Onschuldige jas

Niet elk werk kan op een pronkplek in het museum hangen. In de marge vind je de ‘voorbijgangers’. Wim Pijbes laat u elke maand stilstaan bij zo’n stille schat. Vandaag:

het alledaagse bijzonder gemaakt

Foto Merlijn Doomernik

Als je van de jaren zestig houdt, vind je in Amsterdam altijd wel iets van je gading. Geen tijdperk past beter bij het hatsjikidee van de Amsterdamse tofheid (vrij naar Henk Hofland). En waar wordt dit beeld beter gekoesterd dan in het Stedelijk Museum? Daar, in de eerste zaal, liep ik onlangs regelrecht af op een mij onbekend kunstwerk. Een groot rechthoekig geel vlak met daarop een glanzend witte jas. Is het plastic, metaal, kunststof? Ik kon het niet direct plaatsen maar dichterbij bleek het te zijn wat het leek; een jas. ‘Girls’ Coat Piece’ lees ik op het kunststof bordje op de onderrand van het paneel. Een meisjesjas dus, denk ik, of beter, een stijlvolle lakleren jas voor een modieuze jonge vrouw. Onmiddellijk begonnen de associaties te stromen; Catherine Deneuve, Emilio Pucci, Mary Quant. Hoe onschuldig het hier nu in deze museale setting hangt mooi te wezen, als een teken uit een andere tijd – destijds was het volstrekt nieuw en ontregelend.

We schrijven 1966, het jaar waarin de dan 28-jarige Pieter Engels dit kunstwerk maakt en de pas aangetreden directeur Edy de Wilde het verwerft. Twee jaar ervoor had hij Nederland al kennis laten maken met de nieuwe Amerikaanse pop-art. Het is het jaar dat Amsterdam in het teken staat van rellen en de rookbom die het huwelijk van prinses Beatrix en Claus von Amsberg verstoorden. De dagen van het establishment leken geteld. Alles zou anders worden. Massamedia, reclame en massaconsumptie deden hun intrede in de kunst en in het museum. Het alledaagse werd bijzonder en het bijzondere werd alledaags. Volgens Andy Warhol, die vanaf begin jaren zestig een onstuimige opgang maakte en in 1968 zijn eerste tentoonstelling in het Stedelijk zou krijgen, zou in de toekomst iedereen zijn eigen fifteen minutes of fame beleven. Een voorspelling die in onze tijd van vloggers en bloggers lijkt uit te komen.

Pieter Engels is een kunstenaar die precies op de golf van zijn tijd zit. Hij schoof in 1963 het schilderen radicaal terzijde om zich te richten op, wat hij zelf zegt „(…) assemblages: wandobjecten met door isolatie en/of ‘Engels’ ingreep’ vervreemdende utiliteitsvoorwerpen. Wonder events: flacons met door Engels uitgeademde lucht. Engels knipt ieder geldig bankbiljet. Engels beschadigt uw auto (mooi). Engels op bezoek etc. Dat wil zeggen: Engels’ ingreep in voorwerpen, situaties en ruimten.” Kortom, de verbeelding aan de macht in ‘magies sentrum’ Amsterdam. Voor mij als hedendaagse bezoeker is deze Girls’ Coat Piece anno 2017 niet alleen een teken des tijds, maar vooral een verwijzing naar de toekomst. Een toekomst, die mooier leek dan dat zij ooit had kunnen worden.