Cultuur

Interview

Foto Victor Moriyama

De Wajãpi laten zich hun woud niet afpakken

De Braziliaanse politiek wil een Amazone-reservaat ter grootte van Denemarken openstellen voor mijnbouwbedrijven. Worden de belangen van de 1.300 Wajãpi-indianen in het gebied geofferd voor meer economische groei?

‘Als de goudzoekers hier vroeger kwamen op ons territorium, weet je wat we dan met ze deden?”, vraagt Ajareaty Wajãpi (59) vanaf een boomstronk onder de verkoelende palmbladeren van haar hut. Over haar ontblote borsten hangt een grote blauwe kralenketting en haar gezicht is volgens de traditie van de Wajãpi-indianen ingesmeerd met rode plakkerige verf. „Tjak, tjak, tjak, zo ging het dan.” Met haar hand maakt ze nu snelle bewegingen alsof ze iemand de keel doorsnijdt.

Ajareaty Wajãpi. Foto Nina Jurna

Zo beslechtten de Wajãpi-indianen, een stam die pas in 1973 echt in contact kwam met de buitenwereld en waar Ajareaty toe behoort, vroeger conflicten. De laatste keer dat een gevangen genomen illegale goudzoeker door de Wajãpi werd onthoofd, was in 1989.

Ajareaty staat op en wijst in de verte naar het oneindige bos dat als een groene lappendeken voor haar ligt. „Dit was ooit allemaal land van de Wajãpi, het behoorde toe aan onze voorouders, maar wij hebben het helaas verloren”, zegt ze. „Nu wil president Temer nog meer land van ons afpakken, maar als hij doet”, ze verheft haar hoge stem en zwaait met haar vuist in de lucht. „Dan ruk ik zijn neus eraf en snij ik zijn oren eraf, tjak tjak.”

Er is onrust bij de 1.300 Wajãpi-indianen die hier in de noordelijke Braziliaanse deelstaat Amapá, in het Amazonegebied wonen. De Wajãpi-stam is een van de nog 200 traditionele indiaanse leefgemeenschappen in Brazilië. Ze leven van de jacht, visserij en het planten van maïs, cassave en vruchten. Vorige maand kondigde de Braziliaanse president Michel Temer per decreet af dat hij het zogenoemde RENCA-natuurreservaat (Reserva Nacional de Cobre e seus Associados) in de Amazone wil openstellen voor mijnbouw. Het gaat om een gebied met een omvang zo groot als Denemarken en ligt in de noordelijke deelstaten Amapá en Pará, dichtbij de grens met Frans-Guyana en Suriname.

Het natuurreservaat werd in 1984, tegen het einde van de militaire dictatuur tot beschermd gebied verklaard, voornamelijk om het te beschermen tegen exploitatie door buitenlandse bedrijven. Hierbinnen werd toen een speciaal gebied afgebakend voor de Wajãpi. Volgens de regering is de openstelling nu nodig omdat mijnbouw in dit gebied de noodlijdende economie een oppepper kan geven. Brazilië zit sinds ruim twee jaar in de zwaarste economische crisis in dertig jaar en dit gebied zit vol met onontgonnen natuurlijke hulpbronnen als koper, ijzer, magnesium en goud. Mijnbouwbedrijven staan te trappelen het gebied binnen te gaan.

Foto Victor Moriyama

Mineralen horen in de grond

„We zien de laatste tijd weer meer illegale mijnwerkers”, zegt Viseni, die net terug komt van de jacht: zijn geweer hangt nog om zijn schouder. Op zijn gezicht zijn zwarte lijnen getekend, ingekleurd met rode verf. Zoals bij alle stamleden luidt zijn achternaam ‘Wajãpi’. Hij loopt door het kamp richting een kampvuurtje waarboven een pot met visresten pruttelt. „Hierachter troffen we in mei graafmachines aan van een Chinees mijnbedrijf”, wijst hij. Met de hulp van milieu-organisaties en de overheid van de deelstaat werden de Chinezen uiteindelijk het gebied uitgezet, maar de Wajãpi realiseren zich dat het een kwestie van tijd is voor ze terugkomen. Viseni:

„Zolang hier zoveel goud in de grond ligt, blijven ze komen. Dat is al eeuwenlang zo. Wij vinden goud ook heel belangrijk, maar volgens de indiaanse filosofie moet het juist ín de grond blijven zitten. Net als koper en magnesium. Deze mineralen koelen de aarde af, ze voorkomen natuurrampen en brengen de planeet in evenwicht. Ze gaan opwarming tegen en zijn van levensbelang voor ons voortbestaan.”

Na zware kritiek van milieu-organisaties en hevige verontwaardiging uit ook de internationale gemeenschap, schaafde president Temer zijn omstreden decreet uiteindelijk bij in het voordeel van de indianen en de Amazone. Maar zijn plan werd vervolgens geblokkeerd en van tafel geveegd door een federale rechter in Brasília. Niet de regering maar het congres moet beslissen over het al dan niet openstellen van dit beschermd natuurgebied, was het oordeel.

Aantal moorden neemt toe

Maar met deze rechterlijke uitspraak, waar de overheid hoger beroep tegen heeft aangetekend, is de dreiging volgens milieu-organisaties absoluut niet minder geworden. „Er waait al een tijdje een wind binnen de Braziliaanse politiek die vooral de belangen van de invloedrijke landbouwlobby en de machtige grootgrondbezitters vooropstelt”, zegt Christian Poirier, van Amazone Watch. „Zij hebben president Temer gesteund en de afzetting van zijn voorganger Dilma Rousseff mede mogelijk gemaakt, en daar willen ze nu iets voor terug”, zegt hij.

Foto Victor Moriyama

Als het congres zich over Temers plan voor het RENCA-gebied moet buigen, kan dat verkeerd uitpakken voor het natuurbehoud en de indianen, want een groot deel van het congres bestaat juist uit vertegenwoordigers van die zeer machtige landbouwklasse. „Als ik aan de macht kom, dan is het afgelopen met de rechten voor de indianen, ze krijgen geen centimeter land meer”, beloofde het rechtse congreslid Jair Bolsonaro onlangs in het parlement. Bolsonaro is een van de presidentskandidaten van de verkiezingen volgend jaar in Brazilië en staat zeer hoog in de peilingen.

Gewelddadige conflicten over grond tussen indiaanse gemeenschappen en grootgrondbezitters spelen al sinds de koloniale tijd in Brazilië, maar lopen recentelijk weer zeer hoog op in verschillende deelstaten. Volgens de Pastorale Landcommissie (CPT) zijn tussen januari en juli al 60 mensen vermoord bij landconflicten, onder hen voornamelijk indianen en milieu-activisten. Sinds 2008 is het aantal moorden op inheemsen niet zo hoog geweest als nu, aldus de CPT.

Recentelijk werden ten minste tien indianen van een leefgemeenschap in de Amazone die nooit eerder in contact was gekomen met de buitenwereld, op gruwelijke wijze afgeslacht door illegale goudzoekers die ze per ongeluk tegen het lijf liepen. De zaak kwam onder de aandacht van justitie toen de goudzoekers na de slachtpartij dagen later in een kroeg begonnen op te scheppen over hun daad en vertelden hoe ze de indianen in stukken hadden gesneden en in de rivier hadden gegooid.

Inheemse wethouder

In Pedra Branca do Amapari, een slaperig stadje ruim twee uur rijden van het RENCA-natuurgebied, houden de mijnbouwplannen van de regering-Temer de gemoederen ook bezig. Jawaruwá Wajãpi, een van de negen wethouders van Pedra Branca sluit in alle vroegte het hek van zijn stenen huurwoning en stapt in de auto. Acht maanden geleden werd hij tijdens lokale verkiezingen namens de Partij voor Duurzaamheid gekozen tot de eerste inheemse wethouder in het stadje ooit. Jawaruwá Wajãpi:

„Ik leid momenteel een beetje een dubbelleven. Hier in de stad loop ik in nette kleding en zit ik bij raadsvergaderingen waarin ik probeer de belangen van de indianen te behartigen. In mijn dorp draag ik de traditionele kleding, ga ik jagen en vissen om aan eten te komen voor mijn gezin, en luister ik naar de zorgen van mijn stamleden”

Bij de plaatselijke bakker krijgt Jawaruwá doorlopend schouderklopjes. Hij is veel in de media geweest. Een oproep van hem op Facebook, waarin hij met een traditionele Wajãpi bloemenkrans op zijn hoofd, de president smeekt om de indianen en de Amazone met rust te laten, is zo’n duizend keer gedeeld, ook in het buitenland. Dit is het moment om zijn zaak onder de aandacht te brengen, beseft Jawaruwá. „Mijnbouw is funest voor ons want het veroorzaakt vervuiling van rivieren, vissen gaan dood. En het trekt allerlei mensen aan en wij kunnen dan niet meer in rust leven”, zegt hij. De indianen zijn nu strijdlustiger dan voorheen. Volgens Jawaruwá, omdat veel groeperingen zeer bedreigd worden.

„De politici hebben de verschillende inheemse stammen eeuwenlang tegen elkaar uit gespeeld, maar we kennen hun systeem van ‘verdeel en heers’ inmiddels en trappen er niet meer in”, zegt de wethouder. Een vrouw in de bakkerij geeft hem een omhelzing. „Jullie indianen zijn de beschermers van de natuur”, zegt ze.

Het regenwoud is van slag

Op de markt van Pedra Branca waar de plaatselijke middenstand het hoofd boven water probeert te houden, klinken ook andere geluiden. „Kijk, zowel hier maar ook in Macapá, de hoofdstad van deze deelstaat, is er hoge werkloosheid”, zegt marktkoopman Ewaldo dos Santos. „Veel mijnbouwbedrijven willen hier aan de slag zodra het natuurgebied open wordt gesteld. Dat biedt enorme werkgelegenheid en kansen voor onze jeugd. Dat is hard nodig, want nu trekken ze weg. Het gebied is zo groot, moeten we dan echt alles bewaren voor een groepje indianen, terwijl er veel meer mensen van diezelfde grond kunnen leven?”, vraagt Dos Santos zich af.

Als Jawaruwá het reservaat binnenrijdt, komen van verschillende zijpaadjes uit het bos, Wajãpi-indianen aan lopen. Mannen, vrouwen, kinderen met gitzwart en steil, lang haar. Ze dragen hun traditionele vuurrode lendendoek, ongeveer tot kniehoogte, de vrouwen met ontblote borsten, mannen met bloot bovenlijf. Er zijn negentig verschillende nederzettingen in het gebied waar de Wajãpi in familieverband wonen. Ze spreken voornamelijk hun oorspronkelijke taal, het Tupí-Guaraní, een enkeling spreekt Portugees.

Foto Victor Moriyama
Foto Victor Moriyama
De Braziliaanse Vincent Carelli, die onlangs de Prins Claus Prijs won, leert indianen filmen.

Het leven in de natuur wordt steeds ingewikkelder voor hen, want mede door de ontbossing van de Amazone, afgelopen jaar gestegen met 30 procent, is de klimaatverandering hier goed merkbaar. „Het weer is compleet van slag. Als het zomer is, dan regent het, als er regen moet zijn, is er droogte. Veel gewassen, cassave bijvoorbeeld, hebben we nauwelijks kunnen planten en oogsten dit jaar”, zegt Ajareaty terwijl ze omringd door kleinkinderen richting de rivier loopt. Het is de levensader voor de Wajãpi, ze drinken er uit en baden er in. Maar komt hier mijnbouw, dan zal schoon water verleden tijd zijn en worden ze ziek, is hun angst.

Volgens Christian Poirier van Amazone Watch is het een cruciaal moment voor de Amazone. „Het behoud van dit grootste regenwoud ter wereld, is voor ons allemaal levensbelang omdat het een groot deel van onze schone lucht en biodiversiteit garandeert. De aantasting gaat maar door, er is bijvoorbeeld nooit eerder zoveel droogte geweest in de Amazone als nu”, zegt hij bezorgd. „De vernietiging van de Amazone is uiteindelijk pure zelfmoord.”

Organisaties afgeknepen

Maar de regering-Temer is al volop bezig met een repressief beleid tegen de natuur en tegen de nog 300.000 indianen in Brazilië. De landelijke milieu-organisatie Ibama krijgt steeds minder overheidssteun en er is het gevaar dat door aanpassingen in de wetgeving de verschillende indiaanse gemeenschappen nog meer van hun gronden verliezen ten koste van de landbouw. De uitholling van de overheidsorganisatie voor inheemsen Funai (Fundação Nacional do Índio) lijkt ook al beklonken. Inmiddels zijn 5 van de 19 posten van Funai in inheemse gebieden gesloten.

Toch zijn er ook positieve veranderingen. Het onderzoek naar de moordpartij op de groep indianen is volop bezig en er zijn al twee garimpeiros gearresteerd. Voor Brazilië, waar de oorspronkelijke bewoners het meest bedreigd worden, is zo’n vervolging al een hele stap. Wethouder Jawaruwá van de Wajãpi is er van overtuigd dat hoe dan ook de indianen het redden. „We houden ons niet meer alleen verborgen in het bos. We zijn nu op sociale media, we zijn op internet en kunnen de wereld bereiken en wakker schudden. Indianen gaan de politiek in en we verenigen ons, want dat is nu harder nodig dan ooit. We hebben al eeuwen overleefd en zullen dat nu ook weer doen.”