Column

Die Van Gogh, wat wordt-ie lelijk!

Zap Nieuwsgierigheid en verbeelding gisteravond op tv. In DWDD, het NOS Journaal en vooral Het geheim van de meester. Dat reconstrueerde twee Van Goghs.

‘De Van Gogh is het allerlelijkste wat ik ooit heb gemaakt!’ Uit Het geheim van de meester (AVROTROS).

Verbeelding en nieuwsgierigheid – daar begint alles mee, legde Robbert Dijkgraaf uit in De Wereld Draait Door. De als tafelheer debuterende Vlaamse acteur Matthias Schoenaerts viel als een blok voor de huisprofessor en banjerde even later dwars door het wat kabbelende interview met de band Kensington om Dijkgraaf te vragen een coulissenanekdote te herhalen. Het was hem vergeven: het doordachte idealisme van Dijkgraaf is niet te weerstaan.

Het NOS Journaal bracht ook een ode aan verbeelding en nieuwsgierigheid door een paar minuten in te ruimen voor de veertigste verjaardag van de lancering het ruimteschip de Voyager. De ruimtesonde is nog altijd onderweg naar nergens, Pluto al jaren voorbij. Aan boord is een gouden plaat met aardegeluiden in diverse talen. Daarop staat een damesstem die met Beatrixdictie „Hartelijke groeten aan iedereen” zegt. Ook Humberto Tan liet haar in RTL Late Night nog even horen, terwijl wetenschapsjournalist Diederik Jekel de schoonheid van onze „achtertuin” bezong.

Zo werden verbeelding en nieuwsgierigheid de drijvende kracht van de dinsdagavond. Het geheim van de meester (AVROTROS) liet zien hoe ver die twee samen kunnen reiken. In het programma stond een schilderij van Vincent van Gogh centraal. Of eigenlijk twee Van Goghs. Want onder een bloemstilleven uit de Parijse periode bleek na röntgenonderzoek een in 1886 op de Antwerpse kunstacademie gemaakt portret van twee worstelaars verscholen te zitten. Dat schilderij wilde presentator Jasper Krabbé in het programma reconstrueren, met hulp van een timmerman, restauratoren, kunsthistorici en schilder Charlotte Caspers.

In de speurtocht die volgde gingen nieuwsgierigheid en verbeelding hand in hand. Er wordt lekker dik ingezoomd op de verf. We gluren door de kieren van het craquelé van het bloemstilleven om iets te weten te komen van de kleur eronder. Andere geheimen geeft het schilderij niet zomaar prijs. Want de gezichten van de worstelaars zijn matig tot slecht te zien op de röntgenopname. Wie waren die mannen? Als dit een academieopdracht was, redeneert Krabbé, dan hebben ze misschien vaker model gestaan. Hij reist naar Antwerpen.

Stap voor stap komt hij dichter bij de identiteit van de modellen – het wordt met veel gevoel voor de magie van archiefonderzoek in beeld gebracht. Hij laat het ene na het andere schilderij uit de ‘deelcollectie mannelijke halfnaakten’ aanrukken. En inderdaad vindt hij twee portretten van mannen die sprekend lijken op de worstelaars. Zelfs de gereserveerde mevrouw van het archief grijpt de presentator enthousiast bij de schouders.

Je hoopt natuurlijk dat die worstelaars een meesterwerk blijken, maar helaas: „Die Van Gogh, dat wordt echt zo lelijk”, roept de schilder uit als ze al over de helft is. „Het is echt het allerlelijkste wat ik in mijn leven heb gemaakt.” Tja – het was het werk dat ertoe leidde dat Van Gogh uit de schildersopleiding in Antwerpen werd gegooid. Uiteindelijk is het resultaat van Caspers redelijk toonbaar en wordt het één dag geëxposeerd in het Kröller-Muller. Na 130 jaar hebben de worstelaars zo een tweede leven. Een kort tweede leven, want Het geheim van de meester is onverbiddelijk. Er zal precies hetzelfde bloemstilleven overheen worden geschilderd. (Te zien in deel twee, woensdagavond.)

Het geeft Het geheim van de meester een poëtisch einde: Van Goghs worstelaars verdwijnen na een dagje aan de oppervlakte terug naar het rijk van de verbeelding. Met, de mevrouw op de Voyageropname indachtig, de groeten aan iedereen.