Column

Bij de Ikea

Ik was al drie keer naar een Ikea-vestiging gezonden voor een reportage, waarvan twee keer vanwege het extreem goedkope ontbijt dat ze er in het bedrijfsrestaurant serveren. Dat had ook zes keer kunnen zijn, ieder jaar staat er bij een krant of tijdschrift wel ergens een redacteur op die daar een trend in ziet die iets zegt over de tijdgeest. Onzin, uit mensen die speciaal naar Ikea gaan om voor één euro te eten komt helemaal niets. Ja, een boer en de verzuchting dat het jammer is dat ze er maar één croissantje op hun bord mogen leggen.

Ik bracht ook een keer een dag door op het parkeerdek bij de vestiging in Amsterdam omdat daar een verkeersregelaar opzettelijk was aangereden. De overgebleven collega’s gingen aangeslagen door met hun voor een buitenstaander saaie werkzaamheden.

Eentje zei: „Je staat er wel bij stil.”

Ik stond ernaast.

Toen ik zaterdagmiddag als consument het Zweedse concept binnenwandelde, kon de vriendin het niet geloven dat dat voor mij de eerste keer was.

„Waar kocht je dán je meubels?”

„Ik kocht geen meubels.”

We liepen in een lang lint ‘de route’: van woonkamer, naar kinderkamer, naar keuken. Twee stappen voorwaarts, een terug om de oudste van twee uit een bed of van een bank te plukken. Te jong voor de befaamde ballenbak had een medewerkster bij de ingang streng geoordeeld.

„Anders wordt ze vertrapt.”

Vertrapt in de ballenbak van de Ikea, daar zat dan wel een boeiende reportage in.

Ik zat op banken, keek in kasten en vond alles mooi. Over Ikea wordt met mij bijna nooit gesproken, ook niet als ik bij iemand thuis ben en hem of haar complimenteer met de inrichting. Ik verdenk mijn vrienden graag van goede smaak, maar die komt dus gewoon uit Zweden.

Halverwege de route ploften we op een oranje driezitsbank. Het voelde vreemd vertrouwd, we bleven nog even zitten. Pas later beseften we dat we laatst al in dat interieur op bezoek waren geweest. Het behang en de lampen die zo leuk combineerden klopten ook. Alsof we bij Ruud en Anouk waren, met hun bijzondere rode wijnen en brede interesses.

Na afloop bestelde ik net als iedereen Zweedse gehaktballetjes, de kok telde hardop tot twaalf.

O ja, uit het enorme aanbod plukten we uiteindelijk een gele fauteuil. Scandinavisch design, uniek, nieuw in het assortiment: ‘Heerlijk om in te lezen, puzzelen of praten’.

U heeft het hem waarschijnlijk ook.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.