Huurstijging laagst in zeven jaar - gemiddeld 1,6 procent

De stijging is wel flink hoger dan die van de consumentenprijzen. Omdat er in Amsterdam relatief veel verhuisd wordt, is de stijging daar het hoogst.

Foto Koen Suyk/ANP

De prijs van een huurhuis is dit jaar met gemiddeld 1,6 procent gestegen. Dat meldt het CBS. Sinds 2010 is de stijging van de huurprijzen ten opzichte van een jaar eerder niet meer zo laag geweest.

De stijging van de huur ligt overigens nog wel ruim boven de gemiddelde stijging van de consumentenprijzen. Die is dit jaar 0,3 procent. Sinds 2012 stegen de consumentenprijzen 7 procent, terwijl de huren 16 procent hoger werden.

Gereguleerde huur

Voor het tweede achtereenvolgende jaar ligt de stijging in de vrije huursector hoger dan in de sociale huursector. Wie een sociale huurwoning had, betaalde gemiddeld 1,1 procent meer in 2017, in de geliberaliseerde huurmarkt was dat 2,3 procent. Van 2013 tot en met 2015 steeg de sociale huur juist harder dan de vrije huur, maar vanaf 2017 mogen woningbouwcorporaties in totaal niet meer dan 1,3 procent meer huurinkomsten binnenkrijgen dan een jaar eerder.

De stijging is echter het hoogst bij woningen in de gereguleerde huursector die niet van een woningbouwcorporatie zijn. Omdat die eigenaren niet gebonden zijn aan de in 2017 ingestelde regeling voor woningbouwcorporaties, stegen de huren daar gemiddeld 2,5 procent.

Verhuizen

Een deel van de stijging van de huren komt vanwege verhuizingen. Op dat moment zijn verhuurders niet gebonden aan een maximale huurverhoging. De huur ging na verhuizing gemiddeld 7,4 procent omhoog. Als iemand op dezelfde plek bleef wonen, was de stijging gemiddeld 1,2 procent.

Mede omdat Amsterdam relatief veel verhuizingen kent, is de stijging van de huren daar gemiddeld het hoogst van Nederland: 2,5 procent. In Drenthe, Groningen en Gelderland is de huurstijging met 1,1 procent het laagst.