Hoe Duitsers hun land zien na twaalf jaar Merkel

Duitsland

Hoe zien Duitsers hun land na twaalf jaar Merkel? Aan de vooravond van de verkiezingen reist correspondent Juurd Eijsvoogel langs plaatsen die belangrijk zijn geweest voor de bondskanselier en spreekt met kiezers. ‘We zijn al zo vaak bedrogen.’

Tijdens haar eerste politieke campagne bezoekt Angela Merkel in 1990 vissers op het eiland Rügen. Foto Ullstein Bild/ Getty Images

Daar zit ze, een jonge vrouw tussen de zeebonken, in een rokerige vissershut. Nog lang geen bondskanselier, maar wel al met politieke ambitie.

Het is een beroemde foto, die het begin markeert van de politieke carrière van Angela Merkel. In een land dat óók aan een nieuw begin staat. Het is november 1990, de DDR is amper een maand eerder opgegaan in de Bondsrepubliek, de Duitse deling is na vier decennia voorbij.

Het herenigde Duitsland maakt zich op om een nieuw land te worden, met nieuwe kracht, nieuwe problemen en een nieuwe rol in Europa en de wereld. En Angela Merkel, die vrijwel haar hele leven achter het IJzeren Gordijn heeft gewoond, zal daarbij een bepalende rol spelen. Al kan geen mens dat nog bevroeden.

Ze heeft een borrel in haar hand en ze luistert. „Het was een uur of tien, half elf ’s ochtends”, herinnert Hans-Joachim Bull zich, één van de vissers. „We kwamen net terug van zee. Zeker een toerist die hier een kijkje komt nemen, dachten we.” Maar het bleek een nieuwkomer in de politiek, die voor het eerst op campagne was in wat 27 jaar later nog altijd haar kieskring is, op het eiland Rügen, in het uiterste noordoosten van Duitsland.

Haar partij, de CDU, had geregeld dat er een fotograaf met haar meeging. Want niemand wist nog wie deze 36-jarige vrouw was – en ze moest toch enige bekendheid krijgen. In de auto van de fotograaf toerden ze twee dagen over het eiland, op zoek naar kiezers. En zo kwamen ze in het gehucht Lobbe terecht, bij die stoere mannen, die zoals iedere dag met hun overalls nog aan wat bijeenzaten met bier, Schnaps en sigaretten.

„Ze informeerde naar de problemen die vissers hadden”, vertelt de gepensioneerde Bull (60) op een bankje voor zijn huis. „Ze maakte een positieve indruk. Ze beloofde niets, ze zei: ik zal mijn best doen. Je merkte dat ze hier in het oosten geworteld is.” Bodenständig is het woord dat hij gebruikt, en daar klinkt ook in door dat ze met beide benen op de grond staat. „Zo is ze nog steeds. Ze is een mens gebleven.”

Maar Bull is teleurgesteld in wat Merkel, de vrije markt en het nieuwe Duitsland hem hebben gebracht. In verkiezingstijd komen er vanwege die historische foto vaker journalisten bij hem langs, en dan vertelt hij altijd wat hij ook tegen Angela Merkel zei toen ze, inmiddels kanselier, voor een tweede keer Lobbe bezocht. Voor vissers valt er geen droog brood meer te verdienen. In het dorp, met zo’n honderd inwoners, is geen visser meer over. De enige winkel die er ten tijde van de DDR was, een Konsum-supermarktje, is ook verdwenen. Geld verdient men hier alleen nog met de verhuur van vakantiehuisjes.

Op de foto zit Bull helemaal linksachter, wijst hij, amper zichtbaar achter de muts van een collega. „Mijn vaste plaats was eigenlijk daar – rechtsvoor.” Maar daar wilde de fotograaf de oudere, fotogenieke man met baard en pet graag hebben.

Sinds die campagne van 1990 heeft Merkel Duitsland talloze keren doorkruist – zoals ze ook nu weer doet, in de aanloop naar de verkiezingen van 24 september. Vier jaar geleden was het verlangen naar continuïteit voor veel Duitsers reden haar een derde termijn te gunnen. Willen ze haar nu, na twaalf jaar aan de macht, nóg vier jaar laten door regeren? Hoe zien ze hun land na twaalf jaar Merkel? En hoe heeft zij zich, inmiddels 63 jaar, er doorheen geslagen? Merkel is nog opmerkelijk populair, zelfs buiten haar eigen partij. Maar op menige verkiezingsbijeenkomst treft ze niet alleen een geïnteresseerd of enthousiast gehoor, steeds vaker wordt ze ook uitgefloten.

Op een route door Duitsland, voor dit artikel uitgestippeld langs vier plaatsen en thema’s die belangrijk waren in Merkels loopbaan, gaan verschillende Duitsers in op die vragen. Behalve de voormalige visser ook een student, een dominee, een snackbarhouder, een vluchteling, een deurwaarder, een activist, een socioloog en een dakloze. Enkelen van hen hebben Merkel van nabij meegemaakt.

  1. Lobbe en Binz: vakantiehuisjes en vluchtelingen

    Hans-Joachim Bull maakt zich vooral zorgen over de komst van grote aantallen vluchtelingen naar Duitsland, en wat daarvan de gevolgen zijn voor „de Duitsers die ook werkelijk Duitsers zijn”, zoals hij het uitdrukt. In Lobbe zijn geen vluchtelingen, dat hebben de bewoners met een burgerbeweging weten te voorkomen. „We leven hier van het toerisme, als dat in gevaar komt houdt alles op.”

    Dat wil niet zeggen dat Bull voor de AfD is, de anti-immigratiepartij die van aanvallen op Merkel haar handelsmerk heeft gemaakt. Bull vindt dat Merkel met de vluchtelingencrisis „de kar in de modder heeft gereden”. Maar hij gaat toch weer op haar stemmen, want „ze kan die kar er het beste zélf weer uit trekken”.

    Daar denken veel mensen hier in de deelstaat Mecklenburg-Vorpommern heel anders over. In de badplaats Binz, niet ver van Lobbe, werft de AfD met een affiche waarop staat: ‘Merkel moet voor de rechter’. Het is een zomerse zaterdag, vakantiegangers kuieren over de strandpromenade, de terrassen zitten vol, het strand is druk maar niet té – je zou denken: dit is het Duitsland waarin we goed en graag leven, zoals de verkiezingsleus van Merkel luidt.

    Maar in strandhotel Arkona houdt de AfD een verkiezingsavond, met als rode draad: Merkel moet weg. Het zaaltje zit met zo’n 120 man bomvol: rustig, grotendeels middelbaar publiek uit Binz en omgeving, maar er zijn ook Duitse vakantiegangers. De bondskanselier heeft de wet overtreden, betogen verschillende sprekers, eerst met de redding van de euro en toen met het openen van de grenzen voor vluchtelingen. Het publiek klapt zijn handen stuk.

    Net als in andere delen van de voormalige DDR, is de AfD in Mecklenburg-Vorpommern geen kleine partij meer. In 2016 kreeg ze bij de deelstaatverkiezingen maar liefst 20,8 procent van de stemmen, terwijl Merkels CDU bleef steken op 19 procent. Een vernedering voor de bondskanselier en haar partij.

    Dat de economie op volle toeren draait en de werkloosheid historisch laag is, stemt AfD-ers niet milder. „Het mag goed gaan met de Duitse economie in het algemeen, maar hier is de toestand catastrofaal”, zegt Dario Seifert, een rechtenstudent uit de stad Stralsund, die speciaal voor de AfD-avond naar Binz is gekomen.

    „De ontevredenheid is groot, en niet alleen vanwege de vluchtelingen. Deze regio heeft zich volledig op toerisme en detailhandel gericht, de lonen zijn laag, werknemers worden uitgebuit. Maar ander werk is er nauwelijks, dus veel jongeren trekken weg. Al in de jaren negentig had je dit kunnen zien aankomen – maar het enige wat men gedaan heeft is vakantiehuisjes bouwen.” Er moet in Duitsland nodig iets veranderen, vindt hij.

  2. Als minister van Milieu bezoekt Angela Merkel in 1995 een beoogde opslagplaats voor kernafval in Gorleben.
    Foto DPA/ Stefan Hesse

  3. Gorleben: De taaie strijd om kernenergie

    Rijdend door het noorden van Duitsland, kom je overal in het groene landschap windmolens tegen. De zogeheten Energiewende, de overgang naar duurzame energiebronnen, is hier in volle gang. Maar daar is een lange, taaie strijd aan vooraf gegaan – vooral over kernenergie. Angela Merkel was daar al bij betrokken toen ze nog minister van Milieu en Reactorveiligheid was (1994-1998).

    Met een witte jas aan en een witte helm op bezocht ze in 1995 hét strijdperk van voor- en tegenstanders van kernenergie: de zoutmijnen in Gorleben, in het oosten van Nedersaksen. In 1977 was besloten om daar, diep onder de grond en vlakbij de grens met de DDR, het hoogradioactieve afval van Duitse kerncentrales voorgoed op te slaan. Het leidde decennialang tot eindeloze debatten en hevige protesten, die weerklank vonden in het hele land. Veertig jaar later is een definitieve beslissing over de omstreden opslag nog altijd niet gevallen.

    Wel is er in de dennenbossen bij Gorleben een terrein in gebruik genomen voor tijdelijke opslag, bovengronds. Iedere keer als er een lading hoogradioactief materiaal naar dit zogeheten ‘Zwischenlager’ wordt gebracht, proberen demonstranten dat met zitblokkades, barricades van tractoren en boomstammen te verhinderen.

    Wolfgang Ehmke, activist van het eerste uur en leraar Duits, was erbij toen Merkel 22 jaar geleden in Gorleben de voorbereidingswerkzaamheden voor de opslag in de zoutmijn kwam inspecteren. „Als natuurkundige beschouwde ze kernenergie toen nog als een beheersbare technologie. Ze had verwacht hier een bonte kliek van hysterische betogers aan te treffen. Maar het verzet bestond uit een coalitie van de conservatieve boerenbevolking en linkse activisten uit de stad. Dat er zoveel keurige, burgerlijke demonstranten waren gekomen, verraste haar.”

    Het zou nog zestien jaar duren voor Merkel, na de kernramp van 2011 in het Japanse Fukushima, van haar geloof viel. Van de ene dag op de andere besloot ze dat alle Duitse kerncentrales uiterlijk 2022 buiten bedrijf moeten zijn. Een kwestie die Duitsland decennialang diep had verdeeld, was daarmee eindelijk beslecht. Zelf noemt Merkel dit het moedigste besluit in haar jaren als kanselier.

    Ehmke is hier in Wendland, zoals de regio rond Gorleben heet, een bekende verschijning: een kwieke 69-jarige, met oorknopjes in zijn linker oor en een grijze pet op zijn kalende hoofd. Je zou denken dat hij, als veteraan van de strijd tegen kernenergie, vanwege Merkels ommekeer wel tevreden zou zijn over de bondskanselier. Maar dat blijkt niet te kloppen.

    „Zeker, er was een gevoel van genoegdoening. Zonder ons was het nooit zover gekomen. Maar Merkel deed het niet uit overtuiging’’, zegt hij. „Ze is een gewiekste politicus en ze merkte dat ze haar meerderheid zou verliezen. Met dit besluit opende ze nieuwe mogelijkheden om coalities met linkse partijen aan te gaan.”

    De vraag wat er moet gebeuren met het radioactieve afval, is nog altijd niet opgelost. Begin deze maand begon de regering in Berlijn een nieuwe zoektocht naar een geschikte locatie voor de definitieve opslag. Uiterlijk 2031 moet daarvoor ergens in Duitsland een plaats zijn aangewezen. Kortom, het lastige besluit is uitgesteld – een beproefd recept in Merkels Duitsland. „Dit hele conflict wordt een generatie opgeschoven’’, zucht Ehmke. Hij heeft weinig vertrouwen in een goede afloop. „We zijn al zo vaak bedrogen.”

    Als een gids op een historisch slagveld, neemt hij zijn bezoeker mee langs de plaatsen waar de strijd rond het kernafval steeds weer werd gestreden. „Die grote gele kruizen op de gevels van huizen en boerderijen,” wijst hij, „zijn een teken dat je daar als demonstrant altijd terecht kan om te schuilen, water te drinken of naar de wc-te gaan. En hier ketenden betogers zich vast aan de rails, voordat de treinen met de containers aankwamen. Er was muziek, er werd gegeten, het waren hele volksfeesten”, zegt hij met enige weemoed in zijn stem.

  4. Boze demonstranten wachten Angela Merkel in 2015 op bij een vluchtelingenopvang in Heidenau.
    Foto Jan Woitas/DPA

  5. Heidenau: vluchtelingen in de bouwmarkt

    Toen Mohammad Alsawi in november 2015 aankwam in Heidenau, wist hij nog niet dat het stadje in heel Duitsland een slechte reputatie heeft. Wie er nu heen gaat treft een slaperig plaatsje aan met wat industrie, een opgeknapte binnenstad, flats uit de DDR-tijd en een schilderachtige fietsroute langs de Elbe. Er wonen zo’n 17.000 mensen. Dresden is vlakbij.

    Alsawi, een Palestijnse elektricien uit Damascus, kwam met een bus vol andere vluchtelingen. Ze werden opgevangen in een voormalige bouwmarkt, die dienst deed als asielzoekerscentrum. „Het was al avond, maar ik ben een roker”, vertelt Alsawi (40) in een mengeling van Engels en Duits. „Dus ik zei meteen: ik ga even de straat op om een pakje sigaretten te kopen. Maar dat mocht niet. Het was donker en we moesten binnenblijven. Toen kreeg ik te horen wat hier die zomer was gebeurd.”

    Het was het jaar waarin honderdduizenden asielzoekers naar Duitsland kwamen. Aanvankelijk was daar onder de bevolking veel steun voor, maar gaandeweg groeide het verzet, vooral in het oosten van het land. Dat was nog voor bondskanselier Merkel begin september bepaalde dat de grens niet gesloten zou worden.

    De burgemeester van Heidenau kreeg op een dag in augustus een telefoontje dat hij binnen twee dagen 700 vluchtelingen moest onderbrengen. Halsoverkop besloot hij daarvoor de leegstaande bouwmarkt in te richten. Maar nog voor de vluchtelingen er waren, was er een betoging op poten gezet. Zo’n duizend boze demonstranten bestormden de bouwmarkt en bekogelden de politie met stenen, flessen en vuurwerk.

    Toen na middernacht de bussen met vluchtelingen arriveerden, moesten de mannen, vrouwen en kinderen onder politiebescherming de bouwmarkt ingeloodst worden. Tientallen agenten raakten gewond. De menigte riep ‘Buitenlanders eruit!’ en ‘Wij zijn het volk!’. De volgende avond waren er opnieuw rellen. Met traangas en de wapenstok wist de politie een tweede bestorming van de bouwmarkt af te slaan. De televisiebeelden schokten Duitsland. Men sprak van ‘de schande van Heidenau’.

    „Zo’n enorme agressie had ik nooit verwacht”, zegt dominee Erdmute Gustke, van de evangelisch-lutherse kerk in Heidenau, in een huis dat tijdelijk dienst doet als pastorie. Alsawi, die van de kerk hulp krijgt bij zijn integratie, is er ook bij.

    Met andere kerken in Heidenau organiseerde dominee Gustke meteen een oecumenische gebedsdienst. Ze schreef in haar uitnodiging dat ze „met alle begrip voor de angsten van mensen” iets tegenover de haat wilde stellen: samen bidden en zingen in de kerk. Het woord ‘begrip’ maakte woede los bij een ánder deel van Heidenau. „Op internet kreeg ik allerlei grove commentaren: ik had zogenaamd begrip voor het geweld getoond. Het schokte me diep dat de mensen die voor de opvang van vluchtelingen waren even eenzijdig redeneerden als de tegenstanders. Zelfs mensen die me kenden, plaatsten me in de uiterst rechtse hoek.”

    ‘Heidenau’ werd een kwestie in de landelijke politiek. Toenmalig SPD-leider Sigmar Gabriel kwam naar het stadje en zei doelend op relschoppers: „Dat is tuig. Mensen die met Duitsland niets te maken hebben.” Niet verstandig, volgens Gustke, „want toen gingen de mensen zeggen: Oké, dan zijn we maar tuig. Maar we zijn niet alleen, en we hebben macht”.

    Toen kort daarna ook Merkel het roerige Heidenau bezocht, werd ze bij de bouwmarkt opgewacht door een boze menigte die haar voor ‘landverrader’ uitmaakte. ‘Wij zijn het tuig!’, riepen ze en: ‘Rot op’. Eenmaal binnen nam ze deel aan een gesprek met vluchtelingenhelpers, stadsbestuurders en ook dominee Gustke. „De bondskanselier was heel geïnteresseerd, stelde zinnige vragen, geen blabla – ze liet blijken dat het haar aan het hart ging”, herinnert Gustke zich. „Daardoor voelden we ons gesterkt.”

    Een half leven na de vissershut in Lobbe was er veel veranderd, maar in de kern was de opstelling van Merkel dezelfde: vragend, serieus, rustig, zonder grote beloftes te doen. Alleen was ze nu een ervaren politicus, die verantwoordelijkheid had voor de toestand in het land – en die ook moest nemen.

    Voor de demonstranten buiten op de stoep was ze een leider die haar land verkwanselde. „Hoer! Kutwijf!”, schreeuwden ze haar toe, toen ze terugliep naar haar auto. „Stap maar in je lelijke koets! Volksverrader!”

    Nu, twee jaar later, wordt Merkel op verkiezingsbijeenkomsten opnieuw opgewacht door woedende tegenstanders van haar vluchtelingenbeleid. De kwestie leek in 2015 en 2016 haar hele kanselierschap te gaan overschaduwen, zeker na Oudejaarsnacht in Keulen. Honderden jonge vrouwen werden die nacht rond de Dom en het station betast, bestolen en aangerand door mannen van Noord-Afri kaanse en Midden-Oosterse afkomst, in veel gevallen asielzoekers.

    Maar Merkel slaagde er toch weer in het vertrouwen van veel Duitsers terug te winnen. Er kwamen strengere regels voor toelating van vluchtelingen, ze beloofde dat de toestand van 2015 zich niet zou herhalen, en tegelijk hield ze vol dat ze destijds juist had gehandeld. Haar populariteitscijfers stegen weer, en de verkiezingscampagne van de CDU draait nu helemaal om haar als anker van stabiliteit en betrouwbare hoeder van het economische succes.

    Maar voor sommige Duitsers heeft Merkel niet alleen afgedaan; ze is ook een haatfiguur geworden. Uwe Stirl heeft een Imbiss aan het fietspad langs de Elbe, een snackbar, niet meer dan een grote caravan met wat tafeltjes ervoor. Hij verkoopt bier, koffie en drie soorten worst. Als kleine zelfstandige noemt hij zich spottend een ‘zelfuitbuiter’.

    Tussen het bedienen van zijn klanten door vertelt Stirl dat hij, die ooit op Merkel stemde, nu aanhanger is van de AfD en Pegida – de Patriottische Europeanen tegen de Islamisering van het Avondland. Al tweeënhalf jaar betoogt Pegida iedere maandagavond voor de Frauenkirche in Dresden tegen Merkel en haar vluchtelingenbeleid. „Ik ben daar vaak bij geweest”, zegt Stirl. „En daar lopen echt niet alleen maatschappelijke mislukkelingen mee, maar ook artsen en professoren.”

    Hij is verontwaardigd dat Merkel zoveel vluchtelingen heeft toegelaten die volgens hem niet bij Duitsland passen. „Ze zijn nu overal. Ten tijde van de DDR hadden we ook buitenlanders, maar die gedroegen zich.”

    Stirl heeft niet alleen zijn vertrouwen in Merkel verloren, maar in het hele politieke systeem. „Ik hoor van zoveel mensen dat ze AfD gaan stemmen, ik weet zeker dat Duitsland op 24 september een hele grote verrassing gaat beleven. En als dat niet gebeurt, dan moeten de uitslagen zijn gemanipuleerd.” Over de rellen bij de bouwmarkt, in 2015, zegt hij: „Gekken heb je er altijd bij. Maar de mensen zijn deze regering echt zat.”

    In Heidenau is de rust wel teruggekeerd, maar geen vrede gesloten. De woede is niet meer zichtbaar, maar ook niet weg. Voor- en tegenstanders van de opvang van asielzoekers praten nog altijd nauwelijks met elkaar, moet dominee Gustke tot haar spijt erkennen. De meeste vluchtelingen zijn nu elders ondergebracht. Alsawi heeft een woning en voelt zich in Heidenau niet onveilig. Maar hij vindt het prettiger in Dresden, waar hij kan opgaan in de drukte.

    In het centrum van Dresden, op een terras aan de voet van de Frauenkirche, legt Rolf Süssmann uit waarom de tegenstanders van Merkel niet zullen opgeven. Hij is gerechtsdeurwaarder en woordvoerder van de AfD-afdeling in Saksisch Zwitserland, zoals de streek wordt genoemd waar Heidenau ligt.

    „Voor ons, in de DDR, was tot de val van de Muur alles wáár wat de regering zei. En van de ene dag op de andere was het opeens omgekeerd. Die ervaring hebben de West-Duitsers niet gehad. Maar wij weten dat het heersende systeem niet hoeft te blijven. En dat machtige politieke leiders, zoals Honecker, op een dag voor de rechter kunnen komen om zich te verantwoorden.”

    Wie in deze weken voor de verkiezingen door Duitsland reist, komt door een land met ondertiteling. Overal langs straten en provinciale wegen staan borden met campagneposters die uitleggen hoe de partijen het land zien. De CDU benadrukt hoe goed het gaat en toont een portret van Merkel met de tekst: ‘Succesvol voor Duitsland’. De AfD waarschuwt voor immigratie en rassenvermenging met een foto van een blanke, zwangere vrouw met half blote buik en de tekst: ‘Nieuwe Duitsers? Die maken we zelf’. En de SPD zegt bij een portret van leider Martin Schulz dat het land meer sociale rechtvaardigheid nodig heeft.

  6. Op een CDU-conferentie in Essen werd Angela Merkel eind 2016 opnieuw tot partijleider en kanselierskandidaat gekozen.
    Foto Kay Nietfeld/EPA
  7. Essen: armoede dragelijk maken

    In de industriestad Essen, in het Ruhrgebied, is de SPD de grootste partij. Armoede is hier nog lang niet uitgebannen, ook al zit de Duitse economie al jaren in de lift. Eén op de drie kinderen is in Essen afhankelijk van een uitkering, een toename ten opzichte van vijf jaar geleden.

    Merkel werd in Essen door haar partij opnieuw tot partijleider en kanselierskandidaat gekozen in december, ook al was een deel van de CDU teleurgesteld in haar. In juli hield ze in Essen een toespraak over de successen van haar economische beleid. Natuurlijk sprak ze over de ‘sociale markteconomie’ waarop Duitsland zich graag laat voorstaan met, zoals Merkel zei, „welvaart voor iedereen”.

    Maar hoe ver weg dat doel is weet professor Carsten Ullrich, socioloog aan de universiteit Duisburg-Essen. Ullrich doet onderzoek naar de vraag of armoede van generatie op generatie wordt doorgegeven. Dat gaat niet over de gewone werklozen, benadrukt hij, maar mensen in sociale en familie-omstandigheden die het extra moeilijk maken zich aan armoede te ontworstelen.

    „Hun probleem is niet economische armoede, in de eerste plaats, maar meer een gebrek aan opvoeding, onderwijs, sociale vaardigheden en arbeidsmoraal. Daar zou veel meer aan gedaan moeten worden. Maar de politieke wil ontbreekt. Er zijn geen stemmen mee te winnen, ook niet voor de SPD of Die Linke.”

    Somber is ook Philipp Thelen, die als directeur van een koepel van sociale hulpinstellingen, veel met armoede te maken heeft. „Bij armoedebestrijding moet je beginnen bij de kinderen”, zegt hij. „Er zou veel meer geld voor opleiding en onderwijs uitgetrokken moeten worden” – in Duitsland een verantwoordelijkheid van de deelstaten – „en dat zie ik niet gebeuren. Op het moment kunnen we niet veel meer doen dan de armoede dragelijk te maken, in plaats van haar te bestrijden.”

    Markus Amling is dakloos en al zeven jaar zonder werk. Toen de Nokia-fabriek in Bochum dicht ging verloor hij zijn baan, vertelt hij. Hij raakte in een depressie, aan de drank, aan de drugs en gebruikt nu methadon. Door „beklemde zenuwen” kwam hij in een rolstoel terecht. Hij moet rondkomen van een uitkering van 404 euro in de maand, en dat lukt eigenlijk niet.

    In de verslaafdenopvang in de binnenstad van Essen heeft hij net geluncht – varkensvlees met Spätzle, een soort pasta, voor 1,10 euro. Stemmen gaat hij zeker, zegt Amling. „Ik kom uit een arbeidersgezin. Ik ga niet op Merkel stemmen, niet op radicaal-rechts en ook niet op de SPD, want die zijn te veel op de CDU gaan lijken.”

    Wat dan wel? Amling aarzelt nog. Zoals zoveel andere Duitsers hakt hij pas kort voor de verkiezingen de knoop door. Merkel kennen ze. De wat bedeesde vrouw in spijkerrok bij die vissers in Lobbe is uitgegroeid tot een staatsvrouw waar in eigen land en op het wereldtoneel niemand om heen kan. Behalve de kiezers, als ze dat willen.