OM vervolgt ING in vier fraudezaken

Strafzaken Justitie vermoedt „breed falend beleid” bij ING en onderzoekt rol van bank bij witwaszaken.

Foto Toussaint Kluiters/Reuters

Het Openbaar Ministerie doet onderzoek naar ING vanwege het faciliteren van internationale corruptie en witwassen in vier afzonderlijke zaken. Dat blijkt uit processtukken in handen van NRC. Het OM vermoedt dat bij ING sprake is van „breed falend beleid”.

In maart meldde ING Bank in het jaarverslag dat het onderwerp is van strafrechtelijk onderzoek door de Nederlandse autoriteiten vanwege betrokkenheid bij corruptie, witwassen en het eigen cliëntacceptatiebeleid. De gevolgen van dat onderzoek zouden volgens ING „aanzienlijk” kunnen zijn. Tegenover Het Financieele Dagblad stelde justitie destijds de rol van ING te onderzoeken bij smeergeldbetalingen door telecombedrijf VimpelCom.

Lees ook: De miljoenen gaan naar de dochter van de president, over de smeergeldaffaire rond Vimpelcom

Nu blijkt dat dit onderzoek van justitie naast VimpelCom nog drie andere kwesties behelst. Het strafrechtelijk onderzoek luistert naar de naam Houston. Justitie heeft de vier zaken in het onderzoek zo geselecteerd dat „een representatief beeld van een breed falend beleid” bij ING kan worden geschetst wat betreft de compliance bij de bank – hoe wet en regelgeving intern worden nageleefd.

In volle gang

Strafrechtelijk onderzoek naar Nederlandse banken door het OM is zeldzaam. Justitie onderzoekt in ‘Houston’ onder meer de rol van ING bij omkoping door VimpelCom. De in Amsterdam gevestigde internationale telecomprovider sloot vorig jaar een recordschikking van 358 miljoen euro met het OM vanwege omkoping en valsheid in geschrifte bij toetreding tot de Oezbeekse telecommarkt.

Het OM wil desgevraagd niet toelichten inzake welke drie andere kwesties ING strafrechtelijk onderzocht wordt en stelt dat het onderzoek „in volle gang” is. Het meldt dat ING ervan wordt verdacht dat zij ongebruikelijke transacties niet of niet op tijd heeft gemeld en dat zij geen of onvoldoende onderzoek naar cliënten heeft gedaan. Dat is wel verplicht volgens de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme.

Ontspringt ING de dans? Het zou niet de eerste keer zijn, zegt een betrokkene: ‘Het OM vervolgt nationale banken bij voorkeur niet’

Fraudedossiers

De naam van ING dook de laatste jaren in diverse omvangrijke fraudedossiers op. Zo kwam de bank vorig jaar prominent voorbij in de kwestie rondom het Maleisische staatsinvesteringsfonds 1MDB, waar volgens de Amerikaanse autoriteiten zo’n 1 miljard uit is verduisterd door onder meer de Maleisische premier.

In 2012 betaalde ING in de VS een boete van 619 miljoen dollar omdat het jarenlang de handelssancties met Cuba en Iran had geschonden.

De processtukken in bezit van NRC zijn afkomstig van een artikel 12-procedure die momenteel loopt bij het gerechtshof Den Haag. Een zakenman probeert via die procedure vervolging van ING af te dwingen voor het faciliteren van witwassen en belastingfraude bij zijn voormalige trustkantoor.

In deze Trust EU-zaak deed justitie zeven jaar internationaal onderzoek en vervolgt zij twee trustkantoorbestuurders voor het witwassen van zo’n 100 miljoen euro. Justitie weigert de rol van huisbankier ING te onderzoeken omdat zij ING vanwege vergelijkbare strafbare feiten al in eerder genoemd onderzoek Houston op de korrel neemt. Uitbreiding van het onderzoek zou tot „onwenselijke complicaties en vertragingen” leiden.

ING wil niet ingaan op vragen over het strafrechtelijk onderzoek of de artikel 12-procedure. De bank stelt desgevraagd wel dat het in 2016 „diverse wereldwijde programma’s” is gestart voor „verbetering” van de wijze waarop ING klanten screent en monitort.

Naschrift (7 september 2017): de kop van dit artikel is aangepast: ‘vervolgen’ in plaats van ‘jagen’.