Samplepionier die Stockhausen een groove gaf

Hoger Czukay (1938-2017)

Holger Czukay was mede-oprichter van de experimentele Krautrockband CAN en vormde met zijn geluidsexperimenten de schakel tussen componist Karlheinz Stockhausen en punk en new wavebands als PIL van John Lydon.

Holger Czukay Foto XR xKeuntjex xFuturexImage/HH

Als bassist van de Duitse groep CAN en pionier van de samplekunst in de popmuziek was Holger Czukay een van de grote experimentalisten die voortkwamen uit het psychedelische tijdperk. „Krautrock” werd de muziek van CAN buiten Duitsland genoemd en als een van de weinigen had Czukay het relativeringsvermogen om zich bij die term neer te leggen. In zijn latere solocarrière zocht hij altijd de uitdaging van nieuwe geluiden en kruisbestuivingen.

Holger Czukay werd als Holger Schüring geboren in het Poolse Danzig. Hij studeerde compositie bij Karlheinz Stockhausen en werkte als klassiek muziekdocent, toen Frank Zappa en The Velvet Underground hem de oren openden voor de experimentele mogelijkheden van popmuziek. Als medeoprichter van CAN in 1968 koos hij voor de basgitaar omdat hij minder aandacht zou trekken dan een zanger of gitarist, dacht hij. Na de grotendeels geïmproviseerde opname van het debuutalbum Monster Movie realiseerde hij zich dat met zijn basspel en de bediening van de geluidsapparatuur boven zichzelf uit was gestegen. „Stockhausen met een groove”, noemde hij de muziek.

In vroege stukken stukken als ‘You Doo Right’ en ‘Father Cannot Yell’ legde Czukay samen met drummer Jaki Liebezeit de basis voor stuwende muziek die zich losmaakte uit de standaardformule van gewone popsongs. Na het vertrek van de Amerikaanse zanger Malcolm Mooney en de komst van de Japanner Damo Suzuki werd CAN’s eigenzinnige, losse werkwijze uitgebouwd op de invloedrijke albums Tago Mago en Ege Bamyasi. Na Suzuki’s vertrek in 1973 ging CAN door als viertal. Het album Flow Motion (’76) leverde de Engelse hitsingle ‘I Want More’ op. Na een hiaat van tien jaar beleefde de band in 1989 een korte comeback, met Mooney opnieuw als zanger op het album Rite Time.

Als solist op de albums Der Osten Ist Rot (1984) en Rome Remains Rome (’87) maakt Czukay gebruik van dictafoon en korte golfradio, die hij zijn jeugd had ontdekt als onvoorspelbare samplemachines avant la lettre. In de samenwerking met David Sylvian op Plight & Premonition en Jah Wobble op Full Circle gaf Czukay de muziek een buitenaards klinkende rafelrand.

Als muziekvernieuwer was Holger Czukay de ontbrekende schakel tussen Karlheinz Stockhausen en PiL van John Lydon, die in CAN een voorbeeld zag om de punk van de Sex Pistols te ontstijgen. Czukay (79) werd dinsdag in zijn appartement in Weilerswist bij Keulen gevonden. Hij overleed kort na Jaki Liebezeit (januari) en zijn vrouw Ursula (juli). De oorzaak van zijn dood is nog onbekend.