Nederland ‘conservatief’ als het om topvrouwen gaat

Emancipatie

Het moet nu echt, vindt de voorzitter van de stichting Topvrouwen: een verplicht quotum voor vrouwen in de top van bedrijven.

Marry De Gaay Fortman, advocaat en commissaris bij KLM en DNB. Foto ANP

Voor de stichting Topvrouwen was er op hun jaarlijkse bijeenkomst weinig te vieren: er zijn steeds minder vrouwelijke topbestuurders bij beursgenoteerde bedrijven. Maar met koning Willem-Alexander op de eerste rij waren de topvrouwen (en ook een flink aantal topmannen) op maandagmiddag niet van plan om hun stemming al te veel te laten bepalen door dat nieuws van afgelopen weekend.

Dat ze in een automuseum zaten, het Louwman Museum in Den Haag, was natuurlijk niet voor niks, zei voorzitter Marry de Gaay Fortman, advocaat in Amsterdam en commissaris bij KLM en De Nederlandsche Bank. De boodschap was: „Het moet de normaalste zaak van de wereld worden: vrouwen in de driver’s seat.” En ze onthulde een tegeltjeswijsheid waar vooral Willem-Alexander hard om moest lachen: „Vroeger zei je over het Nederlands elftal: ‘Ze voetballen als wijven.’ Tegenwoordig zou je willen dat dat zo was.”

Als leider van een handelsmissie naar Italië – in juni, ook met Willem-Alexander erbij – had De Gaay Fortman zich verdiept in het wettelijke quotum dat de Italianen kennen. In vijf jaar tijd was daardoor het percentage vrouwen in topfuncties gestegen van minder dan 10 procent tot zo’n 30 procent. „Nederland”, zei ze, „blijft conservatief overkomen.” Bedrijven die al vrouwen in de top hebben, zei ze ook, blijven dat doen. „Benoemen is bekeren.”

Dus misschien moet je dat benoemen afdwingen om de bekering tot stand te brengen? Er is nu alleen een ‘wettelijk streefcijfer’ van 30 procent voor commissarissen en bestuurders in bedrijven.

Net voordat de rondleiding door het museum begint, zegt VNO-NCW-voorzitter Hans de Boer dat hij dat „een zwaktebod” zou vinden. De werkgevers hebben wel een database, beheerd door de stichting Topvrouwen, waarin bedrijven kunnen zoeken naar kandidaten voor topfuncties. „Voor raden van commissarissen werkt het heel goed”, zegt hij. „Maar voor raden van bestuur komen mensen uit de pijpleiding van het bedrijf. Als daar vooral mannen werken, zoals in technische bedrijven, krijg je ook mannelijke bestuurders.”

Bedrijven zullen zo’n quotum zien als een „inperking van hun vrijheid”, zegt Marry de Gaay Fortman na de bijeenkomst. Maar zij vindt: het kan niet anders. „Ik vind dat de politiek er niet omheen kan.”

Ze is de dochter van Bas de Gaay Fortman, in de jaren zeventig fractievoorzitter van de PPR – later opgegaan in GroenLinks. In de tijd dat GroenLinks nog aan tafel zat, verwachtte ze veel van een nieuw kabinet: die partij zou zich er sterk voor maken. „Maar ik verwacht ook wel wat van D66.”

En dat de VVD bedrijven graag veel ruimte geeft, weet ze. „Maar die partij zal ook beseffen dat het voor de innovatieve kracht en de mate waarin efficiënte beslissingen worden genomen, van belang is om vrouwen in de top te hebben.”

Het CDA? „Daar twijfel ik wel over.” Maar nee, weer níét over de ChristenUnie. „Die partij heeft als enige een vrouw aan de onderhandelingstafel.”