Toeristentaks kan Amsterdam 150 miljoen méér opleveren

Toeristenbelasting

De hoofdstad kan met een nieuwe overnachtingstaks tot wel 150 miljoen euro meer verdienen. En de overlast neemt af, als het goed is.

Buitenlandse toeristen bevolken de straten van het centrum van Amsterdam. Robin Utrecht / ANP

Amsterdam kan tot ruim 150 miljoen méér aan toeristenbelasting binnenhalen. Dat blijkt uit onderzoek dat adviesbureau Andersson Elffers Felix uitvoerde in opdracht van de gemeente. Om aan dat bedrag te komen moet een vast bedrag per overnachting worden ingevoerd.

Wethouder Udo Kock (financiën, D66) heeft een voorkeur voor de variant met een vast bedrag van 5 of 10 euro per persoon per nacht, plus een variabel percentage. Hotels in Centrum moeten vanaf 1 januari aan hun gasten 6 procent van het overnachtingstarief in rekening brengen, daarbuiten is dat 4 procent. Voor Airbnb geldt in de hele stad een belasting van 6 procent.

Kock zegt erbij dat het huidige college deze stelselwijziging niet zal invoeren. Reden: het computersysteem van de gemeentelijke belastingdienst. Dat staat „op instorten – al jaren – en kan een wijziging als deze niet aan”. In oktober moet er een nieuw systeem zijn; de gemeenteraadsverkiezingen zijn al in maart, dus moet een volgend college een voorstel doen voor de nieuwe toeristenbelasting.

Andersson Elffers Felix onderzocht verschillende varianten, waarbij hetzij 5, hetzij 10 euro per overnachting wordt geheven, of waarbij wel of geen verschil wordt gemaakt tussen de verschillende gebieden. Al naar gelang de gekozen variant kan Amsterdam rekenen op extra inkomsten tussen de 15 en de 153,3 miljoen euro.

Druk op de stad

Met de nieuwe belasting moeten drie aspecten van het toerisme tegelijkertijd worden geadresseerd. In de eerste plaats is het volgens Kock „niet meer dan redelijk dat Amsterdammers mee profiteren” van de stormachtige ontwikkeling van het toerisme in de afgelopen, en naar verwachting ook komende jaren. Het afgelopen jaar telde Amsterdam zo’n 12 miljoen overnachtingen. Dat kan de komende jaren oplopen naar 17 miljoen. De opbrengst van de toeristenbelasting is in een kleine zes jaar tijd verdubbeld: van 37 miljoen euro in 2012 tot bijna 75 miljoen in 2017. Ook overnachten op cruiseschepen is vanaf 2019 belast. „Het is volgens het principe: de gebruiker betaalt”, aldus Kock. „De gemeente trekt veel extra geld uit voor onder meer schoonmaken en handhaving.”

Het tweede aspect is de druk op de binnenstad. Door een verschil aan te brengen in het tarief ruwweg binnen of buiten de Ring, moet de toerist worden gestimuleerd intrek te nemen in wijken buiten de binnenstad.

Wat krijgen toeristen eigenlijk voorgeschoteld? Lees: Undercover als toerist in Amsterdam

Ten slotte wil Amsterdam „kwaliteitstoerisme” bevorderen. Kock zegt het zo: „Laat de toegevoegde waarde van de toerist toenemen.” Volgens Kock zit die toegevoegde waarde niet alleen in extra geld uit de belastingen, maar ook in wat een toerist in Amsterdam komt doen. „Koopt hij een broodje bij de supermarkt en gaat hij dat op het Museumplein opeten? Of ontbijt hij in een brasserie, luncht hij in een restaurant en gaat hij ’s avonds naar het theater? In dat geval genereert hij meer werkgelegenheid.”

De variant die Kocks voorkeur heeft (vast overnachtingstarief van en een gedifferentieerde belasting voor binnen en buiten de Ring) levert niet alleen in absolute zin het meeste geld op, maar legt ook relatief de zwaarste verandering bij het budget- en middensegment van de hotels. Dat kan er volgens Kock voor zorgen dat budgethotels het profijtelijker gaan vinden om zichzelf op te waarderen naar „boutique hotels”. Zodoende kan het aanbod voor de budgettoerist afnemen ten gunste van de toerist met de meeste „toegevoegde waarde”.