Column

‘De Braboneger basht!’ kan veel grappiger

Zap

Tijdens het kijken naar zijn nieuwe programma krijg je het idee dat Steven Brunswijk zo druk bezig is om ‘braboneger’ te spelen dat hij niet half zo grappig is als hij zou kunnen zijn.

Komiek Steven Brunswijk, alias De Braboneger (AVRO-TROS)

Het zal wel hopeloos politiek correct van me zijn, maar ik vind de programmanaam De Braboneger basht! vreselijk. Tilburger Steven Brunswijk treedt al jaren op onder wat hem ooit eens grappend naar het hoofd werd geslingerd en wat hij nu als een geuzennaam beschouwt. Eerst alleen op internet, waar hij volgens een YouTubekenner die ik af en toe raadpleeg ‘best geinig’ is.

Onder de vleugels van Dumpert/GeenStijl vestigde Brunswijk een reputatie als basher die niets moest hebben van politieke correctheid – hij is niet de enige. Vorig jaar maakte hij voor de publieke omroep de reeks De Braboneger verkaast, nu is er dus een studioprogramma bij AVRO-TROS. Daar is hij zéér trots op, vertelde de aanstekelijk ambitieuze Brunswijk eerder bij Pauw. Daar werd hij ook aangesproken op zijn artiestennaam, die hij niet te veel aandacht wilde geven. „Ik wil gewoon grappen maken”, reageerde hij. „Als je mij Steven noemt: ook prima.”

Toen dacht ik: misschien wil Brunswijk wel geen braboneger meer zijn. Maar ja, zijn b-woord is inmiddels een merk. Zo heeft het optreden van de Tilburger iets dubbels: een man die wil worden aangesproken op wat hij kan, maar die voorlopig nog vaart onder de vlag van zijn afkomst. Dat is niet makkelijk.

Vergelijk het met actrice Romana Vrede, die op de radio hoorde dat zij was genomineerd voor een Theo d’Or – als eerste zwarte vrouw. Meteen erachteraan zei de radiopresentatrice dat ze nu al benieuwd was naar een eventuele overwinningsspeech. Vrede (in De Wereld Draait Door): „What the f… Ik moet kennelijk nu al de speech hebben die alles omvat. Wat het is om zwart te zijn, actrice te zijn, over racisme, seksisme. Waarom?”

Terug naar Brunswijk, zoals ze in Tilburg zeggen: the proof of the brabo is in the eating. Op het podium was woensdagavond iedereen zwart: de presentator, zijn twee sidekicks en de studiogast. Brunswijk maakt zich vrolijk over de mannen die vorige week actie voerden op het dak een omstreden islamitische school. „Mannen met bivakmutsen op, dan ben je bereid om te sterven!” Groot was zijn hoon dan ook toen bleek dat de mannen zich in een hoogwerker door een ‘buurtagent’ lieten afvoeren. Aardig, maar toch ook weer niet heel bijzonder.

Er was ook een black edition van het programma ‘De geheime wereld van 4-jarigen’. Naar een voorbeeld van het origineel testte Brunswijk de uitsteltolerantie van twee kinderen. Een beetje. Hij gaf ze elk een marshmallow, beloofde ze dat als ze die niet opaten, ze een tweede zouden krijgen. Daarop zette hij een volle schaal marshmallows op tafel en verliet de ruimte. Het gevolg liet zich raden: de kinderen haalden de schaal leeg. Conclusie van Brunswijk: „Die kinderen weten wel dat de meeste Surinaamse vaders nooit meer terugkomen als ze even weggaan.”

Best geestig en Brunswijk is goed in zelfbashing, maar het probleem van zijn programma is dat alle lijntjes naar een kwinkslag over wit en zwart lopen. Een dikke slang in de dierentuin? Wij zwarten weten wel hoe we met grote zware… Enzovoort. Daar wordt het niet spannender van – en ook niet leuker.

Na twee afleveringen (vorige week was hij beter op dreef) De Braboneger basht! krijg je het idee dat Brunswijk zo druk bezig is om ‘braboneger’ te spelen dat hij niet half zo grappig is als hij zou kunnen zijn. In dit format wordt iets doelgroeptelevisie wat dat helemaal niet hoeft te zijn. Geef Brunswijk gewoon een halfuurtje zendtijd om vrij te vullen, onder een eenvoudige titel zoals: Steven.