Interview

‘De mens is een blaasinstrument’

Cheryl Studer

Sopraan Cheryl Studer jureert en geeft een masterclass bij het Internationaal Vocalisten Concours in Den Bosch.

Sopraan Cheryl Studer raadt haar zangleerlingen soms aan te leren snorkelen. Foto Andreas Terlaak

De woorden en gedachten van operadiva Cheryl Studer dwalen een moment af naar de stad Mytilini op het Griekse eiland Lesbos. Ze brengt er de zomers door in een kleine woning met een weids dakterras, waar ze mediteert en slaapt. Iedere ochtend loopt ze de stille zee in en voelt hoe het water haar lichaam omsluit, totdat ze de illusie heeft gewichtloos te zijn. Dan gaat ze snorkelen. „Daarvoor moet je vrij en ontspannen ademen, zoals dat bij zingen ook het geval is. Wie dat niet kan, die verdrinkt, in de zee of in de muziek. Op mijn eigen festival op Lesbos doe ik masterclasses. Als ik merk dat mijn zangleerlingen hun lijf te veel onder druk zetten, raad ik ze soms aan een middag te leren snorkelen. Dat helpt.”

De Amerikaanse sopraan Studer jureert en geeft dezer dagen les in Den Bosch, waar zangtalent zich verzamelt bij het Internationaal Vocalisten Concours (IVC). Ze noemt zichzelf liever een gids dan een lerares. „Wij moeten leerlingen hun eigen mogelijkheden laten ontdekken: kwaliteiten die zich verbergen of die gevangen zitten achter een blokkade. Als niets werkt, zeg ik dikwijls: zoek de goede noot, die in ieder mens schuilgaat, en wanneer je die gevonden hebt, richt dan hetzelfde gevoel, dezelfde gedachte of sensatie op de noot ernaast. Daarmee bouw je een stem. Dat is een eenvoudig principe.”

Zelf brak de nu 61-jarige Studer door bij de Beierse Staatsopera onder dirigent Wolfgang Sawallisch. Ze was een twintiger en haar natuurtalent kwam daar tot volle wasdom. „Hij bezat een magische linkerhand, die onze ademhaling leek te sturen”, herinnert ze zich. Studer zong die jaren al meteen Wagner-heldinnen, maar toen zwaardere rollen zich aandienden, zoals Salomé van Strauss, nam ze ontslag. Ze deed een stap terug om het fundament onder haar zang te verstevigen. „Toen ontdekte ik ook hoe belangrijk Sawallisch was geweest”, zegt ze. „Bij hem leek het allemaal vanzelf te gaan, want ik had talent en de nodige onbevangenheid. Maar onvermijdelijk komt het moment dat de stem het op een dag even laat afweten. Dan vraag je je vertwijfeld af wat te doen. Wat zou deze of gene daarover gezegd hebben? Ik dacht: laat ik eens beginnen op een lage noot en kijken of ik vanaf dat punt de hoogte in kan bouwen. En zo ontdekte ik langzaam maar zeker de werking van mijn stem en lichaam.”

Tegenwoordig probeert ze jonge zangers op datzelfde pad te zetten. „Ze moeten het mechanisme leren doorgronden. De mens is een blaasinstrument. Wij moeten luchtstromen beheersen. Het gaat om de energie en kwaliteit van de adem die langs de stembanden gaat. Wie dat begrijpt, verliest de angst voor hoge noten. Want die bestaan niet. Er zijn alleen langzame en snelle noten. De stembanden trillen langzaam of snel.”

Ze prent haar leerlingen in dat angst een gevoel is, geen werkelijkheid. „Die kun je met kennis bestrijden. Soms zeggen leraren: ‘Denk aan een bloem die opengaat.’ Dat geeft inspiratie. Maar ik wil dat ze begrijpen wat het instrument doet. Want je kunt die bloem niet uit je broekzak toveren als je voelt dat je beter thuis in bed kunt liggen. Dan moet je weten wat je doet. Ik hou van beide methodes: inspiratie en techniek kunnen niet zonder elkaar.”

Tijdens het Internationaal Vocalisten Concours geeft Studer vrijdag 15/9 om 19:30 uur een masterclass in De Parade in Den Bosch. Zaterdagavond 19:00 uur is de finale van het IVC in het Muziekgebouw in Eindhoven.