In zes weken van plek 957 tot grandslamwinnares

Vrouwen

Sloane Stephens versloeg in de finale haar vriendin Madison Keys. De nieuwe Amerikaanse toppers in het vrouwentennis braken door na blessures.

Sloan Stephens (links) omhelst haar goede vriendin en tegenstander Madison Keys na haar overwinning in de finale van de US Open. Foto Robert Deutsch/USA TODAY Sports

Minstens een minuut lang omhelsden de twee vriendinnen elkaar emotioneel, aan het net in het Arthur Ashe Stadium van New York. Sloane Stephens (24) euforisch na haar eerste grandslamzege, Madison Keys (22) in tranen na een kansloze nederlaag met 6-3 en 6-0. Even later schoof de winnares haar stoel langs de baan naast die van de verliezer en zaten de twee Amerikaanse wonderkinderen alweer samen te lachen.

„Ik ben blij voor Sloane dat ze heeft gewonnen en met de steun die ze me na afloop heeft gegeven”, sprak Keys na de partij op het centercourt. „Dat zou zij bij mij ook hebben gedaan”, reageerde Stephens. „We blijven elkaar altijd trouw. Dit is echte vriendschap.”

Twee toptennissters, één en hetzelfde gevecht. ‘De nieuwe Amerikaanse superster’ heetten beiden al sinds ze op hun tiende, elfde begonnen op de academie van tennislegende Chris Evert in Boca Raton, Florida. Verbluffende zeges als jonge tiener, altijd weer hoger en beter. Maar Serena en Venus Williams lieten zich niet zonder slag of stoot aflossen.

Doorbraak

Een finale tussen twee Amerikaanse speelsters was in New York niet meer voorgekomen sinds de ‘Sister Act’ van vijftien jaar geleden. De laatste Amerikaanse finaliste die geen Williams heette, was Lindsay Davenport in 2000. Bij de mannen, waar Sam Querry dit jaar als laatste Amerikaan al werd uitgeschakeld in de kwartfinale, valt al jaren weinig te juichen. Dus koestert het Amerikaanse tennis de lang verwachte doorbraak van Stephens en Keys. „Een geweldige nieuwe generatie speelsters”, jubelde directeur Gordon Smith van de Amerikaanse tennisbond.

Eindelijk dan toch de torenhoge verwachtingen ingelost, vandaar allicht de gezamenlijke lach bij Stephens en Keys na afloop van hun eenzijdige finale. En dat uitgerekend op een moment dat beiden het totaal niet hadden verwacht. Stephens onderging in januari een ingrijpende operatie aan haar voet, zakte af naar plaats 957 op de WTA-wereldranglijst eind juli en was in New York niet eens geplaatst. „Als iemand mij in januari had verteld dat ik in september de US Open zou winnen, had ik gezegd dat het onmogelijk zou zijn”, vertelde ze na afloop. „Ik kan niet geloven dat het me echt is gelukt. Dit pakt niemand meer van me af. Eigenlijk kan ik nu beter meteen stoppen. Dit kan ik toch nooit meer overtreffen.”

Ook Keys had begin dit jaar nooit kunnen denken dat ze op Flushing Meadows voor het eerst in haar carrière in een grandslamfinale zou staan, na een operatie aan haar linkerenkel. Zeker niet toen ze na haar uitschakeling in de tweede ronde van Roland Garros opnieuw onder het mes moest. Maar in New York speelde de als vijftiende geplaatste Keys haar beste tennis, vooral toen ze in de halve finale haar landgenote CoCo Vandeweghe met 6-1 en 6-2 van de baan veegde. „Een begenadigd talent”, loofde achttienvoudig grandslamwinnares Evert in The New York Times na het bereiken van de finale. „Het is altijd al eerder de vraag geweest wanneer en niet of dit zou gebeuren.”

Gedwongen afwezigheid

Ondanks hun vroege doorbraak bij de profs kwamen de twee tot nu toe nooit verder dan één keer de halve finale bij de Australian Open, Stephens in 2013 en Keys in 2015. Waarom het nu wel lukte? Beide finalisten noemden hun gedwongen afwezigheid als cruciale factor voor hun doorbraak. „Door de periode dat ik niet kon spelen ben ik me gaan realiseren hoeveel ik van deze sport houd”, zei Keys. „En door mezelf minder druk op te leggen sta ik met meer plezier op de baan.” Stephens had eenzelfde ervaring. „Het was een soort eye-opener. Natuurlijk genoot ik van mijn vrije tijd tijdens mijn blessure. Maar toen ik weer ging tennissen besefte ik dat dit is wat ik het liefste doe.”

In de finale bleek hoe dun in de top de scheidslijn is tussen succes of falen. Keys oogde iets te gespannen en wisselde enkele schitterende forehands af met te veel missers. Wanhopig keek ze steeds naar de tribune, waar coach Davenport ook niet meer kon helpen. Stephens, die in de halve finale haar idool Venus Williams had uitgeschakeld, kwam juist tot haar beste niveau en deed nagenoeg niets fout. Met snel voetenwerk als basis bleef ze de wedstrijd kalm controleren. Af en toe een slicebal, om af te wisselen met harde winners.

Binnen zes weken van plaats 957 naar de winst en 3,7 miljoen dollar (ruim 3 miljoen euro) prijzengeld in de US Open. „Ik ben nog dezelfde speelster”, lachte Stephens. „Alleen nu wat ouder en wijzer.”