand die de avondklok controleerde die was ingesteld. De regering krijgt de schuld, de regering is natuurlijk ook verantwoordelijk. Maar je had niet kunnen verwachten dat de ministers zélf de wegversperringen zouden aanleggen.”

Dus er was miscommunicatie tussen de mariniers en de politie?

„Ik weet het niet. Maar dat heeft een lawine van problemen gecreëerd. De avondklok werd niet gehandhaafd, er werd geplunderd, de mariniers keken ernaar – en deden niets.”

Commandant Zeestrijdkrachten noemt de uitlatingen van Marlin “klinkklare onzin”. „Mijn mensen hebben binnen de grenzen van hun mogelijkheden vanaf het eerste moment handelend opgetreden.”

Het is grote ramp. Sommige mensen hebben gebrek aan water en voedsel.

„Er was miscommunicatie over materiaal op het vliegveld. Toen de coördinatoren van de regering naar het vliegveld gingen, kregen ze van [Nederlandse] militairen te horen dat er geen spullen waren. Het bleek dat dat niet klopte. De spullen wáren er wel. Dus nu kunnen we bij sommige spullen zoals zeilen en noodpakketten en worden ze terwijl wij spreken gedistribueerd.”

Hoe is de relatie tussen uw overheid en de Nederlandse overheid? Sommige mensen zeggen: onze regering kan deze ramp niet aan. De Nederlandse regering moet de regie overnemen.

„Dat is absolute onzin. [premier Marlin schraapt zijn keel]. Natuurlijk, financiéél kan onze regering deze ramp niet aan - ik denk dat geen land ter wereld dat zijn hele economie verliest dat kan. We hebben een toeristeneconomie. We hebben geen industrie, we produceren geen auto’s en we exporteren niets.”

Er zou een worsteling zijn over wie nu de autoriteit is van het vliegveld.

„Er is geen worsteling over de autoriteit over het vliegveld. We hebben [Nederlandse] militairen gevraagd om het te bewaken. De hekken zijn kapot dus daarom kunnen we geen vluchten uitvoeren als de veiligheid niet is gegarandeerd. Je wilt niet dat er vliegtuigen landen als er iemand of wat dan ook op de landingsbaan is. Daarom zijn de mariniers er, ze doen prima werk om het te beveiligen. We hebben een goede samenwerking met de luchtverkeersleiding die is gekomen om te assisteren. Dus dingen lopen op het vliegveld.”

Mensen op straat spreken van een cultuur of houding binnen de regering van: we willen onafhankelijk zijn, jullie mogen ons helpen, maar hier trekken een streep. Wat vindt u van die beschrijving?

„Ik wil niet ingaan op reacties of gevoelens van mensen. Ik kan alleen ingaan op feiten van de regering zelf. Ik wil niet reageren op sidenews en ik wil geen ruis creëren. De feiten zijn zoals ze zijn en ik heb ze net aan u uitgelegd.”

Marlin klopt met zijn knokkels af op zijn bureau. De tijd is om.

Is er nog tijd voor een foto? Ik weet een goede plek, zegt een assistent. In een zaaltje, waar met pen ‘parlementsvergadering’ op een bordje is geschreven, omklemt Marlin het spreekgestoelte tussen twee vlaggen. Het duurt hem te lang. „Is het zo moeilijk om een foto te maken?”, bromt Marlin.

Daar staat de premier van Sint-Maarten. In een lege ruimte.