‘Een Surinaamse vlag met poep voor mijn deur: dit was racisme’

Hilversum

Hangjongeren scholden Gilly Emanuels uit voor ‘aap’ en filmden het. In de buurt in Hilversum zien ze het eerder als overlast dan als racisme.

Op de deur van haar eethuis in Hilversum heeft Gilly Emanuels een briefje gehangen: ze wil even bijkomen. Foto’s Bram Petraeus

Een zwarte vrouw zwaait met een lange stok. Ze is woedend op een groep jongens die haar treiteren. Voor de deur van haar Surinaamse eethuis. Een van de jongens filmt het tafereel. Hij roept: „Hé kankernegerin! Kankerzwarte! Wat denk je wel niet, joh? Kankeraap. Ga lekker je boom in.”

Mishandeling, vinden de jongens, die aangifte doen en het filmpje op internet plaatsen.

Maar de kritiek richt zich natuurlijk juist op de jongens. Bewoners van Hilversum en ver daarbuiten zijn gechoqueerd door het schaamteloze racisme. Tot twee keer toe zijn er de afgelopen tijd demonstraties gehouden om de vrouw een hart onder de riem te steken. Uit het hele land komen mensen een broodje in haar winkel eten.

De vrouw is Gilly Emanuels, eigenaar van ’t Perronnetje, een Surinaamse ijssalon annex eethuis in Hilversum-Oost. Gevestigd in een woonwijk, langs een groenstrook met zitbanken. Op dat groen verzamelen zich een groep jongeren. Sinds twee jaar belagen ze haar, zegt ze. Ze hebben een steen door de ruit gegooid. Ze hebben een met poep besmeurde Surinaamse vlag voor de deur gelegd.

En op donderdag 17 augustus bekogelen ze haar met een mandarijn, waar haar driejarige zoontje bij is. Dat is het moment waarop Gilly Emanuels een bezemsteel pakte en er woest mee naar de jongens zwaait.

Uitgescholden

„Het zijn racisten”, vertelt ze. „Andere mensen worden uitgescholden vanwege een bril of een dikke kont. Wat mij overkomen is, is racisme. Het waren blanke jongens. Als het Marokkaanse jongens waren geweest, dan had Nederland op z’n achterste benen gestaan.”

Haar advocaat Richard Korver zegt: „We hebben te horen gekregen dat justitie de uitlatingen van de jongens kwalificeert als een belediging met een discriminatoir karakter. Nou, dit gaat echt verder. Zeker als je het filmt en de beelden verspreidt.” Korver heeft de eerste aangifte van ‘eenvoudige mishandeling’ uitgebreid. „We doen aangifte van discriminatie. En poging tot doodslag. Tijdens de vechtpartij zag mijn cliënt iets glimmends. Later had ze bloed op haar arm.”

Tijdens de vechtpartij zag mijn cliënt iets glimmends. Later had ze bloed op haar arm

Genoeg omwonenden willen vertellen hoe de jongens de buurt ‘terroriseren’. Tot diep in de nacht hangen ze buiten rond, zijn ze luidruchtig, richten ze vernielingen aan en dagen ze passanten uit.

„Het zijn snotapen die grensoverschrijdend gedrag vertonen”, zegt Patrick Weening, bestuurslid van de bewonersvereniging in de Kleine Driftbuurt. „Het is hier een rellenparadijs.” Er zijn auto’s beschadigd. Er is ooit ergens een molotovcocktail gegooid. Een oude dame met rollator werd bestookt met vragen over haar seksleven. „Die durft dus nooit meer over straat.” Ook een snackbar en een Thaise massagesalon hebben het zwaar te verduren. Dit voorjaar vloog een steen door de ruit van de massagesalon. Medewerkers wordt toegeschreeuwd of ze een happy ending kunnen regelen. „Niet netjes”, zegt een van de medewerkers.

Racisme

Dat de verontwaardiging zich nu op het racisme richt, is jammer, vinden veel buurtbewoners. „Het gaat om meer dan dat”, zegt Weening.

En is er bij de jongens sprake van diepgeworteld racisme? „Ze roepen maar wat. Het is niet zo dat hier de nazi’s langs de winkel paraderen”, zegt omwonende Sander Mangnus.

Dat we woorden als ‘kankerzwarte’ niet serieus zouden moeten nemen, maakt Gilly Emanuels nog bozer. „Dit is racisme. Waarom leggen ze een Surinaamse vlag met poep voor mijn deur? Zo’n vlag koop je niet bij de Action. Daar hebben ze over nagedacht.” Wie lichtvaardig denkt over schelden, is zelf nooit slachtoffer geweest, zegt ze. „Iemand zonder kleurtje weet niet wat het betekent om te worden uitgescholden.”

Foto Bram Petraeus

De buurt verwijt de gemeente en politie luidkeels dat ze te laat hebben ingegrepen, en talloze signalen over de overlast niet serieus genoeg hebben genomen. „Die kritiek trekken we ons aan”, zegt een woordvoerder van burgemeester Broertjes. „Er zijn eerder vijf aangiften in verband met deze groep gedaan, en die zijn onvoldoende in samenhang behandeld.”

De jongeren hebben een gebiedsverbod gekregen. De aanpak van jeugdoverlast heeft „de hoogste prioriteit” en discriminatie is „onacceptabel”, schreef de burgemeester onlangs aan de gemeenteraad. „Maar met repressie alleen komen we er niet.” Vandaar: thuisgesprekken, persoonsgerichte hulpverlening en het jongerenwerk, „hoewel die vaak als slap en soft worden weggezet”.

Inderdaad, vindt omwonende Mangnus, het moet strenger. „Geef die jongens taakstraffen. Laat ze de winkel maar schoonmaken.” Ook hun ouders moeten worden aangesproken. „Deze jongens worden onvoldoende gecorrigeerd.”

Hij kijkt met enig wantrouwen naar een klein hondje van een andere buurtbewoner, een bostonterriër, en zegt: „Het is als met honden. Als je ze niet africht, bijten ze naar alles.”