Recensie

Hoe een zuigende handdoek het gewicht van melk verslaat

Van Californische bosbranden tot Poolse melk – Helen Czerski geeft helder en met prachtige anekdotes uitleg over atoomstructuren en natuurkrachten. Hadden we op school maar zo natuurkunde gehad!

Nee, nee, nee, vensterglas is geen vloeistof die langzaam uitzakt als het maar lang genoeg in de raamsponning zit. Dat wordt wel vaak beweerd. Vlotjes legt Helen Czerski het misverstand uit in haar zeer informatieve en bij vlagen meeslepende boek over dagelijkse natuurkunde. Ja, glas heeft de rommelige atoomstructuur van een vloeistof, maar het is ongetwijfeld vaste stof. Waarom? Omdat glas kan stuiteren. Vloeistoffen kunnen niet stuiteren omdat ze niet elastisch zijn. Logisch.

De glas als vloeistof-mythe dankt zijn hardnekkigheid aan de vorm van oude ruiten die al honderden jaren in kerken zitten. Want iedereen kan zien dat daar de onderkant dikker is dan de bovenkant. Het glas is supertraag uitgevloeid! Nee, legt Cerski uit. Dat dikteverschil ligt aan de manier waarop vroeger vensterglas werd gemaakt door een bobbel gesmolten glas snel rond te draaien op een ijzeren staaf: de ronde plak die dan ontstond was in het midden dikker dan aan de randen. Uit zo’n plak werden de ruiten gesneden. De dikke kant werd natuurlijk altijd onderin de sponning gezet: dan kon de regen er makkelijker aflopen.

Deze snelle uitleg is maar een klein onderdeel van een hoofdstuk dat gaat over waarom een eend geen koude voeten krijgt maar waarin ook wordt uitgelegd hoe handig het poolexpeditieschip Fram op het ijs kwam te liggen. Czerski’s boek staat vol met zulke slimme observaties, interessante verklaringen en gekke verhalen, bij elkaar gehouden door een vrolijke razende stijl die het juiste midden houdt tussen persoonlijke details en natuurkundige inhoud. Czerski – van Pools-Britse afkomst – vertelt bijvoorbeeld vrij grappig hoe ze eens appeltaart bakte toen ze als vrijwilliger werkte in de smetteloze Poolse schoolkeuken van een grote imposante kokkin. Met haar eerste beweging stootte ze een pak melk om. Een handdoek verrichtte wonderen: „Zodra de handdoek de melk raakte, kreeg de vloeistof te maken met een nieuwe verzameling krachten die de boel begonnen te redderen.” De zuigkrachten op nanoschaal kunnen de zwaartekracht makkelijk verslaan. Hoe pluiziger de doek, hoe groter het interne oppervlak waaraan de watermoleculen kunnen blijven plakken.

Zure room

Verder lukte de appeltaart goed, maar helaas vergiste Czerski zich in het Poolse woord voor slagroom. Het was zure room. Jammer. Een pagina verder vertelt Czerski alweer hoe ze ooit door een indrukwekkend sequoia-woud in Californië liep, met bomen die hoger zijn dan 100 meter. Volgt een interessante gedachtenlijn dat de sapstroom naar de top van die bomen nóóit stil mag vallen, want de oppervlaktespanning in de Sequoia-cellulosebuisjes – dezelfde spanning die haar hielp in de Poolse keuken – kan water nooit zo hoog omhoogtrekken. Dat moet dus de verdamping aan de top doen.

Czerski is natuurkundige én oceanograaf, met een specialisatie in luchtbellen (echt!). Water en lucht domineren het boek. Zo leren we dat we technisch gezien niet zelf inademen, maar dat het de luchtdruk is die de lucht in onze longen duwt.

En ook dat door die luchtdruk in Californië sneller branden ontstaan. Want daar waait wind van een heuvel naar beneden, waardoor de lucht wordt samengeperst en dus warmer wordt, waardoor er meer water aan de grond onttrokken wordt. Warmer en droger: een gevaarlijke combinatie. En zo gaat ze maar door. Het stukje over het glas is onderdeel van een hoofdstuk waarin ze onder meer met opdrogende T-shirts en frituurpannen de ins en outs van atoomstructuren vertelt. Hadden we maar op die manier natuurkunde op school gehad!

Gemak

Het gemak waarmee Czerski al die feitjes, natuurwetten en persoonlijke verhalen bij elkaar weet te houden verhult haar grote prestatie. Te weinig gekke verhalen, en haar boek zou een keurig natuurkunde-uitlegboek zijn geworden waarvan er zo veel op de markt verschijnen. En iets te veel over zichzelf en haar boek zou een ego-document zijn geworden, met als motto: kijk eens hoe leuk en slim ik ben. Zulke boeken verschijnen ook op de markt. Nu is het precies goed.