NRC-fotograaf in cel omdat hij weigerde foto’s af te staan

Persvrijheid

Fotograaf Chris Keulen werd aangehouden toen hij de politie zijn camera niet wilde geven. „In een democratische rechtsstaat moeten er waarborgen zijn dat journalistieke beelden niet zomaar bij de politie terecht kunnen komen.”

Een tijdelijk in beslag genomen foto van de vechtpartij tussen een Amerikaanse militair (links) en activist Nico Trommelen. Foto Chris Keulen

Freelance NRC-fotograaf Chris Keulen is deze zondag aangehouden omdat hij weigerde foto’s van een vechtpartij af te staan. De politie heeft Keulen ruim twee uur vastgehouden in een cel en de geheugenkaart waarop de foto’s stonden in beslag genomen. NRC kaart de zaak aan bij het College van procureurs-generaal, het bestuur van het Openbaar Ministerie.

Keulen was zondag met NRC-journalist Paul van der Steen, correspondent in Limburg, op reportage in de buurt van Brunssum. Omwonenden protesteren daar al geruime tijd tegen geluidsoverlast van AWACS-vliegtuigen die vanuit de nabijgelegen NAVO-basis landen en opstijgen. Tijdens de reportage ontstond een handgemeen tussen een lokale actievoerder en een Amerikaanse militair in burgerkleding.

De journalisten zijn na de vechtpartij meegegaan naar het politiebureau om een getuigenverklaring af te geven. Daar werd Keulen verzocht de foto’s die hij van het gevecht had genomen af te staan, wat hij weigerde. „Ik ben geen verlengstuk van de politie”, zegt hij. De fotograaf werd daarop als verdachte aangehouden omdat hij niet wilde meewerken aan de vordering van de politie.

Vechtpartij op bospad

De vechtpartij ontstond zondag op een bospad in de buurt van NAVO-basis Geilenkirchen. Na een woordenwisseling stompte de Amerikaanse militair activist Nico Trommelen minstens drie keer hard in het gezicht en slingerde hem op de auto van verslaggever Paul van der Steen, blijkt uit gesprekken met betrokkenen.

Trommelen hield een dikke lip, een gezwollen gezicht, opgerekte kniebanden en een bloeduitstorting achter zijn knieholtes aan de vechtpartij over. Het NAVO-hoofdkwartier in Brunssum onthoudt zich „hangende het onderzoek” van commentaar.

Toen Keulen op het politiebureau weigerde de foto’s van de vechtpartij af te staan werd de sfeer „intimiderend en onprettig”, zegt de fotograaf. „Acht functionarissen van politie en marechaussee stonden op mij in te praten. ‘Dit gaat onplezierig voor je worden, je krijgt een strafblad, we sluiten je minstens negen uur op, is het je dat waard?’, zeiden ze. Toen ze mijn fototoestel in beslag namen hebben twee agenten mij totaal onnodig vastgepakt.”

Keulen begrijpt niet waarom dergelijk machtsvertoon nodig was „voor zo’n kleinigheid, een uit de hand gelopen schreeuwpartij. Blijkbaar waren ze niet gewend dat een fotograaf zich op zijn rechten beroept. Of speelt er mee dat het een Amerikaanse militair betreft?”

De fotograaf maakt zich zorgen over de bescherming van zijn bronnen. „Met relatief simpele software zijn de foto’s van de laatste twee maanden van mijn kaart te halen. Die foto’s zijn in vertrouwen genomen.” Maandagochtend, een dag na de vechtpartij, kon hij zijn geheugenkaart weer ophalen op het politiebureau.

Vrijheid van nieuwsgaring

NRC-advocaat Christien Wildeman adviseerde Keulen de beelden van de vechtpartij niet af te staan. „In een democratische rechtsstaat moeten er waarborgen zijn dat als een journalist filmt of fotografeert die beelden niet zomaar bij de politie terecht kunnen komen. Anders bestaat het gevaar dat mensen die worden gefotografeerd of gefilmd de pers gaan wantrouwen en dat schaadt de vrijheid van nieuwsgaring.”

Justitie heeft volgens Wildeman niet de juiste procedure gevolgd. Bij inbeslagneming van journalistiek materiaal dient vooraf toestemming te worden gevraagd aan een rechter-commissaris. De rechter maakt vervolgens een afweging tussen het maatschappelijke belang van de vrijheid van nieuwsgaring en het opsporingsbelang van de politie.

Een perswoordvoerder van de politie Limburg bevestigt dat alleen aan de officier van justitie toestemming is gevraagd voor het vorderen van de geheugenkaart. „In dit soort zaken hebben we geen toestemming van de rechter nodig.” Hij zegt dat Keulen het verzoek om de geheugenkaart af te staan „keer op keer” weigerde met een beroep op de persvrijheid. „Maar er was geen sprake van bronbescherming, omdat NRC zelf de bron is.”

De uitspraken van de perswoordvoerder zijn opmerkelijk. In de zogeheten ‘aanwijzing toepassing dwangmiddelen tegen journalisten’, een beleidsregel van het College van procureurs-generaal, wordt duidelijk voorgeschreven dat als de officier van justitie over journalistiek materiaal wil beschikken, hij een vordering moet indienen bij de rechter-commissaris.

Het College van procureurs-generaal gaat de zaak uitzoeken. De landelijke leiding van het OM had daarvoor dinsdag „onvoldoende tijd” en komt later met een „inhoudelijke reactie”.

Herkenbaar probleem

Thomas Bruning, algemeen secretaris van journalistenvakbond NVJ, noemt het een „herkenbaar probleem” dat de politie zonder toestemming van de rechter materiaal in beslag neemt. „Justitie gaat in deze zaken wel vaker buiten zijn boekje.” Vergelijkbare zaken komen minstens één keer per jaar voor, zegt Bruning. Het OM werd in 2010 wegens het ontbreken van een rechterlijke toets bij inbeslagname van journalistiek materiaal terecht gewezen door het Europese Hof voor de Rechten van de Mens. Daarna zijn de regels in Nederland aangescherpt.

Hoofdredacteur Peter Vandermeersch zegt dat NRC de zaak zeer serieus neemt. „Onze advocaat zal een brief aan het OM schrijven waarin we vragen de zaak tegen Keulen te seponeren, omdat hij ten onrechte als verdachte is aangemerkt. We zullen het OM vragen de foto’s te vernietigen omdat de inbeslagname onrechtmatig was. Verder zullen we het College van procureurs-generaal een brief sturen waarin we onze afkeuring uitspreken over de gang van zaken. Het is zorgelijk dat politie en justitie onbekend lijken te zijn met de eigen regels over inbeslagname. We zullen het college verzoeken daar wat aan te doen.”

Correctie: in een eerdere versie van dit artikel stond dat de NRC-journalisten zondag bij protesten waren tegen de AWACS-vliegtuigen. Er waren die dag echter geen protesten. De journalisten waren op pad met omwonenden en actievoerders om verslag te doen van de geluidsoverlast.