Liefde als religie, en religie als liefde in Verdi’s La forza

Opera De Nationale Opera opent het seizoen met een nieuwe productie van Verdi’s weinig getoonde, ‘onspeelbare’ ‘La forza del destino’.

Leonora (Eva-Maria Westbroek) & op de stoel Il marchese (James Creswell) & Koor van de Nationale Opera De Nationale Opera

Boven het podium hangt, omnipresent, Christus aan het kruis. „Dat Verdi tegen geloof zou zijn geweest, is een hardnekkige misvatting”, zegt de Duitse regisseur Christof Loy (1962) in de pauze tussen twee repetities. „Hij had bedenkingen tegen de Roomse Kerk als instituut. Maar we mogen niet vergeten dat hij een diep religieus mens was.”

Van geloof, of liever het verlangen naar een vorm van liefde waarvan de intensiteit het tijdelijke aardse gewriemel ontstijgt, maakte Loy het hoofdingrediënt van zijn nieuwe productie van Verdi’s weinig gespeelde opera La forza del destino (‘De kracht van het noodlot’). Op initiatief van artistiek directeur Pierre Audi opent De Nationale Opera er zaterdag het nieuwe seizoen mee, met onder anderen sopraan Eva-Maria Westbroek in de vrouwelijke hoofdrol (Leonora).

Een „natuurkracht” noemt regisseur Loy haar – en die heeft La forza del destino ook wel nodig. Het libretto (zie inzet) is poreus, er wordt op reuzenlaarzen door de verteltijd gestapt en hoewel de muziek populaire hoogstandjes bevat (de ouverture, en het van medeklinkers overborrelende ‘Rataplan’-koor) naast werkelijk meeslepende momenten, snap je ook dat andere Verdi’s vaak voorrang hebben gekregen.

Voor dirigent Michele Mariotti (38), die bij DNO debuteert én La forza niet eerder dirigeerde, zijn deze laatste dagen voor de première spannend en uitputtend, zegt hij. „Hoe Verdi de menselijke psychologie doorziet en die in noten vangt – ongeëvenaard. Bevat een zanglijn een ‘verkeerde’ klemtoon? Let dan maar goed op waar die zin over gaat. Angst bijvoorbeeld, die precies juist door die ‘verkeerde’ hapering wordt getypeerd. Waanzinnig, zulke detaillering.”

Leonora (Eva-Maria Westbroek)
De Nationale Opera
De Nationale Opera
De Nationale Opera
De Nationale Opera

Ook Loy, die voor DNO eerder Verdi’s Les vêpres siciliennes ensceneerde, noemt Verdi´s detaillering cruciaal. Maar de specifieke cast van een nieuwe productie, hún psychologie, is voor de ontwikkeling van een productie net zo goed doorslaggevend. „Ik probeer de zangers maanden tevoren al te ontmoeten om te bedenken hoe ik met ze om moet gaan, op welke knoppen ik tijdens het repetitieproces kan drukken. Het idee La forza del destino hier grotendeels vanuit het perspectief van Leonora te vertellen en háár psychologische reis centraal te stellen, was zonder Eva-Maria Westbroek wellicht nooit ontstaan.”

In Italië is La forza del destino omgeven met bijgeloof. „Het is een van de redenen dat deze opera ook in Italië zelden wordt uitgevoerd”, grinnikt dirigent Marotti. „Met la potenza del fato spot je niet, en aan een opera die erover gaat brand je ook maar liever je vingers niet. Gelukkig ben ik zelf nooit bijgelovig geweest. Zoals de schrijver Umberto Eco geestig verwoordde: bijgeloof brengt ongeluk.”

Verdi beschouwde La forza del destino zelf als zijn eerste ‘ideeënopera’. Niet langer wilde hij verhalen vertellen met aria’s, cavatina’s en duetten, maar in één doorgecomponeerd geheel.

Regisseur Loy: „Ik heb in andere producties ervaren dat het kan: een coherente voorstelling maken zonder panisch te zoeken naar een rode draad. Ik heb elke scène nu simpelweg geënsceneerd vanuit de eigen dramatische kracht, als een soort mini-opera. Het toneelbeeld schept vervolgens alsnog de gewenste eenheid. En de muziek!”

Preziosilla (Veronica Simeoni), dansers en Koor van de Nationale OperaDe Nationale Opera

Dirigent Mariotti: „Het is de eerste opera waarin Verdi daartoe met leidmotieven experimenteert. De befaamde ouverture van La forza bevat er al drie: één thema dat de opwinding van Leonora typeert en nog twee die, nogal opmerkelijk, beide slaan op de geestelijke relatie tussen Leonora en de kloosterabt, padre Guardiano. Ik ben het mede daarom zeer eens met Loys focus op religie als vorm van liefde, of liefde als vorm van religie.”

Loy: „De langdurige liefde tussen Alvaro en Leonora berust op maar één kort moment samen. Dat wijst toch op iets wat buiten henzelf ligt? De eeuwige kracht van liefde, of hoe je het ook wilt noemen. En de dood, heel aanwezig in het verhaal, roept sowieso de vraag op wat het leven nou eigenlijk betekent, en wat er daarna nog meer zou kunnen zijn.”

Loy vertelt het verhaal vanuit Leonora en het gezin waarin ze opgroeit: een micromaatschappij waarin alle latere grote problemen al spelen: het noodlottig racisme van haar vader, haar prille aantrekkingskracht tot het geloof.

„In de eerste akte hebben we kinderfiguranten ingezet, die Leonora’s prille verheerlijking van Maria moeten tonen”, vertelt hij. „Wat me choqueerde was dat ze geen benul hadden van wat Maria voor veel mensen betekent. Maar de emotie die ik zocht, konden ze meteen spelen. Wat zegt dat dan? Geloof is voor velen een taboe onderwerp: alsof toegeven dat het je als thema interesseert niet samen zou gaan met een kritische geest. Maar met zo’n instelling verlies je veel. Het gemak van die kinderen om zich in te leven in het verlangen onderdeel te zijn van iets groters, toonde hoe algemeen menselijk die behoefte is.”