Column

De remedie tegen bange bestuurders

Bij alle politiek is uiteindelijk de vraag: gaat het om het praatje of de prestatie? Je hebt genoeg Haagse maniertjes om goede sier te maken met het praatje. De bekende Kamervragen. De initiatiefwet. De onderste steen die boven moet. Mijn favoriete variant is de ‘scheiding van beleid en uitvoering’. Ofwel: bevordering van lafheid en uitbesteding van daadkracht.

De ‘scheiding van beleid en uitvoering’ werd begin jaren negentig groot. Wij denken graag dat in Amerika alles beter is, en in die tijd had je vicepresident Al Gore die reinventing government propageerde: de publieke sector verbeteren met een ‘ondernemende geest’.

Later bleek dit een maskerade voor het dieventaaltje van de managementboekenbranche. Het idee was: bestuurders moeten niet langer suggereren dat zij verantwoordelijk zijn voor een uitvoerende ambtenaar die dertien verdiepingen lager werkt. Dat moet je scheiden. Je zegt: als politici zijn wij verantwoordelijk voor het beleid; de uitvoering plaatsen wij ‘op afstand’. De logica van de interimmanager: ik zeg hoe het hier moet, en zodra jullie beginnen ben ik weg.

Talrijk waren sindsdien de affaires waarbij uitvoerende diensten de mist ingingen. De woningcorporaties. De Nationale Zorgautoriteit. De Sociale Verzekeringsbank. Nu weer de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.

Even vaak zette de Kamer daarna de wereld op zijn kop: politici die opheldering van ambtenaren eisen, in plaats van politici die verantwoordelijkheid voor ambtenaren nemen.

Het jongste geval is de Nationale Politie en de suspecte bevoordeling van de baas van de Centrale Ondernemingsraad. Een man die de politieleiding hard nodig had om de nationalisering te realiseren. Iedereen weet: de Kamer stemde in 2011 krankzinnig snel en lichtzinnig met deze nationalisering in, zodat de grootste werkgever van het land ontstond, waarna de voorziene problemen zich vanzelf voordeden.

En terwijl nu in de formatie wordt besloten over het gezag over de politie – komt er een aparte staatssecretaris? – maakt de Kamer aanstalten voor een nieuw debat waarin alweer een falende uitvoeringsorganisatie wordt aangevallen die zij zelf, met zicht op alle risico’s, heeft gevormd.

Dus mag er deze keer misschien een cruciaal debat aan voorafgaan, waarin we plechtig afspreken dat de scheiding van beleid en uitvoering kolder is?

Bestuurders horen niet te handelen als interim-managers: zij moeten er juist zijn, en optreden, zodra bij beleidsuitvoering zaken fout gaan. En politici horen achteraf alleen politici ter verantwoording te roepen: geen ambtenaren – nooit ambtenaren. Moet je eens zien hoe daadkrachtig ze worden.

Tom-Jan Meeus (t.meeus@nrc.nl; @tomjanmeeus) schrijft een wisselcolumn met Jutta Chorus