Orthodoxe joden Israël moeten toch in dienst

Het hooggerechtshof schrapte een wet die hen tot nu toe vrijstelde van de dienstplicht.

Twee Israëlische militairen vorige maand tijdens een schermutseling met Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever. Foto Mohamad Torokman/Reuters

Ultra-orthodoxe joden moeten in Israël voortaan het leger in. Een wet die hen ontheffing van de dienstplicht verleende, werd dinsdag geschrapt door het hooggerechtshof in Jeruzalem, meldt persbureau Reuters. Het besluit leidde tot onvrede bij de conservatieve regeringscoalitie van premier Benjamin Netanyahu.

Acht van de negen rechters van het hooggerechtshof stemden voor schrapping van de wet, die het hof omschreef als “onredelijk en ongrondwettelijk”. Het is de bedoeling dat de ultra-orthodoxe joden binnen een jaar hun intrede maken in de Israëlische krijgsmacht.

‘Beven voor God’

De haredim (‘zij die beven voor God’), zoals de ultra-orthodoxen in Israël worden genoemd, zijn al vanaf de stichting van de staat Israël in 1948 vrijgesteld van militaire dienst. In plaats daarvan wijden zij zich aan het bestuderen van de Thora. Vroeger waren er enkele honderden van deze strenggelovige studenten, nu zijn het er tienduizenden. Zij houden zich het liefst zo afzijdig mogelijk van de seculiere, verwesterde kant van de Israëlische samenleving. Velen hebben daarom ook geen baan.

Lees ook dit stuk dat toenmalig NRC-correspondent Leonie van Nierop in 2014 over de haredim schreef: Zij die beven moeten werken

Een deel van de Israëlische samenleving is daar boos over. Dat vindt het onrechtvaardig dat de haredim van een uitkering leven en geen risico lopen tijdens hun verplichte militaire dienst, zoals alle joods-Israëlische mannen en vrouwen in Israël.

In een poging de haredim wat meer bij de maatschappij te betrekken, introduceerden toenmalig regeringlid Yaïr Lapid en zijn seculiere partij Yesh Atid (‘er is een toekomst’) in 2014 wetgeving die de dienstplichtontheffing voor orthodoxen uit de weg zou ruimen. Dat was echter van korte duur. In 2015 kwam premier Netanyahu aan de macht, aan het hoofd van een coalitie met daarin ook ultra-orthodoxe partijen. De nieuwe regering zwakte de wet van Yesh Atid af, waardoor de haredim weer vrijgesteld waren van militaire dienst.

‘Schending van gelijkheid’

Het hof oordeelde dinsdag dat de wetsaanpassing onder druk van ultra-orthodoxe partijen geschrapt moet worden. De wet “schendt de gelijkheid op een manier die schade berokkent aan het grondwettelijk recht op menselijke waardigheid”, aldus de voorzitter van het hof.

Aryeh Deri, de minister van Binnenlandse Zaken en leider van de orthodoxe Shas-partij, reageerde teleurgesteld op het rechterlijk oordeel. Volgens hem is het hof “alle voeling kwijt met onze achtergrond, onze traditie en het volk”. “Wanhoop niet en blijf de Thora bestuderen. We zullen ons sterk houden en alles doen om deze situatie op te lossen”, beloofde Deri de ultra-orthodoxe jongeren in dienstplichtleeftijd.

De beslissing van het hof kan ook gevolgen hebben voor Palestijnse Iraëliërs, die wellicht voortaan ook het leger in moeten. Van Nierop schreef in 2012 al over dit aspect van de kwestie.

Yesh Atid-voorman Lapid prees het hof daarentegen. “Hierom hebben we politiek. Dienstplicht voor iedereen, werk voor iedereen. Netanyahu kan zich niet overal onderuit blijven wurmen. Iedereen moet in dienst, niet alleen de stakkers die niet bij een partij in zijn coalitie horen.”

Of de haredim ook daadwerkelijk het leger in gaan, is nog maar de vraag, schreef toenmalig correspondent Van Nierop in 2014:

De haredim zeggen dat ze dienst zullen weigeren, en het is ondenkbaar dat de staat zoveel joden in het gevang zal gooien. De ultra-orthodoxen lieten begin deze maand al met een protest van honderdduizenden zien hoe ze de infrastructuur van Jeruzalem plat kunnen leggen. De staat wil geen botsing met deze groep.