Scholen worstelen nog met schermpjes in de klas

Multitasken

Leerlingen uit het digitale tijdperk kunnen niet beter multitasken, blijkt uit onderzoek. Omgaan met mobiele telefoons in de klas is een zoektocht.

De telefoontas voor in de klas (onder), nu een jaar op de markt, hangt inmiddels op zo’n 400 scholen. Robin Utrecht en Telefoontas

De gezichten in de klas van biologiedocent Steven Geurts in Heeswijk-Dinther waren vaak naar beneden gericht, op schermpjes. „Hoe interessant mijn les ook is, ik win het gewoon niet van zo’n apparaatje”, zegt Geurts, die kon blijven waarschuwen en innemen – zijn record is vijftien telefoons in één les.

Hij was het zat „politieagentje te moeten spelen”. Daarom kocht hij vorig schooljaar een telefoontas: een soort schoenenzak met dertig genummerde vakjes waar leerlingen tijdens de les hun telefoon in doen.

Het bevalt fantastisch, zegt Geurts: leerlingen zijn actiever en hebben meer aandacht voor de les. Dat valt ze zelf ook op. In een essay voor het vak Nederlands over de tas, schreef een leerling dat nu vaker vragen worden gesteld die met het onderwerp van de les te maken hebben. „De interesse in het vak lijkt gestegen.”

De meeste leerkrachten staan telefoons in de klas toe, blijkt uit peilingen. Ook gebruiken steeds meer scholen tablets en laptops voor hun onderwijs. Dat leerlingen daar ook andere dingen op doen dan leren, plaatst leraren voor dilemma’s. „Veel leerlingen zijn totaal geobsedeerd door hun telefoon”, zegt geschiedenisdocent Vincent Fiddelaar van roc’s in Zaandam en Amstelveen. Hij vindt dat scholen strenger tegen telefoons in de klas moeten optreden.

Leerling Rixte (14) uit Rotterdam: „Vooral in het eerste leerjaar was de halve klas met iets anders bezig. Eén dubbelklik op de iPad en je zit op Snapchat of Instagram en als de docent langsloopt, ben je daar in één dubbelklik ook weer weg.”

Verlies snelheid en accuratesse

Dat kinderen van nu beter kunnen multitasken, zoals weleens gedacht wordt, is een illusie, zegt Paul Kirschner, hoogleraar onderwijspsychologie aan de Open Universiteit. „Tal van onderzoeken tonen aan dat het voor de mens onmogelijk is twee informatieverwerkende processen tegelijkertijd uit te voeren, zonder verlies van snelheid en accuratesse.”

Zo hadden studenten die tijdens het leren af en toe een Facebook-bericht ontvingen, bijna twee keer zoveel tijd nodig om een tekst te leren. En studenten die zich tijdens het leren door sociale media lieten storen, scoorden 1 tot 1,5 punt lager, bleek uit onderzoek van Kirschner zelf. Studenten die zichzelf veel smartphone-pauzes gunnen, blijken bovendien niet bereid de benodigde extra tijd in het leren te steken.

Als je twee activiteiten waarbij je moet denken tegelijkertijd doet, neem je minder waar. Dat is onder meer onderzocht door mensen in een simulator te laten rijden: met telefoon, zonder telefoon en onder invloed van alcohol. De bellende mensen veroorzaakten zelfs meer ongelukken dan de dronken mensen.

Als je twee activiteiten waarbij je moet denken tegelijkertijd doet, neem je minder waar

Kirschner: „Beeld je maar in dat je in een vergadering zit en op je telefoon bezig bent. Dan hoor je even niet wat gezegd wordt, terwijl je niet ineens doof bent geworden. Je kunt dat wat je leest en hoort niet tegelijkertijd semantisch verwerken.”

Mensen die veel multitasken, kunnen irrelevante prikkels op den duur minder goed negeren, zegt hij. „Dat gaat waarschijnlijk op voor de huidige generatie veelplegers. Zij kunnen zich minder goed concentreren.”

Dat veel scholen een oplossing zoeken voor alle schermpjes in de klas, blijkt uit de populariteit van de telefoontas: in augustus vorig jaar op de markt gekomen en inmiddels hangt hij op zo’n 400 scholen in alle lokalen. Zo hangt geregeld voor 20.000 euro aan apparatuur aan de muur. Sommige scholen voerden met de tas een telefoonprotocol in met regels voor „bewust” gebruik.

Smartphones weren

De telefoontas is een idee van Martijn en Nienke Baars, getrouwd en beiden docent in Apeldoorn. Ook zij zagen kinderen in de les steeds afgeleid worden. Tegelijkertijd zagen ze et nut van de mobiele telefoon in de klas: voor quizzen, opdrachten of om woordjes op te zoeken. De smartphone helemaal uit de klas weren, dachten ze, is de oplossing niet. Beter is een middenweg: het schermpje uit de broekzak, maar niet ver uit buurt.

De meeste scholen kiezen een middenweg als het om technologie gaat, zegt Kees van Domselaar, voorzitter van de iScholenGroep, een netwerk van tachtig middelbare scholen die ervaringen delen over informatietechnologie. Niet: leerlingen van 9 tot 5 naar een scherm laten turen, want dan vervang je de ene monocultuur door de andere. Maar de digitalisering van de samenleving ook niet buiten de klas houden. „Het onderwijs moet geen openluchtmuseum worden”, zegt Van Domselaar. Iets als een iPad-school noemt hij een hype. „Technologie kan hoogstens een middel zijn. We hebben toch ook geen digibord-scholen?”

Lees de vorige aflevering in de serie over trends in de klas: Het kinderschrift is onleesbaar geworden

Ook Kirschner zegt dat ict in het onderwijs goed kan zijn, maar het moet geen doel op zich zijn. „Er werd een tijd geroepen dat leerlingen uit het internettijdperk een soort homo zappiëns zouden zijn; digital natives, die op een heel andere manier leren. Dat slaat nergens op. Onze schedels en hersenen zijn in 10.000 jaar niet zoveel veranderd.” Kinderen van nu kunnen ook niet vanzelf met de computer werken, zegt hij, net als dat ze ook niet zomaar kunnen autorijden. Ze moeten dat eerst aanleren.

Omgaan met mobiele telefoons is ook iets dat je moet leren, vindt Van Domselaar. „Leerlingen moeten leren dat het sociaal onwenselijk is tijdens de les te whatsappen. Daarin ligt een taak voor docenten.” Over afleiding is hij nuchter. „Docenten die geen orde kunnen houden, kunnen dat ook niet met een iPad. Vroeger las ik bij bepaalde leraren ook hele jaargangen Donald Duck in de les.”