Negen jaar geëist tegen Nederlandse jihadist

De 26-jarige man heeft volgens het OM een “leidinggevende rol” binnen de terreurgroep Jabhat al-Nusra en bevindt zich op het moment nog in Syrië.

Foto Lex van Lieshout/ANP

Tegen een Nederlandse jihadist die zich in 2014 aansloot bij de terreurgroep Jabhat al-Nusra is dinsdag negen jaar cel geëist. De 26-jarige man was zelf niet aanwezig in de rechtbank in Rotterdam en zit nog in Syrië. Hij is wel op de hoogte van de strafzaak, schrijft het Openbaar Ministerie (OM).

De verdachte zou zich bevinden in het noordwesten van Syrië, dicht tegen de Turkse grens. Tegen familie en politie heeft hij laten weten niet terug te komen naar Nederland en als martelaar te willen sterven. Omdat de man wel op de hoogte is gesteld, kan de zaak bij verstek behandeld worden.

Volgens een woordvoerder van het OM is het de eerste zaak die behandeld wordt van een groep van twintig Nederlandse terreurverdachten die waarschijnlijk nog in Syrië zit. Eerder besloot de rechtbank dat alles in het werk moet worden gesteld om terreurverdachten die niet in Nederland zijn te bereiken, zodat ze zelf kunnen besluiten of ze bij de behandeling van de strafzaak aanwezig willen zijn.

Justitie hoopt met de eis een voorbeeld te stellen voor andere potentiële jihadisten:

“Van de straf dient een afschrikwekkende werking uit te gaan, in ieder geval aan degenen die het voornemen hebben om af te reizen naar het strijdgebied.”

‘Leidinggevende rol’

Volgens het OM heeft de man een “leidinggevende rol” binnen Jabhat al-Nusra. Uit strafrechtelijk onderzoek is gebleken dat hij onder meer medeverantwoordelijk is geweest voor de invoering van shariawetgeving in Syrië. Hij zou mensen bestraffen die zich hier niet aan houden, en was mogelijk betrokken bij de moord op twee homoseksuele mannen.

Jabhat al-Nusra is gelinkt aan de terreurgroep Al-Qaeda en heeft meerdere zelfmoordaanslagen opgeëist in Syrië. Ook maakt de fundamentalistische groep zich schuldig aan ernstige schendingen van mensenrechten zoals martelingen, ontvoeringen, executies en stenigingen.

Op 26 september doet de rechtbank uitspraak.