Nieuwe Britse verffabriek Akzo is Brexit-bestendig

Industrie

Geplaagd AkzoNobel opent moderne nieuwe fabriek in Noord-Engeland. De Britten zien dit als bewijs van de kracht van de Engelse economie.

De Akzo-fabriek in Ashington produceert decoratieve verf van het merk Dulux. Foto’s Chris Ratcliffe/Bloomberg

Na de ongewenste overnamepoging van concurrent PPG, ruzie met een aandeelhouder, weer een topbestuurder die om gezondheidsredenen vertrok en de winstwaarschuwing van vorige week, kon de directie van AkzoNobel eindelijk iets leuks doen: een nieuwe fabriek openen. „Dit is ook een beetje een emotioneel moment”, vertelde topman Thierry Vanlancker, op bezoek bij de verffabriek in het Engelse Ashington, nabij Newcastle.

Alles fonkelt in de nieuwe fabriek, de vloeren zijn brandschoon. Werknemers turen uit een raam op de eerste verdieping dat uitkijkt op de Noordzee. Voor AkzoNobel is dit de verffabriek der verffabrieken. „We hebben voor het eerst én verregaande automatisering én veel nieuwe technologieën toegepast”, zegt operationeel directeur Ruud Joosten.

AkzoNobel ziet zelfs de economische onzekerheid van het Verenigd Koninkrijk niet als een domper. „De Britten hebben hun keuze gemaakt en dat hebben wij te respecteren”, meent Joosten. Het scheelt natuurlijk dat de fabriek bijna uitsluitend de Britse markt zal voorzien van decoratieve verf. Van uitvoer naar de overzijde van het Kanaal is haast geen sprake. Dat zorgt ervoor dat de toekomst van de Noord-Engelse fabriek niet direct afhangt van een overeenkomst tussen de Britse regering en de Europese Unie, in tegenstelling tot de Nissan-fabriek in Sunderland, 45 kilometer verderop. Die fabriek kan niet rondkomen als na de Brexit handelsbarrières de uitvoer belemmeren.

Belang van huizenmarkt

De omvang van de Britse binnenlandse markt is voor AkzoNobel reden genoeg om te investeren in de fabriek. Die keuze was vier of vijf jaar geleden al gemaakt, jaren voor de Brexitstem. De fabriek vervangt twee verouderde, minder geautomatiseerde fabrieken elders in Engeland. Vanlancker:

„Natuurlijk is Brexit een ingrijpende gebeurtenis. Maar met of zonder Brexit, het Verenigd Koninkrijk blijft een belangrijke markt voor ons.”

Is AkzoNobel dan helemaal gerust op uittreden? Vanlacker: „Natuurlijk is het belangrijk dat er snel duidelijkheid komt over wat er gaat gebeuren. Dat heeft gevolgen voor het consumentenvertrouwen.” Bij AkzoNobel kijken ze zorgvuldig naar de huizenmarkt. Hoe meer huizen verkocht worden, hoe vaker er geschilderd wordt, hoe meer blikken verf AkzoNobel verkoopt.

In augustus stegen de huizenprijzen met 2,6 procent ten opzichte van een jaar eerder. De Britse werkloosheid bedraagt 4,4 procent, de laagste stand in 42 jaar. Het consumentenvertrouwen krabbelde in augustus op, ook al blijft de economische groei in het Verenigd Koninkrijk (0,3 procent in het tweede kwartaal) achter bij die in de rest van de EU en loopt de inflatie weer op (tot 2,9 procent).

Toch werd dinsdag in Ashington wederom duidelijk dat het bijzondere en bizarre tijden zijn in het Verenigd Koninkrijk. De Britse minister van Internationale Handel Liam Fox vond het nodig om in een persverklaring zijn lof te uiten. Fox noemt de investering van AkzoNobel gigantisch, een kwalificatie die gezien de bouwkosten (100 miljoen euro) wat overdreven lijkt. Hij ziet de nieuwe fabriek als geloof in de kracht van de Noord-Engelse economie. „Dit laat zien hoe solide de relatie tussen de Nederlandse en Britse economieën is”, aldus Fox, die tot nu toe weinig succes geniet als minister en nauwelijks bevriende regeringsleiders zo ver heeft gekregen toe te zeggen dat zij na de Brexit een snel handelsakkoord met de Britten willen.

AkzoNobel-directeur Joosten vindt niet dat de opening van de Engelse fabriek onderdeel is geworden van een pr-campagne van de Britse regering. „Wel hebben wij heel duidelijk gekozen voor Ashington, een voormalig mijnbouwgebied dat nog steeds last heeft van hoge werkloosheid”, zegt hij. De fabriekslijnen zijn vernoemd naar gesloten steenkoolmijnen. Lijn 11 draagt de naam North Seaton. Lijn 9 heet Bedlington, een mijn die tussen 1838 en 1971 in bedrijf was. Op het hoogtepunt werkten er duizenden kompels ondergronds. Op de gelijknamige verfvullijn doen computers, robotarmen en lopende banden het werk.

In de hele fabriek, zo groot als veertien voetbalvelden, werken 150 mensen. Er werken vaders en dochters, echtparen en voormalige militairen, meldt AkzoNobel, dat daarmee duidelijk wil maken dat zij midden in de gemeenschap staat.

Het bedrijf wil niet zeggen hoeveel nationaliteiten in Ashington werkzaam zijn. Dat dreigt inmiddels een gevoelig onderwerp te worden, nu de Britse regering van zins lijkt om na de Brexit arbeidsmigratie serieus terug te dringen. Fabrieksmanager Jeff Hope:

„Ik kan alleen zeggen dat wij ook afhankelijk zijn van werknemers uit Europese partnerlanden.”

Open economie

Een restrictief migratiebeleid na het Britse uittreden is volgens AkzoNobel geen probleem voor Ashington. Hope: „Wij hebben alle systemen en benodigdheden om mensen hier zelf op te leiden.” AkzoNobel zegt precies wat de regering van May wil horen: liever Britten opleiden dan nog meer goedkoper buitenlandse krachten invliegen.

Directeur Joosten zegt dat AkzoNobel natuurlijk wel heeft gemeld wat zij, als Nederlandse multinational, belangrijk vindt na de Brexit. „Wij zijn er voorstander van dat het Verenigd Koninkrijk een open economie blijft”, zegt hij. In de fabriek is onmiddellijk duidelijk waarom een harde Brexit, met de terugkeer van importtarieven en handelsbarrières, ontwrichtend is voor de Britse industrie. De vulmachines zijn gemaakt door De Vree uit Antwerpen. De robotarmen komen van Tavil uit Girona. De heftrucks zijn van Jungheinrich uit Hamburg. De labelmachine is geleverd door Herma, oorspronkelijk uit Stuttgart. Zelfs de voorbeeldigste Brexit-bestendige fabriek is van Europese makelij.