Recensie

In Venetië vermijdt iedereen zorgvuldig het T-woord

Filmfestival van Venetië

Toch gaat het gaat indirect continu over Donald Trump tijdens het 74ste filmfestival van Venetië, waar de competitie evenals vorig jaar spannender en sterker is dan die van rivalen Cannes en Berlijn.

George Clooney, vooraan de boot, regisseur van Suburbicon in Venetië.

‘Deze beantwoord ik niet”, wuift de Amerikaanse actrice Kirsten Dunst vermoeid. Of het niet tijd wordt om naar haar tweede vaderland Duitsland te verhuizen, luidt de vraag. Maar net als liberale iconen als Alexander Payne, Matt Damon, Robert Redford en Jane Fonda vermijdt Dunst op het 74ste filmfestival van Venetië zorgvuldig het T-woord, hoe ijverig de pers ook vist. Donald Trump bloeit op bij kritiek vanachter een glas Pellegrino op het gazon van elitehotel San Clemente, zo lijkt links Hollywood te beseffen. Dus is Trump hier Lord Voldemort: Hij Wiens Naam Niet Genoemd Mag Worden.

Al gaat het indirect continu over Trump in Venetië, waar evenals vorig jaar de competitie halverwege spannender en sterker is dan die van de rivalen Cannes en Berlijn. Directeur Alberto Barbera glundert als een kleuter in een ballenbak. En dat is niet in het minst te danken aan het sterke Amerikaanse smaldeel Oscarkandidaten: zonder een geheide voltreffer als La La Land een brede waaier aan goede tot uitstekende films waarvan we meer gaan horen.

George Clooney, regisseur van Suburbicon, gaat Trump zaterdag omzichtig te lijf: hij ziet de president op zijn persconferentie meer als een symptoom dan als oorzaak van de huidige malaise. „Een man die wegkijkt”, aldus Clooney, die de Verenigde Staten nog nooit zo boos heeft meegemaakt. „Er hangt een donkere wolk boven mijn land. Maar ik ben een optimist. Onze instituties werken, het Congres, de pers.”

Een deel van de pers hongert dermate naar anti-Trump-statements dat Clooneys sneer op de vraag of hij niet president wil worden – „lijkt mij een geweldige baan” – meteen wordt uitgelegd als „ja”. En waarom ook niet: met acteren zegt Clooney wel zo’n beetje klaar te zijn.

Schlemielenkomedie

De specialist in politiek drama – Good Night, and Good Luck, Ides of March – levert met Suburbicon opnieuw een politiek geladen film af. Clooney begon aan Suburbicon ten tijde van ‘Black Lives Matter’, toen Trump nog een slechte grap leek. Halverwege de opnames werd hij tot president gekozen. Clooney wilde een film maken over de zonnige modelbuitenwijk Levitton, Pennsylvania, waar de komst van een braaf zwart gezin in 1957 leidde tot rellen, brandende kruizen en Confederatievlaggen – nota bene in een staat die in de Burgeroorlog aan de noordelijke kant vocht. „Als mensen ‘Make America Great Again’ roepen, hebben ze het over Eisenhowers Amerika. Wit, hetero en hiërarchisch.”

Al doende besloot Clooney daar een antiek script van de gebroeders Coen in te vouwen: een schlemielenkomedie in de stijl van Fargo over modelburger Gardner Lodge (Matt Damon) die zijn invalide, bittere echtgenote uit de weg wil ruimen om haar in te ruilen voor haar tweelingzus. Waarna de zaken gierend uit de hand lopen.

In Suburbicon hebben de buren het zo druk met het terroriseren van een zwart gezin dan niemand ziet dat Lodge op straat een verzekeringsagent de schedel inslaat met een haardpook of onder het bloed op een kinderfiets rondrijdt. „Als dat geen ‘white privilege’ is, wat dan wel”, vraagt hoofdrolspeler Matt Damon retorisch in hotel Excelsior. Damon is verrast nog voor deze première een moderne rassenrel als in Charlotteville mee te maken: dat maakt Suburbicon volgens hem zo’n tijdige film.

Suburbicon krijgt overigens een gemengde pers in Venetië. Clooneys regie mist het sterrenstof van de gebroeders Coen, de componenten – zwarte komedie en rassendrama – lijmen niet erg goed samen en zijn satire op Norman Rockwells Amerika bijt nauwelijks door. Het ontbreekt Clooney aan cynisme of boosheid om zo’n bittere film tot leven te wekken. Zeker als blije 56-jarige vader van een tweeling.

Furieuze wraakzucht

Three Billboards Outside Ebbing, Missouri, kookt daarentegen over van razernij en grimashumor: een mokerslag van een film waarmee Britse toneelschrijver Martin McDonagh zijn noodlotsthriller In Bruges uit 2008 overtreft. Mildred Hayes (Frances McDormand) roept zeven maanden na de onopgeloste verkrachting en moord op haar dochter sheriff Willoughby (Woody Harrelson) via drie billboards op het matje. Detail: de alom geliefde sheriff is stervende aan kanker. Tweede detail: Mildreds furieuze wraakzucht wordt gevoed door schuld.

Politieke subtekst volop. Mildred Hayes is een zuidelijke liberaal met zwarte vrienden, haar tegenpool hulpsheriff Jason Dixon (Sam Rockwell) is een gewelddadig moederskindje. „Doe eens je werk, of heb je het te druk met negers martelen”, bijt Mildred deze redneck toe. „Nu zeg je: gekleurde mensen martelen”, corrigeert Dixon. Maar niets en niemand blijft op zijn plaats terwijl Midred in deze nietsontziende film vol haarspeldbochten als een vuurspuwende draak Ebbing, Missouri in de as legt.

Mede-Brit Andrew Haigh (Weekend, 45 Years) kan met zijn Amerikaanse semi-roadmovie Lean on Pete in Venetië eveneens in de prijzen vallen: een vijftienjarige trailerparkjongen (de androgyne Charlie Plummer) redt een gedoemd racepaard van de lijmfabriek. Recept voor edelkitsch, maar niet in de regie van Haigh, in wiens expeditie door Amerikaanse lompenland Europese bewondering voor de Amerikaanse veerkracht, zelfredzaamheid en optimisme doorschemert.

Ook hoge ogen gooit de Mexicaan Guillermo del Toro, die net als Clooney Eisenhowers Amerika in het vizier neemt. In zijn prachtige, expliciete maar laagenergetische fabel The Shape of Water is het pastel van de buitenwijk de kleur van het kwaad. Daar woont loebas Strickland (Michael McShannon), een Koude Oorlogshavik die in een geheim lab vivisectie wil plegen op een visman uit de Amazone. Een stomme, verliefde poetsvrouw valt voor het onderwaterwezen en schiet hem met een coalitie van ‘onzichtbare mensen’ – zwart, homo, gehandicapt – te hulp. Del Toro brengt opvallend veel mededogen op voor het Amerikaanse monster Strickland: een meelijwekkend, opgefokt creatuur van ambitie, hiërarchische intimidatie en zelfhulpboeken.

Boos, defensief of deerniswekkend: Amerika is altijd het probleem, nooit de oplossing op de 74ste editie van Venetië. En dat levert een aantal krachtige films op.