De orkaan die alles overtrof

Logboek rampweek

In de dagen voordat Irma Sint-Maarten verwoest, zijn de bewoners nog optimistisch. Het loopt anders. Logboek van een rampweek.

Zeecontainers liggen overal verspreid langs de haven op Sint-Maarten, als gevolg van de verwoestende kracht van Irma. Foto Gerben van Es/ANP

In het weekend voor de komst van de orkaan Irma is de maan op Sint-Maarten bijna helemaal vol. De zon komt op om zes uur, en gaat zo’n twaalf uur later weer onder. De meeste mensen houden zich op hun vrije dagen niet zo bezig met de orkaan. Ze hopen nog dat het allemaal wel mee gaat vallen. „Een orkaan kan any time een andere kant op gaan”, zegt Paul de Windt, uitgever van de lokale krant The Daily Herald . „Er waren indicaties dat Irma ten noorden langs zou trekken.”

Het loopt anders. Irma wordt de sterkste orkaan ooit op de Atlantische oceaan.

Hoe heeft Sint-Maarten de afgelopen orkaanweek beleefd?

Het weekend ervoor

Het Rode Kruis verkeert al een paar weken in opperste staat van paraatheid, vertelt woordvoerder Merlijn Stoffels. Voor het weekend zijn er 25 vrijwilligers naar Sint-Maarten vertrokken om geschikte opvangplekken te zoeken en mensen voor te lichten. Ook het bestuur van Sint-Maarten rekent al op het ergste.

„Op 1 september zijn de formele verzoeken om militaire bijstand voor orkaan Irma binnengekomen vanuit Sint-Maarten, Sint Eustatius en Saba”, zegt Julia Rademakers van Buitenlandse Zaken. „Deze verzoeken zijn ingewilligd door minister Plasterk. Vanuit Curaçao en Aruba zijn toen bijna honderd Nederlandse militairen naar Sint-Maarten vertrokken.” Ook gaan er twee schepen van de marine op weg vanaf Curaçao en Aruba om hulpgoederen af te leveren. Orkaan Irma raast inmiddels over de Atlantische oceaan met een snelheid van zo’n 160 kilometer per uur.

Maandag

Dat de eilanders geen geluk gaan hebben, wordt henzelf in de loop van maandag duidelijker, zegt De Windt. „De grote bewustwording.” Mensen ruimen hun tuinen leeg, verplaatsen hun auto’s naar „beschermde plekken”, halen „blikvoer” in huis.

Voor Sint-Maartenaren is dit geen uitzonderlijk ritueel tijdens het orkaanseizoen. Sommige mensen timmeren hun ramen dicht, maar sinds orkaan Luis in 1995 een deel van het eiland verwoestte, hebben veel mensen rolluiken. „Als de orkaan een klein spleetje vindt, kruipt ze erin en scheurt ze alles kapot.”

Dinsdag

Vandaag precies 22 jaar geleden verwoestte orkaan Luis een deel van het eiland – een monsterstorm zoals er nog nooit een was geweest. Er kwamen negen Sint-Maartenaren om het leven, zevenduizend mensen verloren hun huis. „Normaal gesproken zouden we op een dag als vandaag terugblikken en reflecteren op hoe die ongelooflijke storm ons leven veranderde”, zegt premier William Marlin in een toespraak. „Maar vandaag is geen normale dag.”

Om twaalf uur ’s middags sluiten alle winkels hun deuren. Aan het einde van de middag gaan elf opvangcentra open waar mensen kunnen schuilen: in kerken en publieke gebouwen. Vanaf zes uur geldt een straatverbod, bewoners die toch buitten zijn, kunnen gearresteerd worden. „Velen van jullie hebben nog nooit een orkaan meegemaakt”, zegt de premier. „Het is nooit een goede ervaring.”

Die nacht is de maan helemaal vol. De windsnelheid in orkaan Irma nader 250 kilometer per uur – categorie vijf.

Woensdag

Sint-Maarten is grotendeels verwoest, blijkt als de zon is opgekomen. Er is nog nooit een orkaan gemeten met deze windsnelheden – tot ver boven 300 kilometer per uur. Belangrijke communicatiemasten zijn kapot. De haven is verwoest. Het vliegveld is onbereikbaar. De orkaan wrikte duizenden daken los. Er zijn berichten van plunderingen, die door de Nederlandse overheid bevestigd worden. Dagbladuitgever De Windt heeft het ook gezien. „Woensdagochtend zag ik mensen in de regen dwalen, doelloos met een zak vol spullen. Het is wel begrijpelijk. De supermarkten zijn niet open, maar mensen hebben spullen nodig.”

De mariniers op het eiland beginnen met het herstellen van het vliegveld. Nederland maakt plannen voor het zenden van extra militairen.

Donderdag

Een Nederlandse helikopter die is meegevaren met de marine vliegt over Sint-Maarten om de schade in beeld te brengen. Terwijl de orkaan richting de Amerikaanse kust raast, stuurt Nederland twee vliegtuigen met hulpgoederen. Die komen de volgende ochtend aan, maar kunnen nog niet landen op Sint-Maarten. Een Nederlands schip kan wel spullen en mensen afleveren.

Vrijdag

Op Curaçao wachten ongeveer 25 vrijwilligers van het Rode Kruis op een mogelijkheid om Sint-Maarten te bereiken. De 25 vrijwilligers die wel op het eiland zijn hebben woensdag eerste hulp verleend. Van hun eigen kantoor op het eiland is weinig meer over. Ze slapen bij vrienden of in opvangruimtes. Op vrijdag trekken veel van hen eropuit om mensen te waarschuwen voor de nieuwe ramp die komen gaat. Orkaan José wordt in de loop van zaterdag verwacht. „Op grote delen van het eiland weten mensen niet eens dat er een nieuwe ramp gaat komen omdat er geen communicatiemiddelen zijn”, zegt Merlijn Stoffels van het Rode Kruis. Op Sint-Maarten zijn dit weekend naar verwachting 350 Nederlandse militairen. Meer zullen dat er voorlopig niet worden. „Je moet elkaar niet voor de voeten gaan lopen”, zegt generaal-majoor Richard Oppelaar. Paul de Windt kijkt al naar de toekomst. „Het toerisme moet weer gaan bloeien.”