Recensie

De Plugin van Toyota is lelijk maar briljant

Plugins zijn meestal obese compromissen tussen vuil en schoon, vindt maar deze kan wat. Jammer dat prestaties zichzelf niet verkopen.

De Toyota Prius Plugin bij Louwman & Parqui in Raamsdonksveer. Foto Peter de Krom

Ik wist niet beter of de techneuten van Toyota zagen weinig in plugin hybrides. Waarom zouden ze? Hun stekkerloze Prius loopt op zijn sloffen 1 op 25. De vierde generatie van die nationale pispaal is de spaarlamp onder de hybrides. Bij afremmen en gas loslaten wordt stroom opgewekt voor het bijladen van de accu. Die heeft genoeg reserve om de auto tenminste korte stukjes elektrisch te laten rijden op stroom uit eigen keuken. De luchtweerstand is laag, het gewicht van 1.400 kilo nog beschaafd voor zo’n omslachtig brok techniek.

Hoeveel efficiënter kan zo’n intelligent geconcipieerde auto met een tweede accu en elektromotor presteren? Het extra gewicht zou het theoretische verbruiksvoordeel al grotendeels tenietdoen. En waarom moeten twee elektromotoren een verbrandingsmotor assisteren die ze door de snel toenemende actieradius van batterijen niet meer nodig hebben?

Toch is de Prius Plugin er gekomen en omdat Toyota Toyota is, merk van sleutelaars met gouden handen, blijkt de kunstgreep nog te werken ook. Een testverbruik van 1 op 32 is ongehoord laag voor een auto die met zijn 8,8 kWh-accu toch ruim 100 kilo zwaarder is dan de gewone Prius. Ik haat plugins, meestal obese compromissen tussen vuil en schoon, maar deze kan wat.

De gewichtstoename hebben ze met een ecologische list deels kunnen opvangen. De testauto is voorzien van het 2.500 euro kostende Solar Pack met zonnepanelen op het dak die bij zonnig weer voldoende energie leveren voor de verlichting, het navigatiesysteem of de elektrische ramen. Als hij lang genoeg in de zon staat laden ze de Prius zelfs volledig op. Op jaarbasis levert het Solar Pack volgens Toyota duizend zongebruinde extra kilometers op.

Het volk wil buitenkant

Voor al die slimmigheden wordt de Plugin helaas niet meer beloond met aantrekkelijke bijtellingvoordelen. Zijn soortgenoten, die door de overheid buitenproportioneel zijn gepamperd voor fictieve zuinigheid, hebben het gras voor zijn voeten weggemaaid. De verkoopsuccessen die de Prius in fiscaal gunstiger tijden ten deel vielen, zitten er voor de Plugin dan ook niet meer in.

En hoeveel particulieren zullen 38 mille besteden aan een controversieel vormgegeven zuinigheidswonder? Opnieuw blijk ik met mijn bewondering voor het geradbraakte ontwerp bepaald alleen te staan. De straatcommentaren op Toyota’s meest briljante en gesmade auto zijn niet kinderachtig.

Sorry, het volk wil buitenkant

Helaas leeft bij Toyota vaak het misverstand dat klinkende prestaties zichzelf verkopen. Sorry, het volk wil buitenkant. Toyota heeft het ondervonden met de populaire C-HR, ook een hybride met de techniek van de Prius. Die valt wel in goede aarde, hij is hip. Terwijl de Plugin hem op alle fronten aftroeft.

In een week 961,6 kilometer rijden op dertig liter benzine; het lukt zolang je kalm aan doet en elke laadpaal meepakt. Het voordeel van de beperkte batterijcapaciteit is dat de Prius veel sneller oplaadt dan een puur elektrische auto, waardoor je in het laadpuntrijke westen ook korte tussenstops effectief kunt benutten. Een halflege batterij zit na een eenvoudige lunch weer op 100 procent.

Sceptici zullen terecht opmerken dat 1 op 32 geen wereld van verschil is met de stekkerloze Prius, waarmee ik in 2014 bijna 1 op 30 reed. Daar staat tegenover dat bij kortere ritten het voordeel proportioneel toeneemt naarmate meer elektrisch wordt gereden. Dat kan de Prius met de samen 90 pk leverende elektromotoren tot maximaal 135 kilometer per uur ook op de snelweg, hoewel hij bij die snelheid vrij snel leeg is. Maar met enige zelfbeheersing kom je er elektrisch 56 kilometer ver mee, zelfs iets verder dan de fabrikant belooft. Over een afstand van 100 kilometer, die de gemiddelde forens niet haalt, verbruikte ik ook na het leegrijden van de volle accu 2 liter benzine ofwel een verpletterende 1 op 50. Voor de 225 kilometer van huis naar importeur kon ik met iets meer dan zes liter toe. Beide trajecten legde ik grotendeels via de snelweg af.

Het hangt van je gebruik af of hij de meerprijs ten opzichte van de normale Prius waard is. Op lange trajecten zal de verbrandingsmotor het zware werk overnemen en het verbruik dat van de stekkerloze versie naderen; in de Randstad rijd je grotendeels elektrisch zonder de beperkte actieradius van een EV. Het prijsverschil kan een breekpunt zijn. Zonder stekker is hij er voor 30.000 euro, terwijl de Plugin met zonnepanelen over de 40.000 schiet. Maar het is een moedige auto van een fabrikant die alles doet om een technisch achterhaald concept zo te perfectioneren dat het nog één keer schittert.