Bij voortrekker van Oranje brandt nog altijd het vuur

Arjen Robben

Arjen Robben wilde wel tegen Bulgarije, maar kreeg zijn teamgenoten niet mee in de jacht op de voor het doelsaldo cruciale goals.

Arjen Robben na het eindsignaal van Nederland-Bulgarije (3-1). Foto ANP Pro Shots

Je ziet het na de goals, de handgebaren van Arjen Robben. De pogingen tot het opzwepen van zijn ploeggenoten. Meer drive, meer aanvalsdrift, alles met als doel: meer goals maken. Proberen het publiek erachter te krijgen, iets van een wisselwerking creëren – al is dat op dit moment niet eenvoudig bij dit Oranje.

Rond half negen verschijnt Arjen Robben (33) in de mixed-zone, de enige dertiger in de ploeg, merkt hij op, door het passeren van Wesley Sneijder. Robben kent zijn rol, hij moet voorop gaan, als het op momenten als deze aankomt. „Je probeert die voortrekkersrol te nemen.”

In het spoor van Zweden

De tussenstand in Minsk is bij velen rond Oranje bekend, maar er wordt in Amsterdam niet naar gehandeld. Goals zijn nodig om in poule A in het spoor van nummer twee Zweden te blijven, cruciaal met het oog op de play-offs voor het WK.

3-1 wordt het zondag tegen Bulgarije, terwijl Zweden door de 4-0 op Wit-Rusland twee goals uitloopt op Nederland. De consequentie: drie punten en zes goals staat Oranje (doelsaldo van plus vijf) nu achter op Zweden (plus elf). Het heeft alle kenmerken van een heilloze operatie in wording – zeker in de wetenschap dat de eerstvolgende wedstrijd van Zweden thuis tegen zwakke broeder Luxemburg is (dat Frankrijk weliswaar op 0-0 hield).

Robben dus. Hij die wel wilde, maar zijn ploeggenoten niet mee kreeg in de jacht op doelpunten – zo hard nodig opeens nu het zoveelste do-or-die-moment nadert. Hij was een van de weinigen die de indruk maakten de ernst van de situatie in te zien – samen met spelverdeler Davy Pröpper (die twee keer scoorde) en linksback Daley Blind.

Lees ook het wedstrijdverslag: Nederlands elftal wint met 3-1 van Bulgarije

Zie Robben voetballen, kijk hem praten, het vuur in zijn ogen brandt nog, het geloof in een WK zit ergens nog diep van binnen. Hij is uitgesproken, hier en daar fel. „Ik bleef gaan. Ik zei ook, jongens nog ééntje. In de 88ste minuut: nog één maken. Ik vond dat we daar nog te apathisch waren. Ik had een gevoel van: kom nou. Willen jullie ook? Kom! Iedereen moet dat hebben.”

Maar dat was dus niet het geval. Hij miste het „besef”, hij miste „beleving”, vertelt hij. Je ziet de worsteling, hij wil zijn boodschap kwijt: hij had meer verwacht van zijn ploeggenoten, maar tegelijkertijd wil hij ze niet afvallen, jong en onervaren als velen nog zijn qua staat van dienst bij Oranje. Het was frustrerend, de drive overbrengen, zonder resultaat. „Ik liep de hele tijd te schreeuwen. Op een gegeven moment houdt het op.”

De bal werd bij goals wel snel uit het doel gevist, alsof er haast gemaakt werd. Aardig signaal, maar de overtuiging ontbrak speltechnisch, zegt Robben. „Je kan wel de bal snel uit de goal halen, maar dan moet je er daarna ook zo naar voetballen”, zegt hij. Hij bedoelt: „Sneller naar voren, durven inspelen, maar dan ook naar voren durven draaien, niet weer de weg terug zoeken. Dat is ook een stukje vertrouwen, kwaliteit.”

Het publiek roept een enkele keer „alles of niets olé, alles of niets olé”. Het sloeg niet over naar het veld. En er werd ook niet naar gewisseld. Opportunistisch werd het geen moment. Bondscoach Dick Advocaat houdt het bij één wissel, vijf minuten voor tijd, een middenvelder voor een middenvelder, Marco van Ginkel voor Pröpper. Stormram Bas Dost blijft op de bank.

Robben knikt, gevraagd naar het wisselbeleid. Hij heeft veel rollen binnen Oranje, zijn invloed gaat ver, maar dit ligt niet binnen zijn macht: „Ik ben aanvoerder, niet de trainer. Ik kan niet naar de bank lopen en zeggen, trainer gooi er een in.”

Meer jagen

In de rust is door de technische staf duidelijk gemaakt dat er meer gejaagd moest worden op goals, al werd de 3-0 tussenstand in Minsk niet gedeeld met de spelers, zegt Robben. „Counter eruit halen en scoren. Dat was de opdracht.”

Hij maakt halverwege de tweede helft de 2-0. Mooie goal, zelf opgezet en afgemaakt. Hij gooit snel in en als de voorzet van Blind – zijn tweede assist deze avond – in Robbens buurt komt glijdt hij hem binnen. Beetje on-Robbeniaans, niet vanuit de dribbel, maar liggend.

Het is „een zware week geweest.” Hij herstelde deze zomer van een kuitblessure. Robben: „Ik kom uit een moeilijke situatie, daar moet je mee dealen. Ik ben heel blij en trots dat ik er twee keer negentig minuten doorheen heb getrokken. Tegen Frankrijk heb ik mij het schompes gelopen. Ik ben nog nooit zoveel in mijn eigen zestien geweest. Vandaag kon ik nog een keer gaan, maar ik ben nu ook gesloopt. Ik ben leeg, op.”

Hij heeft een paar dagen nodig om te herstellen, hij gaat terug naar Bayern München. Over ruim een maand wachten de confrontaties met Wit-Rusland en Zweden. Robben: „We moeten als gekken over het veld. Met veel beleving op zoek naar goals.”