Rechter: Staat moet luchtvervuiling beperken

Dat bepaalde de rechter donderdagochtend. Staatssecretaris Dijksma liet na de uitspraak weten de aanpak te versnellen.

Een luchtvervuilingsmeting langs een weg in Den Haag Koen van Weel/ANP

De Nederlandse regering moet onmiddellijk maatregelen treffen om luchtvervuiling aan te pakken op plekken waar die de Europese norm overschrijdt. Dat heeft de de kortgedingrechter donderdagochtend bepaald in een zaak die was aangespannen door Milieudefensie. Er moet zo snel mogelijk een luchtkwaliteitsplan komen dat ervoor zorgt dat de overschrijdingen van de norm verdwijnen. Ook mag de regering geen nieuwe maatregelen nemen die kunnen leiden tot het overschrijden van de normen.

De rechter acht het bewezen dat op een aantal punten in Nederland de harde grens voor de uitstoot van fijn stof en stikstofdioxide niet gehaald wordt, terwijl de termijn voor de staat om die normen te halen al ruim is overschreden. Daarbij is het duidelijk dat die situatie slecht is voor de gezondheid. Het huidige plan om de normen voor de luchtkwaliteit niet te overschrijden is volgens de rechter te algemeen, met weinig aandacht voor specifieke plekken met slechte lucht. Ook blijkt er niet uit dat de situatie zo snel mogelijk zal worden aangepakt.

Voor Milieudefensie, dat volledig gelijk krijgt, betekent de uitspraak een grote overwinning. De organisatie spande het - met crowdfunding gefinancierde - kort geding aan bij de rechtbank in Den Haag omdat een aangevraagde bodemprocedure al een tijd op zich liet wachten. De organisatie vond dat er zo snel mogelijk iets gedaan moest worden aan het overschrijden van de normen en besloot dus alvast in te zetten op een kort geding. Die keus pakt gunstig uit.

Vooraf gaven kenners van het milieurecht Milieudefensie al een goede kans. Heel ingewikkeld was het allemaal niet: de vervuilingsnormen zijn harde wetten - wie ze overtreedt, hoort door de rechter aangesproken te worden. Op dat punt hamerde de organisatie dan ook twee weken geleden in de rechtszaal. De landsadvocaat verdedigde zich vooral door te zeggen dat het slechts om een paar zeer “hardnekkige” punten langs grote wegen gaat en dat men verder op de goede weg is.

Spannender was of de rechter ook tegemoet zou komen aan alle eisen van Milieudefensie, zoals de stop op nieuwe maatregelen die mogelijk luchtvervuiling in de hand werken. Denk daarbij bijvoorbeeld - in het verleden - aan het verhogen van de maximumsnelheid naar 130 kilometer per uur. Mogelijk zou de rechter zich hier niet over uitspreken omdat ze zich daarmee te veel op politiek terrein zou begeven. Ze ziet echter toch gronden in de wet Milieubeheer om Milieudefensie ook op deze punten volledig gelijk te geven.

Demissionair staatssecretaris Dijksma (Infrastructuur & Milieu, PvdA) liet na de uitspraak aan ANP weten de aanpak van luchtvervuiling te willen versnellen in het nieuwe luchtkwaliteitsplan.

Voorafgaand aan de zaak werd regelmatig de vergelijking getrokken met de grote klimaatzaak van Urgenda. Een opmerkelijke uitspraak in 2015 verplichtte de Staat om meer te doen om internationaal afgesproken klimaatdoelen te halen. Die zaak was echter grotendeels gebaseerd op weinig concrete verdragen waar burgers maar zelden rechten aan kunnen ontlenen. De zaak van Milieudefensie baseerde zich volledig op harde normen waar makkelijker over geprocedeerd kan worden.

In andere landen, zoals Duitsland en het Verenigd Koninkrijk, zijn al eerder dit soort zaken gewonnen door milieuorganisaties. Steeds vaker proberen zij er via de rechter op te wijzen dat milieumaatregelen geen vrijblijvende afspraken zijn, maar (internationale) verplichtingen. Dat geldt voor Europese richtlijnen over vervuilende stoffen, maar ook voor afspraken in het akkoord van Parijs over klimaatverandering.