Froome oogt kwetsbaar bij beklimmen van steile wand

Ronde van Spanje

Leider Chris Froome verloor op de slotklim 42 seconden op nummer twee Vincenzo Nibali. Wilco Kelderman behield de derde plaats.

Chris Froome verloor tijd op nummer twee Vincenzo Nibali Foto Jose Jordan/AFP

Meter voor meter harkte Chris Froome vergeefs naar het achterwiel van de renner voor hem. Maar zijn Spaanse ploeggenoot Mikel Nieve bleef steeds net onbereikbaar, op één, anderhalve meter afstand. En dat kilometers lang.

Voor het eerst bleek de klassementsleider woensdag kwetsbaar, in de zeventiende etappe van de Vuelta. Op de slotklim van Los Machucos – een steile wand met stijgingspercentages tegen de 28 – moest Froome lossen bij zijn belangrijkste rivalen. En dat vlak voor het einde van de ronde, zondag in Madrid. De 72ste editie van de Vuelta krijgt een spannend slot, met nog genoeg klimwerk voor de boeg.

Ogenschijnlijk rustig incasseerde de viervoudig Tourwinnaar op de in nevel gehulde top zijn verlies. Op de Oostenrijkse ritwinnaar Stefan Denifl, overgebleven uit een vroege ontsnapping. Op Alberto Contador, die in zijn laatste Vuelta opnieuw de harten stal van de fans met een ouderwetse aanval op de slotklim. Maar vooral op zijn naaste belager Vincenzo Nibali, die zijn achterstand in het klassement met 42 seconden verkleinde tot 1.16 minuut op Froome. Wilco Kelderman bleef op 2.13 derde, maar zag nummer vier Ilnoer Zakarin naderen tot op twaalf seconden.

Met een serene oogopslag gaf Froome meteen na zijn ploeggenoot Nieve een schouderklopje. Geen spoor van vermoeidheid of paniek. Zijn doel staat recht overeind: de eerste renner ooit worden die na de Tour ook de Vuelta wint. „Ik heb nog steeds een goede uitgangspositie”, sprak de kopman van Team Sky na afloop. „Natuurlijk is het nooit leuk om tijd te verliezen, maar ik voel me nog steeds goed. De ploeg doet het nog steeds geweldig. We kijken uit naar de komende drie dagen.”

Na een korte, maar steile slotklim op donderdag en een rit met vier colletjes op vrijdag volgt zaterdag de ontknoping. Na één berg van de derde categorie volgen er twee van de eerste categorie. En dan de slotklim van de gevreesde Angliru: 13,2 kilometer klimmen met een gemiddelde stijging van 9,3 procent, inclusief op twee kilometer van de top een geitenpaadje met een strook van 23,5 procent.

Op Los Machucos bleek opnieuw dat een klim met extreme stijgingspercentages Froome niet ligt. „Ik denk dat niemand houdt van stijgingspercentages boven de 25”, zei de Keniaanse Brit. „Maar dit soort aankomsten is typerend voor de Vuelta, ze bepalen het karakter van de wedstrijd. Het is bovendien voor iedereen hetzelfde.”

Ook Kelderman, die goed stand hield maar in de slotfase zijn Russische rivaal Zakarin moest laten gaan, is geen liefhebber van steile klimmen. „Sommige stukken waren zo steil, als je ging staan op de pedalen, glipte je fiets gewoon weg. Ik kon Zakarin en Nibali net niet volgen en heb toen in eigen tempo geprobeerd de schade te beperken. Het was niet echt mijn type beklimming, ik heb liever dat het wat geleidelijker omhooggaat.”

De Sunweb-kopman mikt nog steeds op het podium in Madrid. „De benen zijn nog goed, dat stemt hoopvol.” De Angliru? „Zakarin is mijn grootste concurrent. Ik moet proberen hem niet weg te laten rijden.”