Katten zijn soms vloeibaar, en nog negen vrolijke onderzoeken

Ig Nobelprijs

Eén van de alternatieve Nobelprijzen, voor onderzoek waar je eerst om lacht en dan over nadenkt, ging donderdagavond naar onderzoek dat aantoont dat katten soms vloeibaar zijn.

Eerst lach je erom, dan zet het je aan tot nadenken. Dat is het soort onderzoek waar de jury van de Ig Nobelprijzen dol op is. Krap een maand voordat, dit jaar vanaf 2 oktober, tijdens houterige persconferenties de zes echte Nobelprijzen worden toegekend, zaten er donderdagavond 1.100 mensen in het Sanders Theatre op Harvard University een avond lang te lachen bij de uitreiking van tien Ig Nobelprijzen. Het was de 27ste Ig-Nobelceremonie. Iedere winnaar ontving 1.000 miljard dollar. Zimbabweaanse dollars – om precies te zijn.

Wie achteruitloopt met een kop koffie morst minder snel dan wie vooruitloopt, zolang je nergens tegenaan loopt. Het hersengebied waar bij kaashaters de afkeer voor kaasgeur zit, is gevonden. Wie net levende krokodillen heeft gezien, zet hoger in als hij gaat gokken. De oorsprong van grote oren bij oude mannen. Het aantonen van mensenbloed bij een vampier, de vleermuis dus. En de ontdekking dat een foetus beter op muziek reageert als de muziek via een apparaatje ín de vagina wordt afgespeeld. Dat waren, naast de vier onderwerpen hieronder, de zes prijswinnende onderzoeken.

Geen Nederlandse prijswinnaars dit jaar, wat na vele jaren met een rijke Nederlandse oogst een tegenvaller is. Het is nog afwachten of het topsectorenbeleid, en de pressie om aan maatschappelijke toepassingen te denken, in Nederland een definitief einde heeft gemaakt aan onderzoek waarom ook om te lachen valt.