Een lege beurshuls met potentie

Deze rubriek belicht iedere maandag ontwikkelingen op de financiële markten. Vandaag: hoe breng je een lege huls naar de beurs?

Initiatiefnemer van Dutch Star Companies One Niek Hoek is oud-topman van Delta Lloyd, dat in november 2009 naar de beurs ging. Gerald van Daalen/ANP

Een beursfonds zonder inhoud klinkt niet meteen als een bijzonder verstandige investering. Er is geen vastgoed, geen personeel en geen voorraad, dus waar betaal je dan eigenlijk voor? Toch is het precies wat de initiatiefnemers van Dutch Star Companies One binnenkort naar de beurs brengen: een volkomen leeg bedrijf.

De ambitie is om ergens tussen de 50 en 100 miljoen euro aan kapitaal op te halen. Pas als dat bedrag binnen is, en de beursnotering een feit, wordt nagedacht over een geschikte bestemming. Dutch Star wil dan een belang van 25 tot 30 procent in een Nederlands bedrijf nemen, bij voorkeur een familie-onderneming.

Eind 2014 vertrok Hoek als topman bij Delta Lloyd. NRC schreef toen dit profiel over hem.

De gedachte is dat eigenaren van het gekozen bedrijf hun aandelen vervolgens omruilen voor een belang in Dutch Star en het fonds de naam van het bedrijf krijgt. In zekere zin is het dus niets anders dan een omgekeerde beursgang, zegt initiatiefnemer en voormalig Delta Lloyd-topman Niek Hoek. „Alleen loopt het bedrijf in dit geval geen risico. Vooraf is precies duidelijk wat de opbrengst is.”

Maar wat hebben beleggers te winnen bij een dergelijke constructie? Is het voor hen niet een soort Kinder Surprise-ei, waarbij ze pas na aanschaf ontdekken wat erin zit? Oprichter Hoek stelt van niet. „Zodra we een geschikt bedrijf hebben gevonden, dan leggen we dat voor aan onze aandeelhouders. Pas als minimaal 70 procent van hen instemt, gaat het door.” En behoor je tot de nee-stemmers, dan kun je je inleg terugvragen.

In 2012 kende Burger King een erg succesvolle beursgang, ook via een ‘special purpose acquisition company’. Lees ook: Beursgang Burger King: kassa!

Naast aandelen krijgen geldschieters ook zogeheten warrants, die ze als het fonds een succes wordt kunnen omruilen voor extra aandelen. „Daarmee kunnen ze mogelijk nog extra rendement boeken”, legt Hoek uit. Bovendien krijgen beleggers via deze constructie de kans om mede-eigenaar te worden van een bedrijf „waar ze anders geen toegang toe hebben”.

In Nederland zijn dergelijke ‘special purpose acquisition companies’, ook wel ‘spacs’ genoemd, een zeldzaamheid. Een van de weinige voorbeelden is het fonds dat in 2007 werd opgericht en toen tevergeefs probeerde een aantal hotels van Le Meridien over te nemen. „Dat wordt nu telkens opgevoerd als mislukking”, zegt Hoek, „maar bedenk wel: het was midden in de crisis. In die zin was het eigenlijk een succes, want beleggers kregen hun geld terug. Als je in aandelen had gezeten, was je het kwijt geweest.”

Toch zijn de statistieken allerminst in het voordeel van spacs, zegt Hans Oudshoorn, die bij internetbroker Binck training geeft aan beleggers. Hij wijst naar de Verenigde Staten, waar de laatste vijftien jaar 271 van zulke fondsen naar de beurs gingen. In slechts 148 gevallen werd ook echt een bedrijf overgenomen. En met een gemiddeld rendement van 4 procent per jaar presteerden de Amerikaanse spacs veel minder dan de markt als geheel.

Daar komt volgens Oudshoorn bij dat spacs indruisen tegen de eerste les die je als belegger leert: investeer alleen in dingen die je begrijpt. „Je moet in staat zijn om zelf te onderzoeken of een bedrijf interessant is of niet. Maar bij dit soort constructies weet je niet wat je gaat krijgen. In feite geef je iemand gewoon een blanco cheque.”

De beleggerstrainer ziet het als een gevolg van een markt die lichtelijk overspannen begint te raken. „We zijn allemaal op zoek naar een goed rendement, maar dat wordt steeds moeilijker. Dan komen op den duur dit soort dingen bovendrijven. De focus op risico is een beetje verdwenen. In de jacht op rendement wordt dat steeds een beetje meer uit het oog verloren.”

Wie de gok toch wil wagen, doet er volgens Oudshoorn verstandig aan slechts een klein deel van zijn geld in een spac te beleggen. „Houd het bij 1 of 2 procent van je totale portefeuille”, adviseert hij. Het maakt Dutch Star Companies One ongeschikt voor de particuliere belegger: de minimale inleg bedraagt namelijk 100.000 euro.