Cultuur

Interview

Interview

Foto Andreas Terlaak

‘Loyaliteit aan partij en leider wordt het meest gewaardeerd’

Sharon Gesthuizen

Oud-Tweede Kamerlid Sharon Gesthuizen schreef een boek over haar tijd bij de SP. Ze heeft kritiek op de partijmentaliteit. „Maar ik had zelf eerst ook niet het lef om er tegen in te gaan.”

Het is haar eerste dag als Tweede Kamerlid van de SP en Sharon Gesthuizen heeft haar ouders, haar vriend en hun dochtertje meegenomen naar het Binnenhof. Tot aan de verkiezingen van november 2006 was Gesthuizen medewerker geweest van Kamerlid Agnes Kant. Nu loopt ze nog even bij haar langs. Wat er dan gebeurt, is een van de vele scènes in Gesthuizens boek Schoonheid Macht Liefde die een ontluisterend beeld geven van de SP.

Agnes Kant is woedend: Gesthuizen is te laat. Wat denkt ze wel? Er is nog geen andere medewerker, ze moet aan de slag. In haar boek, dat dinsdag verschijnt, schrijft Gesthuizen: „Ik begrijp de boodschap: ik hoef niet te denken dat ik nu óók belangrijk ben. Ik blijf ter beschikking van Agnes en als ik de indruk wek te denken dat ik opeens iets voorstel, komt me dat duur te staan. Ik ga achter mijn bureau zitten en doe wat Agnes me opdraagt.” Genieten van zo’n eerste dag als Kamerlid, weet ze nu, dat doe je niet als ‘echte SP’er’.

Gesthuizens familie zit te wachten en weet van niks. „Na een half uurtje gaat Agnes even weg. Ik sta op en ga snel naar beneden. Mijn moeder schrikt van mijn bleke gezicht.” Daar staat ze, schrijft Gesthuizen over zichzelf: „Dertig jaar, gekozen tot Kamerlid en aan het janken.”

In fractievergaderingen gaat het net zo. Gesthuizen beschrijft hoe SP’ers die iets zeggen wat Jan Marijnissen (tot 2008 partijleider) niet bevalt, door hem worden gekleineerd. Hoe ze zichzelf overlaadt met werk uit angst dat ze ‘uit de gratie’ valt, bijna niet meer slaapt, nóg harder gaat werken en dan twee maanden ziek thuis zit.

Ze beschrijft ook de korte tijd waarin Agnes Kant de partij leidt, de vrijheid die de fractie krijgt onder Emile Roemer. Ze laat zien hoe die vol zelfvertrouwen begint, maar na de slechte verkiezingsuitslag in 2012 in vergaderingen weer vaak naar Jan Marijnissen kijkt. En hoe zij zelf in 2015 probeert om partijvoorzitter te worden – de functie die Marijnissen al heeft sinds 1988 – als Marijnissen vertrekt.

Gesthuizen verliest van Ron Meyer, de kandidaat van het partijbestuur onder leiding van Marijnissen. Na de verkiezingen van maart 2017 vertrekt ze uit de Tweede Kamer.

Kunt u zich voorstellen dat SP’ers denken: ze schreef dit uit rancune, na haar verlies?

„Ik heb kunstacademie gedaan, ik heb een rijke fantasie en kan me van alles voorstellen. Maar het is niet zo. Ik heb het zonder overdrijving geschreven. Je moet open zijn, je moet laten zien hoe democratie werkt, hoe mensen keuzes maken. Ik wil ook laten zien hoe ik als betrekkelijk naïef persoon in Den Haag toch mijn weg wist te vinden, met horten en stoten. Ik hoop vooral dat het jonge mensen die ook problemen op hun pad tegenkomen, tot steun kan zijn.”

De kans dat die jongeren door uw boek voor de SP kiezen, is vermoedelijk niet erg groot.

„Ik denk dat het er bij alle partijen behoorlijk hard aan toe kan gaan. De SP is van oudsher natuurlijk wel de partij van de eenheid. En loyaliteit aan de partij en de leider wordt het meest van alles gewaardeerd. Jan Marijnissen is in die cultuur toonaangevend geweest en misschien nog.”

De meedogenloze omgang tussen SP’ers die u beschrijft, de angst en intimidatie – komt dat alleen door Marijnissen?

„Het is de groep, het zijn alle mensen die er niet tegen in gaan. Dat is erg, ja. Onze Tweede Kamer bestaat uit 150 leden en elke stem telt even zwaar. Maar ik had zelf eerst ook niet het lef om er tegen in te gaan. Het waren er maar een paar die dat durfden. Niet iedereen kreeg een burnout zoals ik, er zijn mensen vertrokken, maar er zijn ook mensen fluitend doorheen gekomen.”

Ik heb me over die burnout vreselijk schuldig gevoeld: voor het oog van de natie twee maanden thuis zijn.

U laat ook zien hoe u was als kind en later als student: angstig in de sociale omgang. In uw SP-tijd komt dat terug. Was u niet óók overgevoelig?

„Zo kun je het ook zien, ja. Dat ik niet geschikt was voor de politiek maar van de SP wel alle kansen kreeg. Het oordeel is aan de lezer. Ik heb geprobeerd om ook mijn eigen fouten te beschrijven en wat er is gebeurd niet te romantiseren.”

Als u ziek thuis zit, krijgt u van uw psycholoog het advies: zeg tegen de SP dat ze je met rust laten. Dat doet u. Toch blijft Agnes Kant u bellen.

„Ik denk dat ze de opdracht kreeg om dat te doen.”

Van Marijnissen?

„Ik weet dat niet zeker. Ze belde eerst anderhalve week niet. Daarna was haar toon anders. Jan was zelf heel vaak thuis gebleven met een hernia. Dat is een uiting van hetzelfde: hard werken. Ik sliep niet meer, hij kreeg pijn in zijn rug. Ik heb me over die burnout vreselijk schuldig gevoeld: voor het oog van de natie twee maanden thuis zijn. Daarna heb ik wel steady kunnen werken en eruit gehaald wat erin zat. Maar dat kon alleen omdat Roemer fractievoorzitter werd.”

Sharon Gesthuizen is niet de enige met kritiek. Tegen NRC uitten meer SP’ers onvrede over de partijleiding.

In de zomer van 2007 bespreken de Tweede Kamerleden een nota van Jan Marijnissen over integratie. Gesthuizen zegt dat ze het te veel geschreven vindt vanuit de ‘wij-zij-gedachte’. Integreren, vindt ze, vereist ook ‘bereidwilligheid’ van de mensen die er al zijn. „Ik ben nog niet uitgesproken”, schrijft ze in haar boek, „of Jan reageert als door een wesp gestoken. ‘Ja en dat proberen we al dertig jaar en dat is totaal mislukt! Wie dan?’ Hij wendt zijn blik resoluut van me af en kijkt de lange tafel rond.”

Het is de partijtop die zich vervreemdt van de achterban.

Onder Roemer kreeg u de portefeuille asiel en migratie. In de partijtop wordt gezegd: door haar aanpak is de SP op GroenLinks gaan lijken, met nadruk op opvang en weinig begrip voor mensen die zich bedreigd voelen door migratie.

„We hebben het er steeds over gehad in de fractie. Ik zei: als jullie het anders willen, zeg het dan. Misschien voer ik dan het woord niet meer, maar we kunnen het erover hebben. Ik propageerde ook geen opengrenzenbeleid en ik denk er niet anders over dan de meeste van onze leden. Er is een congresmotie aangenomen met een grote meerderheid: dat wij als SP voorop moeten lopen bij de opvang. Het is de partijtop die zich vervreemdt van de achterban. De top kijkt naar de peilingen. Maar als zij een ander soort partij willen zijn, met een onsje erbij van het beleid van VVD, CDA en PVV over migratie, krijgen ze ook andere leden.”

Roemer gaf de fractie meer vrijheid. Maar tegen het eind van het boek gaat het nog steeds over uw zorgen over de partij: ‘Kritiek op de leiding is zo ongehoord dat het vrijwel nooit voorkomt.’

„Emile is niet in zijn eentje de partij. Een cultuur verandert ook niet zomaar als een leider vertrekt. Voor mij was de partijcultuur de reden om me kandidaat te stellen als partijvoorzitter. Om die te veranderen.”

De tijd van Jan Marijnissen is nog steeds niet helemaal voorbij bij de SP?

„Nee, want Jan is nog gewoon in dienst bij de SP. Maar eerder was hij én partijvoorzitter én fractievoorzitter. Hij was de baas.”

Partijvoorzitter Ron Meyer zegt dat hij nog elke maand bij Marijnissen langs gaat.

„Dat moet hij zelf weten.”

Wat is volgens u nu nog de invloed van Marijnissen?

„Ik weet het niet. Ik heb het losgelaten.”