Een half jaar drinkwater, een half jaar gif

Maas

Drinkwaterbedrijf WML kon vorig jaar 170 dagen geen Maaswater innemen: te vuil. De rivierwaterbedrijven vragen nu om maatregelen.

Actie voor een schone Maas . De kwaliteit van het rivierwater verslechtert. Foto Chris Keulen

Een vliesje op de thee. Strepen op het glaswerk. Dat merkten zo’n 100.000 Limburgers toen drinkwaterbedrijf WML twee jaar geleden de inname van Maaswater moest staken, en noodgedwongen vier maanden grondwater oppompte. De kwaliteit was „onberispelijk”, maar het water was „harder en kalkrijker dan onze klanten gewend zijn”, aldus WML.

Wat in Midden-Limburg gebeurde, zit drinkwaterbedrijven niet lekker. Al vijf jaar is er een „stijgende trend” in het aantal dagen dat rivierwater niet kan worden ingenomen. „Zorgelijk”, zegt directeur Maarten van der Ploeg van de Vereniging van Rivierwaterbedrijven die Maaswater gebruiken. „Er moeten maatregelen komen.”

Oorzaak van de innamestops is vrijwel altijd vervuiling. Twee jaar geleden was het de stof pyrazool die langere tijd werd geloosd toen de zuivering van chemiecomplex Chemelot in Geleen niet goed werkte. Ook vorig jaar zijn in Nederland „forse en veelvuldige overschrijdingen” aangetroffen van de normen voor rivierwater dat de basis is voor drinkwater, meldde dinsdag een rapport van Riwa-Maas, de Vereniging van Rivierwaterbedrijven van de Maas. Ruim 6 procent van de meer dan elfhonderd stoffen waarop langs de Maas wordt gecontroleerd, overschreed waarden van de Europese drinkwaterbedrijven.

Jarenlang werd gemeld dat het Maaswater schoner aan het worden was. Vanwaar die ommekeer? Nou, metingen zijn preciezer geworden. Maar ook lozen industrie en landbouw steeds vaker nieuwe stoffen.

Kwestie van fatsoen

„Industrie en landbouw zouden de samenleving niet moeten opzadelen met hun rotzooi. Dat is een kwestie van maatschappelijke verantwoordelijkheid, van fatsoen”, zegt Van der Ploeg. „Vervuilers moeten bedenken dat wat niet in het water komt, er ook niet hoeft te worden uitgehaald.”

Hij wil geen namen noemen. „Maar er is een bedrijf dat jaarlijks 2,5 ton van een schadelijke stof zelf zou kunnen filteren, maar die toch loost omdat het nu eenmaal een vergunning heeft.”

Langs de Maas in België en Nederland moest vorig jaar 52 keer de inname van water worden gestopt of beperkt, en dat duurde 312 dagen. Veruit het grootste deel kwam voor rekening van de inname in het Limburgse Heel, waar WML liefst 170 dagen geen water in voorraadbekken De Lange Vlieter kon inlaten. Dit keer was het niet één stof die langdurig verontreiniging veroorzaakte, zoals in 2015, maar bestrijdingsmiddelen, resten van geneesmiddelen, contrastvloeistof uit ziekenhuizen en drugsafval. Soms wordt ook een onbekende stof aangetroffen. Dan duurt een innamestop al gauw enkele dagen: de bron moet worden gezocht, het lozende bedrijf ingelicht, en dan volgen gesprekken.

De gevolgen van de innamestops zijn nu nog niet zo groot. „Als we één dag water kunnen innemen, kunnen we meteen enkele dagen vooruit”, legt een woordvoerder van WML uit. Maar veel gekker moet het niet worden. Het drinkwaterbedrijf kan „niet eindeloos” grondwater gebruiken, en zou uiteindelijk ruimte voor nieuwe spaarbekkens moeten vinden of extra zuiveringen moeten uitvoeren. „Dat zou het drinkwater duurder kunnen maken”, zegt Van der Ploeg. En wat als je niet beschikt over grondwater, zoals in West-Nederland waar grondwater veelal te zout is? „Dan zul je extra buffers moeten aanleggen. Dat kost geld.”

Er is nog iets: klimaatverandering. Die leidt tot meer extremen in het weer, zoals veel regen maar ook perioden van droogte. Voert een regenrivier als de Maas weinig water af en blijven de lozingen dezelfde, dan treedt onvoldoende verdunning op en is de vervuiling groot. „Er stroomt hier eenvoudigweg minder water door de Maas dan verder stroomafwaarts”, zegt de WML-woordvoerder.

De klimaatverandering vergt ook een nieuw stelsel van vergunningen, meent Van der Ploeg. „Je zou rekening moeten houden met de afvoer van water in een rivier. Dat is nu vaak niet geregeld.”