Commentaar

Sommige studenten gaan wel erg creatief om met studielening

Wie studeert, kan sinds 2015 gebruikmaken van een nieuwe vorm van studiefinanciering in de vorm van goedkope leningen. Voor een vierjarige studie kan er bij de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) over een periode van totaal zeven jaar geld geleend worden, met een maximum van 900 à 1.000 euro per maand. Is de studie voltooid, dan moet het geleende bedrag worden afgelost over een periode van 35 jaar. Over de lening wordt vanaf de eerste maand na uitbetaling rente berekend – tijdens de studie per jaar, in de aflossingsperiode per vijf jaar. Voor dit jaar is de rente vastgesteld op nul procent.

Dat betekent dat de student zonder vermogende ouders en zonder gelegenheid voor een bijbaan (bijvoorbeeld doordat hij zijn studie serieus neemt) niet extra hoeft te bloeden volgens het principe dat James Baldwin beschreef, namelijk dat arm zijn veel duurder is dan rijk zijn. Maar het heeft een wrang kantje. Immers, terwijl de wereld nog maar tien jaar geleden onder een enorme schuldencrisis sidderde, zet de Nederlandse staat aan tot lenen. De studielening doet aan als vrijwel gratis geld en het is binnen vijf minuten online gepiept.

En lenen doen de studenten, stelde het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) vast. De helft maakt studieschuld. Van hen leent ruim de helft meer dan nodig is. Een kwart vraagt het maximale bedrag per maand. Niet altijd om het aan de studie te besteden. Het wordt op een bankrekening gezetten en (inclusief het renteverschil) gespaard, bijvoorbeeld voor eigen geld bij het verkrijgen van een hypotheek.

Als studenten geld kunnen lenen, mogen ze hun eigen afweging maken over de besteding. En toch voelt het lenen van studiefinancieringsgeld om er iets heel anders mee te doen niet goed. De gunstige financiële ondersteuning is ontworpen voor studenten die zich zonder die steun geen studie kunnen veroorloven. Deze leningen kosten de staat geld dankzij de niet-marktconforme rente. Dan is het geen onzindelijke vraag of dit geld terechtkomt bij het doel waarvoor het wordt vrijgemaakt. Bovendien dreigt op deze manier ongelijke behandeling: niet-studenten die sparen voor een eigen huis moeten het stellen zonder dit financiële opkontje van staatswege. Anderzijds is het, behalve ondoenlijk, net zo onzindelijk om te controleren hoe mensen hun geld besteden en ze dat eventueel te verbieden. Wat echter óók weer niet betekent dat de kwestie dan maar verzwegen moet worden. Eigen verantwoordelijkheid voor iedereen is een belangrijk principe, maar kan niet los gezien worden van eigen geweten. Morele schade is ook schade.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.