Het herstel gaat nu nog tegen kostprijs

Wederopbouw

Sint-Maarten leeft na de orkaan Irma van dag tot dag. Er is een beetje wifi. Stroom en water zijn op komst. Hoe duur wordt het herstel?

Sint-Maarten voor en na Irma. De bovenste foto is genomen op 25 augustus, de onderste op 11 september.

Foto’s AP

Op haar rode pantoffeltjes maakt Marelva York voor haar woning in Belvédère een kruiswoordpuzzeltje. „We leven en het huis staat er nog, maar binnen heeft de wind er een rotzooi van gemaakt”, vertelt ze een week nadat de orkaan Irma Sint-Maarten heeft getroffen. Haar man Cecil, gepensioneerd politieagent, laat alle bekers zien die hij met kaarten, biljart en domino heeft gewonnen – en het badkamerplafond dat een beetje is beschadigd.

In 1995 blies de orkaan Luis hun oude huis omver en waren ze dakloos. Ze konden terecht in Belvédère, een wijk met betonnen sociale huurcomplexen tegen de Franse grens van Sint-Maarten. Hun oude wijk Midden Regio is er veel slechter aan toe, hebben ze gehoord, maar toch vindt Marelva het een schande. Ze betalen per maand 605 Antilliaanse gulden huur (285 euro). „En er is helemaal niemand van het woningbedrijf gekomen om ons te helpen.”

Stroomdraden

„Ik hoop dat er op Sint-Maarten een lichtje gaat branden en dat er meer huizen van beton of met betonnen daken worden gebouwd”, zegt Rob Dragt. Hij is projectmanager van Windward Roads, het grootste infrabouwbedrijf van het eiland en dochterbedrijf van Janssen de Jong uit Son. Tijdens een rit over het eiland, zigzaggend langs afvalhopen, laaghangende stroomdraden en gevelde bomen, laat hij de opgave zien waar Sint-Maarten nu voor staat.

Twee dagen voordat Irma kwam, moesten alle aannemers op het eiland zich melden bij VROM, het ministerie van infrastructuur. Dragt: „Ze zeiden: we gaan uit van het ergste en hopen op het beste. Het werd nóg erger. We kregen allemaal opgedragen tegen kostprijs bij te dragen aan het herstel, anders worden je spullen ingenomen. ’s Ochtends word je gebeld met een opdracht. Het gaat eigenlijk heel chaotisch: hup, ga daarheen om op te ruimen.”

Nu wordt er nog tegen kostprijs opgeruimd. De rekening volgt wel, zegt Dragt. „Daar komen we wel uit, het gaat nu nog niet om geld, maar om hulp. Maar als tijdens de wederopbouw hele wegen opnieuw moeten worden geasfalteerd, moeten we nieuwe afspraken maken met de overheid.”

Zilveren golfplaten

Het gele complex van VROMI, door Irma als een banaan opengepeld, ligt vlak bij een enorme stortplaats. Dit is het dakenkerkhof van Sint-Maarten, hier belanden de zilveren golfplaten die over het hele eiland zijn uitgestrooid. „Sommige trucks komen wel zes keer per uur”, vertelt shovelbestuurder Oswin Kook. Hij rijdt met zijn graafmachine eerst over het puin en stuwt het dan op tot een berg. Het metaal gaat naar Curaçao voor recycling, zegt hij.

Dragt schat dat het nog drie tot vier weken duurt om al het puin op het eiland te ruimen. „We bestellen nu massa’s multiplexplaten uit Nederland om de daken mee te bedekken. Ook dat duurt drie weken.”

Elektriciteit, water en communicatie moeten worden hersteld. Het grootste deel van de telecommasten van UTS en Telem zijn omver geknikkerd. De afgelopen dagen hingen mensen met hun smartphones bij het regeringsgebouw in de hoop op een beetje wifi. In een straal van twee tot drie kilometer rond Philipsburg is inmiddels weer bereik en dat gebied groeit langzaam.

Brandkranen worden intussen tappunten voor buurten. Het kan twee, drie maanden duren voor iedereen weer leidingwater heeft, volgens het waterbedrijf. Het lijkt alsof Irma met haar volle gewicht op de grote watertanks in de bergen is gaan staan.

Sint-Maarten leeft van dag tot dag en is nog niet bezig met rampstatistieken van verwoeste huizen, winkels en auto’s. De totale schade is al snel 2,5 miljard euro, waarvan 50 tot 70 procent verzekerd zal zijn, schat onafhankelijk verzekeringsagent Mano van der Camp. Hij is bezig met het regelen van voorschotten voor zijn cliënten, grote hotels en bedrijven, en staat tussen de ruïnes bij het vliegveld.

Hulpacties en noodgelden zijn hard nodig, zegt Van der Camp, maar hij wil ook waarschuwen: „Er zijn mensen nu al nadenken hoe ze hier creatief aan kunnen verdienen. Na het puinruimen begint het gevecht met verzekeraars en aannemers. Komen er onafhankelijke taxateurs of die van verzekeraars? En het verzekeringsgeld dat straks wordt uitgekeerd, is gerelateerd aan de normale tarieven van aannemers. Niet aan de factor twee die er straks erbovenop komt. Bouwmaterialen en mankracht zijn schaars, dus de prijzen gaan omhoog.”

Hij heeft een „dringend advies” voor Nederland. „Er moet een onafhankelijk toezichthouder komen voor de wederopbouw.”